Beste dorpsgenoten,
Het kerstfeest herinnert ons er aan hoe en waar ons geloof begonnen is: in een stal of zo iets, met een pasgeboren kind dat werd neergelegd in een voerbak.
Van dat verhaal en van bijna alles wat er verteld is over de gebeurtenissen daarna, vragen steeds meer mensen zich af of dat nu Gods werk of mensenwerk is. Er worden in elk geval steeds meer vraagtekens bij gezet.
Als ik op het einde van een mis hier in onze kerk voor het altaar sta om te luisteren naar het slotlied, kijk ik altijd op naar de poster met de twee handen die de aardbol, met ons allemaal er op, voorzichtig omvatten.
Die twee handen kunnen we zien als het kribbetje, een voerbak, die niet alleen het kindje Jezus hebben omvat en beschut, maar die ook ons vasthouden, nog steeds. In die zin is er sinds die eerste kerstmis niets veranderd.
Wat bijbelgeleerden ook mogen zeggen, een ding kunnen ze mij niet afnemen: dat wat die twee handen mij beloven: dat iemand of iets om mij geeft door dik en dun, dat iemand mij met aandacht en tederheid vasthoudt.
Ik zou willen dat die poster een kerstkaart is, gestuurd naar ieder van u en dat die zich prent in uw hoofd en in uw hart: dat u niet bang hoeft te zijn hoe het afloopt met de kerk, of hoe het afloopt met ieder van ons of hoe het nu verder moet.
Die twee handen blijven, juist zoals het verhaal over het kribbetje en de herders blijft.
Die twee handen blijven vasthouden, blijven behoeden, zoals een wieg het kind behoedt.
Als we ons tussen die twee handen genesteld weten, dan zitten we goed. Tussen die twee handen mogen we ons altijd kind blijven voelen, mogen we onze angst en onze pijn toelaten, en toch het gevoel hebben dat we in goede handen zijn, letterlijk, en dat we veilig zijn.
Dat gevoel is nodig voor een gezond leven, niet alleen voor een godsdienstig leven. .
En zo wens ik u een Zalig Kerstfeest en plezierige feestdagen.