Vandaag zijn wij blij, omdat onze kerk zich op haar best toont: ze gedenkt kleine mensen en steekt ze in de hoogte.
Zo maakt ze waar wat ze gelooft en steeds luid verkondigt: dat God houdt van mensen, die in hun gewoon bestaan gewoon het goede doen.
Van harte sluiten wij aan bij deze lofzang. Ook wij steken al die mensen in de hoogte, die nooit werden bewierookt, die nooit in de bloemetjes werden gezet, die nooit met een fanfare opstapten in een stoet, die nooit een serenade kregen… omdat zij gewoon waren. En omdat weinigen wisten, waar zij woonden.
Vandaag erkennen wij het wonder van alle vaders en moeders, die het normaal vonden voor hun kinderen te zorgen. Van alle mensen, die het normaal vonden elke morgen en elke avond in de file te staan, die in weer en wind hebben gewerkt voor het dagelijks brood.
Vandaag zeggen wij, dat er poëzie steekt in het leven van al die mensen, die nooit een gedicht maakten. Dat er muziek steekt in het leven van die talloze mensen, die nooit een lied hebben gecomponeerd en zelfs nooit een noot hebben gezongen.
Zij leefden niet ván de glorie en ook niet vóór de glorie. Zij hebben alleen maar gesproken met kleine woorden. Het was bovendien nog dialect.
Maar ze waren zacht van gemoed. Ze treurden om kleine en grote ruzies, ze waren bereid om te vergeven, ze applaudisseerden voor het succes van de anderen. En ze hebben veel en stil geleden, omdat de mensen zo hard en genadeloos konden zijn. Zo waren zijzelf niet. En daarom deed het hun zoveel pijn.
Zij hadden een hart voor zoveel mensen op aarde, die zoveel moeten missen wat mensen nooit kunnen missen: erkenning, brood op tafel, genegenheid, een dak boven het hoofd en een balsem voor vele wonden. Zij hadden een hart voor datgene, wat onze lieve God wenst: dat mensen zouden open bloeien omdat ze allemaal uniek zijn, ook al krijgen ze nooit de Nobelprijs. Dat mensen mens zouden worden, en dat er ooit iemand - een lieve mens en een lieve God - zou erkennen en waarderen wat journalisten nooit zien: dat er ook zonder sensatie nieuws te rapen valt in het poetsen en het zorgen, in het treuren en het lachen, in het wassen en het koken van mensen, die alles voor anderen doen.
Vandaag zeggen wij, dat zij zalig zijn en dat zij op aarde iets tonen van Gods glimlach.
Vandaag mogen wij tot elkaar zeggen: verdraag de pijn van het leven, het is geboortepijn. En vier het leven: het is ons gegeven… om er blij om te zijn!…
Loflied voor gewone mensen
Feest · 1 november · Allerheiligen · wit