Maria tenhemelopneming (2003)

Feest · 15 augustus · Maria ten hemelopneming · wit

Het had niet veel gescheeld, dierbare gasten en parochianen van deze Kerk van Onze Lieve Vrouw Koningin van de Vrede; het had niet veel gescheeld of er was vanavond géén koor geweest bij de plechtige eucharistie-viering van het grootste feest van onze patrones. Goddelijk ingrijpen en dat van Marianne Ketel, die in dezen het instrument is geweest in Zijn hand, heeft zulks op het laatste moment weten te voorkómen; dat er vanavond geen koor zou zijn geweest … Het zou werkelijk geen pas hebben gehad … We hoorden zoëven in de eerste lezing, uit het eerste bijbelboek der Kronieken, over het overbrengen van de ark van het verbond naar Jeruzalem. Dat ging gepaard, zo hoorden we, met het aantreden van zangers, “met muziek-instrumenten, lieren, harpen en cimbalen, om feestelijke muziek te laten aanhoren.” Lieve mensen, dan kunnen wíj vanavond toch niet achterblijven …?

Waarom die lezing over die “ark van het verbond”? Wèl - in de gelovige bezinning èn verbeelding ís Maria, “de moeder des Heren”, in de loop der eeuwen daarmee in verband gebracht, met die “ark des verbonds”. Mozes, de grote profeet onder wiens geleide het volk Israël uit Egypte was getrokken; Mozes ontving boven op de berg Sinaï van God die twee stenen platen (“tafels”) waarop stonden gegrift de regels van het verbond dat God met Zijn volk aanging. U weet: toen Mozes van de berg afdaalde zag hij dat het volk inmiddels het gouden kalf aan het aanbidden was - waarop Mozes woest werd en de twee stenen platen kapot gooide. Zodat het nodig was om een tweede versie te krijgen. En díe werd toen opgeborgen in een fraaie kist. En dat was dus die “ark van het verbond”. Die platen waren heel heilig, het heiligste bezit van de joden. En de heiligheid van de platen ging over op de kist waarin ze werden opgeborgen; die werd bijna net zo heilig; heilig vanwege de inhoud ervan … Het volk trok door de woestijn, veertig jaar lang en de heilige ark ging mee … Het volk nam bezit van het beloofde land en later maakte koning David van Jeruzalem “de heilige stad”, de stad waar God aanwezig is en woont temidden van Zijn volk. En het was juist de ark van het verbond waardoor die “inwoning” van God werd gesymboliseerd. Vandaar de feestvreugde, die muziek en zang, waarmee de ark wordt ingehaald …

Toen ik vorig jaar november in Indonesië, op het hindoe-eiland Bali was, heb ik iets dergelijks gezien. Ik had geluk, want nèt in die periode werd het grootste hindoe-feest op Bali gevierd: “Galungan”. Op de vooravond ervan, de zon was al aan het dalen, zat ik met mijn reisgenote in een busje. Vanuit de bergen daalden we af naar de kust. Op een gegeven moment kwam ons vanuit de tegenovergestelde richting tegemoet een hele stoet prachtig uitgedoste, heel uitgelaten en ook soms een beetje melige jonge mannen. Ze hadden muziek bij zich en vooral: een grote kist. En later hoorde ik: daarin zaten goden-beelden. En vanuit hun dorp in de bergen waren deze mannen naar de zee gegaan om daar op de vooravond van het feest die godenbeelden in de zee te “wassen”. En nu waren ze op de terugtocht. Een zware tocht - vooral met die kist. Het zweet gutste de dragers van hun lichamen en de kist werd dan ook regelmatig door anderen overgenomen. En zo droeg de hele mannelijke bevolking, voor zover in de kracht van hun jaren, de heilige ziel en kern van de dorpsgemeenschap. Zoals gezegd: de scène leek erg op die in de bijbel.

In de katholieke kerk wordt dan María “de ark van het verbond” genoemd. Het is één van haar titels zoals die bijeen zijn gebracht in de zogenaamde “litanie van Loreto” die in 1576 voor het eerst werd gedrukt, maar die al oudere wortels heeft … Een aantal van die Maria-titels uit de litanie van Loreto is afgebeeld in twaalf ramen in de de smalle zijbeuken van onze kerk. “Ark van het verbond” is er ook bij (achteraan rechts, voor mij). Een mooie titel om haar betekenis in uit te drukken. Want Jezus van Nazareth, de Christus, is voor ons, de christenen, het heiligste, dé heiligste die wij hebben. Hij is voor ons de verpersoonlijking van alles wat van God komt. Hij is voor ons het hoogtepunt en het ijkpunt van de schepping: “Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van heel de schepping. Want in Hem is alles geschapen (…) Het heelal is geschapen door Hem en voor Hem; Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in Hem …” Zo dicht de brief aan de christenen van Kolosse (1, 15-16). Jezus Christus betekent voor ons: een nieuw verbond met God. Wat de stenen tafelen wáren is vlees geworden in Hem. En Jezus is geboren uit Maria. Zij heeft Hem rondgedragen, negen maanden lang - zoals eens in de ark van het verbond de stenen tafelen van het oude verbond werden rondgedragen …

