Verlangen vindt woorden

C-cyclus · Paastijd · 7e zondag van Pasen · wit

Jezus heeft zijn zending voltooid. Dadelijk zal Hij, na een kor-te doodsstrijd, ook de laatste beker drinken. Zijn lijden en dood zullen in de lijn liggen van heel zijn optreden: Hij geeft zichzelf tot het uiterste, uit liefde voor de mensen. Zo heeft de Vader het gewild. Bij zijn afscheid spreekt Jezus dat diepste geheim van zijn bestaan uit. Hij richt zich rechtstreeks tot zijn Vader. Dit hogepriesterlijk gebed is de intiemste bladzijde van de hele Schrift.

Wij mogen meeluisteren. Hier past alleen eerbied en schroom. Jezus bidt dat wij één mogen zijn, volmaakt één, zoals Hij en de Vader. Hij vraagt dat ook wij mogen zijn waar Hij is, dat wij zijn heerlijkheid zouden mogen aanschouwen en dat wij in de liefde van God mogen blijven.

Dat zijn de laatste woorden die Jezus uitspreekt in het bijzijn van zijn leerlingen. Het is als het ware zijn testament. Toch moeten we voorzichtig zijn met dat woord. Een testament bevat de laatste wilsbeschikking van de overledene. Als we dat gebed zo gaan lezen, maken we er een karikatuur van. Jezus heeft in de loop van de voorbije jaren ruimschoots de gelegenheid gehad om zijn wil bekend te maken. Hij heeft klaar en duidelijk gezegd wat Hij verlangt van wie Hem wil volgen. Als we nu ook nog die laatste woorden zo opvatten, dan komt het ongeveer hierop neer: Jezus wil dat zijn leerlingen na zijn heengaan geen ruziemaken. Om te laten aanvoelen hoe belangrijk Hij dat wel vindt, zegt Hij dat nog eens luidop, en wel in de vorm van een gebed. Wie het hogepriesterlijk gebed zo leest, maakt het helemaal stuk. Het gebed is geen plechtige vorm van morele aansporing.

Wanneer Jezus bidt, heeft Hij niet de bedoeling ons de les te lezen. Hier gebeurt iets heel anders. Wat dan wel? Jezus sluit zijn aardse optreden af door de diepste hunker van zijn bestaan onder woorden te brengen. En die is oneindig veel meer dan een reeks aanbevelingen aan ons adres, om goed te leven en geen ruzie te maken. Hij wil gezegd krijgen wat Hem altijd al bezielde. En Hij kan dat maar zeggen in woorden die tot zijn Vader gericht zijn. Want alleen de Vader zal Hem echt begrijpen. Omdat alleen de Vader een zo grote liefde kan delen met Hem.

Het kan ons alleen maar verbijsteren dat wij, mensen, zo helemaal in het middelpunt staan van die hunkering! Hoe is het mogelijk dat wij, arme stervelingen, de Vader en de Zoon zozeer ter harte gaan! Kan de liefde van God dan zo groot zijn? Zijn wij het echt wel waard dat zij, de Vader en de Zoon, zo met ons begaan zijn? Dat hun hunker ons over de verst denkbare grenzen wil brengen, tot in de liefde die hen beiden bezielt en doordringt? Ja, zo is dat. Wij zijn het voorwerp van hunker in God zelf. Het diepste geheim - en de moeilijkste opgave - van het geloof is: je laten opnemen in die hunker van God zelf.

Zoeken in Preken Online