Muis en rat

C-cyclus · Tijd door het jaar · 31e zondag · groen

Waarom klimt Zacheüs uitgerekend in een vijgenboom? We­gens zijn kleine gestalte moet hij inderdaad wel ergens de hoogte in om Jezus in de menigte te kunnen zien. In de stad Jericho stonden echter veel meer huizen dan vijgenbomen en al die huizen hadden dakterrassen die als uitkijkposten kon­den dienen. Maar neen, toch maar liever een vijgenboom. In vergelijking met een terras heeft een boom een groot voor­deel: je kunt in zijn dichte gebladerte schuilen. Daar zal Zacheüs Jezus kunnen zien zonder zelf gezien te worden. Of laat ik hier te veel mijn verbeelding werken?

Intussen blijft het wel waar dat Zacheüs nogal wat te ver­bergen heeft. Hij staat bekend als een zondaar. Bij het innen van de belastingen is er geregeld wat aan zijn vingers blijven plakken. Hij is er rijk van geworden en heeft er een slechte naam aan over­gehouden. Hij weet van zichzelf dat het alle­maal niet zo pluis is. Jezus’ komst in de stad maakt hem ook niet bepaald enthousiast. Hij is gewoon nieuwsgierig: ‘Hij wilde eens zien wat Jezus voor iemand was.’

Wist Zacheüs dat Jezus een prof eet was? Als dat zo is, valt nog beter te begrijpen waarom hij Hem wil zien zonder zelf gezien te worden. Zondige mensen lopen niet met open ar­men een profeet tegemoet. Ze stoppen zich liever weg, uit vrees voor het oordeel van de Godsman. Zoals Adam en Eva zich, na de zondeval, ook verstopten. Zondige mensen zijn bang voor God, want God is als het ware de uitvergroting van hun eigen knagend geweten. Zo kan Paulus zeggen dat de zonde niet de genade, maar de toom van God openbaart. Niets wijst erop dat Zacheüs op zoek is naar een vergevende God. Als hij al met God te maken heeft, dan eerder zoals de muis met de kat. De muis wil nauwkeurig weten waar de kat zit, om netjes uit haar buurt te kunnen blijven. Daarom verstopt Zacheüs zich in een vijgenboom.

Jezus zegt van zichzelf dat Hij gekomen is om te zoeken wat verloren was. Zondige mensen komen niet zomaar naar Hem toegelopen. Hij moet ze zelf gaan zoeken in hun schuilplaatsen. Zo gebeurt het ook hier, tot volslagen verrassing van Zacheüs zelf. Jezus roept hem niet op het matje, maar maakt van Zacheüs zijn gastheer. De man gaat daar ‘met vreugde’ op in.

We weten niet hoe het bezoek precies verlopen is. Nergens staat vermeld dat Jezus zijn gastheer eens flink aangepakt heeft. Zacheüs neemt blijkbaar spontaan het besluit om de helft van zijn bezit aan de armen uit te delen en eventuele afpersing viervoudig te vergoeden. Jezus is inderdaad niet gekomen om overal de zedenpreker uit te hangen. Hij moest Zacheüs niet wijzen op zijn misstappen, want die kende de man zelf maar al te goed vanuit zijn eigen geweten. Maar wie geeft de kracht om het inderdaad over een andere boeg te gooien? Die kracht geeft Jezus, die gekomen is om te redden wat verloren was. Hij komt niet om te berispen wie verkeerd doet, maar om heil te brengen…

Zoeken in Preken Online