Jezus spreekt de mensen toe. Ze luisteren. Ademloos. Zo stel ik mij dat voor. Wat gebeurt er met de mensen terwijl ze luisteren naar Jezus. Ik denk: die innerlijke leegte die er in hun (in óns) hart kan zijn - die verdwijnt. Luisterend naar Jezus worden mensen blij en gelukkig van binnen. Ze zijn “vol” van Hem. Eén vrouw staat op. Ze kan zich niet inhouden. Ze jubelt het uit: “Gelukkig de schoot die U heeft gedragen en de borsten waaraan U hebt gezogen.” “Inderdaad”, zegt Jezus, “gelukkig zij die het woord van God horen en het bewaren.” Wat nou “inderdaad”? Hij zegt toch iets ánders dan die enthousiaste, anonieme vrouw? Hij geeft toch duidelijk een draai aan haar woorden? Want zij heeft het over het lichaam. Over “schoot”, dat is: de hoek tussen het bovenlichaam en de dijen, waar het kind zit. Ze heeft het over borsten, waar het de moedermelk uit zuigt … Terwijl Jezus … Hij heeft het over het horen en bewaren van woorden … eerder iets “van de geest” zou je zeggen …

Ja, lieve mensen, maar dat is dus precies het mooie - van Maria in élk geval maar Jezus maakt het breder - ook wíj kunnen zijn als zij: er hoeft geen tegenstelling te zijn tussen lichaam en geest. Het hóeft geen oorlog te zijn tussen lichaam en geest. Rugpijn, buikpijn, hoofdpijn … kúnnen daarvan een teken zijn denk ik … dat er iets niet lekker loopt in die relatie tussen lichaam en geest. Het lichaam is wijs, wordt wel eens gezegd. Ook het lichaam spreekt een taal. Het geeft “signalen”. En je kunt daar maar beter naar luisteren … want anders gaat het mis, héél erg mis soms … En dat is niet nodig. “Lekker in je lijf” zoals we dat in de jaren zeventig noemden: het is mogelijk. De bovenkamer en de heupzône, het hart en het verstand - het kan in evenwicht, in harmonie zijn; ze kunnen vrede sluiten met elkaar zoals bij de profeet Jesaja (11, 6-7) de wolf en het lam samenwonen, de panter zich naast het bokje vlijt, het kalf en de leeuw samen weiden en de koe en de berin vriendschap sluiten … Mooi is dat als je het kruisteken goed maakt, dan worden boven en onder, kruin en edele delen, links en rechts tot één verbonden: héél de mens.

Maria was zo’n mens. Een héél mens. Een gaaf mens. Jezus, die door de evangelist Johannes “het Woord” wordt genoemd; zij heeft Hem in haar schoot ontvangen. En zij heeft Hem, dat Woord, gebáárd. En door de woorden die Hij sprak, kwam Hij opnieuw in haar en bleef Hij ook bij en in haar aanwezig - óók nadat Hij zo gruwelijk uit haar bestaan was weggerukt … Toen had zij nog altijd dat Woord dat Hij was en daarvan leefde zij. Totaal vergroeid was zij met dat Woord dat Hij was - zoals Hij ooit vergroeid was geweest met haar.

Iemand gaf mij ooit een sublieme tekst die komt uit de sfeer van de “AA”, van de “anonieme alcoholisten”. Er boven staat, in het engels, “watch” dat je kunt vertalen met “kijk” of met “kijk uit”, “pas op”, “let op”: “Let op je gedachten. Het worden woorden. Let op je woorden. Het worden daden. Let op je daden. Het worden gewoontes. Let op je gewoontes. Die worden karakter. Let op je karakter. Het wordt je bestemming.” Of: “het wordt je lot”, “het wordt je noodlot” - zo kun je dat laatste óók vertalen …

En daarom is het goed, veelgeliefden, om véél aan Maria te denken, om bij haar “te verwijlen” zoals dat zo mooi heet; om te kijken naar haar beeld, om de woorden van het “Wees gegroet” vaak in de mond te nemen en vol aandacht in alle rust uit te spreken … Het geheim dat zij in zich droeg - ze wil het met jou delen. In de omgang met haar word je door haar gevormd - naar Jezus toe. Met háár word je, in welk moeras je ook zit, door Hem aangetrokken en omhooggetrokken, met lichaam en ziel …

Zoeken in Preken Online