Eenheid

C-cyclus · Paastijd · 7e zondag van Pasen · wit

Op dat kritieke ogenblik in zijn leven, als de menigte zich organiseert om hem te stenigen - en de jonge man Saulus zich belast met de zorg voor de garderobe - ziet Stefanus het plotseling helemaal. De hemel opent zich voor hem, zegt onze tekst, en hij ziet met eigen ogen Jezus in Gods glorie. Toen de hogepriester hem vroeg of hij werkelijk geloofde dat het einde van de tempeldienst gekomen was, praatte hij over dat alles min of meer theoretisch en wat abstract. Hij had hun een college in de theologie van de hele heilsgeschiedenis gegeven. Hij had hun uitgelegd dat die tempel eigenlijk nooit de bedoeling geweest was. Dat het bouwen ervan aanvankelijk op een misverstand berustte, en op den duur op koppige priesterlijke onwil. Dat God niet opgesloten, beperkt of geïsoleerd kon worden. Hij had uitgelegd hoe Gods Geest in allen - en zelfs in alles - is. Dat het geen kwestie van een groep of elite meer is. (Iets wat hogepriesters steeds moeilijk aanvaarden - het zou immers het einde van hun priesterschap betekenen.) Hij had hun koppigheid verweten: ‘Jullie verwerpen steeds de heilige Geest, zoals al je voorouders dat gedaan hebben. ‘ Ze waren toen woedend geworden, ze waren opgesprongen, en ze hadden hem de rechtszaal uitgesleurd om korte metten met hem te maken.

Nu staat hij buiten de stad in de open lucht. De aasgieren verzamelen zich al in de verte. Zijn moordenaars zijn bezig hun overjassen in te leveren bij Saulus, als hij het plotseling zelf met eigen ogen ziet: de hemel open en Jezus opgenomen in Gods glorie. Nu is het geen theorie meer maar praktijk. Plotseling schuift alles als het ware samen. De stukken vallen op hun plaats. Hemel en aarde zijn verbonden. Jezus is niet alleen daar in de hemel. Stefanus ziet hem immers hier vanaf de aarde. Onder Jezus’ invloed gaat deze wereld veranderen. De mensheid, de hele schepping, is één en verbonden met hem. Dat is het waarover hij met hen spreekt tijdens zijn laatste avondmaal in de tekst van Johannes. Dat hele gesprek gaat erover, hoe hij na zijn dood en verrijzenis hier op aarde onder en in ons aanwezig zal blijven. Stefanus vat het plotseling helemaal. Zijn geest is die van Jezus. En hij bidt, zoals Jezus bad: ‘Heer, reken hun deze zonde niet aan.’ Dat is een gebed om eenheid. In zo’n gebed zijn er geen vrienden en vijanden meer. De oorspronkelijk geschapen eenheid, waarvoor Jezus leefde, bad, stierf en verrees, wordt in Stefanus’ getuigenis gehandhaafd en recht gedaan. Het gevoel voor, en het weten van die eenheid komt in een dergelijke crisis en doodsnood vaak naar boven. Het is vaak op die rand van ons bestaan dat alles ineens duidelijk wordt. Jezus was hiervan een voorbeeld. Jezus is hierin niet alleen, ook Stefanus niet.

De voorbeelden uit onze eigen tijd zijn legio. Martin Luther King zei tegen de vijanden, die hem lieten neerschieten: ‘Doe met ons wat jullie willen, we zullen van jullie blijven houden. Gooi ons in de gevangenis en we zullen doorgaan met jullie lief te hebben. Stuur je gemaskerde terroristen midden in de nacht naar onze families, laat ze ons maar slaan en halfdood achterlaten, we zullen nog van jullie houden.'

Etty Hillesum laat in het kamp Westerbork niet toe dat angst of haat haar wereld verdeelt in vriend en vijand. Ze vindt in allen iets van God, zelfs in haar nazibeulen. Ze houdt de hele mensheid bij elkaar. Op een stuk bruin pakpapier, dat naast het lijk van een kind in het concentratiekamp Ravensbrück na de bevrijding gevonden werd, stond dit gebed geschreven: ‘O God, herinner u niet alleen de mensen van goede wil, maar ook die van kwade wil. Herinner u niet het lijden dat ze ons aangedaan hebben; maar herinner u de vruchten die wij voortgebracht hebben vanwege dat lijden, onze kameraadschap, onze trouw, onze nederigheid, onze moed, onze edelmoedigheid, de grootheid van ons hart die uit dat alles gegroeid is; en als ze bij hun laatste oordeel voor u staan laat dan de vruchten die wij voortbrachten hun vergiffenis zijn.’ Zij allen bidden zoals Jezus bidt. Zij allen blijven trouw aan zijn gebod: ‘Hebt uw vijanden lief’ Het is alleen zó, dat God Jezus’ gebed om eenheid verhoort. God die het immers ook laat regenen over de goeden en de kwaden.

Zoeken in Preken Online