Een jonge moeder vertelde ons: Een jaar lang ben ik elke dag, weer of geen weer, te voet naar de kerk gegaan om een kaars op te steken bij Maria en even te bidden. Ik heb geen dag overgeslagen.
En waarvoor al die inspanning? Toen haar eerste kind werd geboren, bleek het een groeiafwijking te hebben.
Het zou moeilijk kunnen lopen. Een jaar lang liep de moeder nu voor haar kind, elke dag een kaarsje als een smeekgebed om kracht en sterkte in die moeilijke situatie. Achteraf zegt ze: Het heeft me geholpen om met het kind alle pijnlijke behandelingen te doorstaan. Ik heb gedaan wat ik kon. De toekomst van mijn kind hing er immers vanaf.
Zo’n zelfde geloof én inspanning vinden we ook bij de weduwe uit het evangelie. Weduwe worden betekende in de tijd van Jezus: hulpeloos zijn, rechteloos, geen uitkering of welke hulp dan ook. Bovendien is deze weduwe nog overgeleverd aan een genadeloze tegenstander. Vermoedelijk wil hij winst slaan uit haar zwakke positie. Zij Iaat het er niet bij zitten en stapt naar de rechter. Maar ook hier treft zij het slecht: een man die zich om God noch gebod bekommert, Iaat staan om een rechteloze vrouw. Herhaaldelijk vindt hij de vrouw op zijn stoep. Waarschijnlijk heeft zij in alle toonaarden geprobeerd om hulp te krijgen: smeken, huilen, vragen, schreeuwen, drammen en zeuren. Volhouden is haar kracht, haar enige wapen. En het helpt! De rechter gaat door de knieën. ‘Enkel alleen, omdat deze vrouw mij eindeloos blijft plagen!’ Als zo de harteloze rechter al doet… hoeveel te meer dan God, die ons draagt in de palm van zijn hand?
Volhouden, blijven smeken en vragen is de boodschap. Maar wat te doen als je niet zo doortastend bent, als je twijfelt of moe wordt, als je het niet meer ziet zitten, omdat je krachten te kort schieten?
In het ziekenhuis trof ik een man aan in het midden van zijn leven. Het ging niet goed met zijn gezondheid. Een korte periode was hij thuis en dan werd hij opnieuw opgenomen. ‘Dus u bent van het geloof?’, zei hij. ‘Als u het zo noemen wilt’, antwoordde ik. Hij vervolgde: ‘Ik ben er veel mee bezig en denk vaak na over de dood en over daarna.’ En ineens: ‘Ik zou willen dat ik kon geloven in een hierna, dat er nog iets komt. Het zou me nu enorm helpen. Maar dat is het nu precies: ik kan niet geloven, al wil ik het nog zo graag.’ Een worsteling op leven en dood. Of noem het een gebed, een schreeuw om hulp: ik red het niet alleen, juist nu mijn leven er mee is gemoeid, zijn mijn krachten ontoereikend.
Op weg naar huis hield het me bezig. Ik dacht: misschien kan het geloof van ons samen hem dragen. Was ons geloof maar sterk genoeg om zijn twijfel te verminderen, zijn zwakheid te stutten.
Ook in het Mozesverhaal lees ik iets dergelijks. Dapper is hij aan zijn taak begonnen: Israël leiden in de richting van God, in de richting van het beloofde land. Mozes denkt het wel te klaren en sterk genoeg te zijn om het kwaad tegen te houden. Hij doet wat hij kan om de vijand (Amalek) de los-van-God-beweging, die het volk onderweg herhaaldelijk bedreigt, te weerstaan. Hij wendt al zijn geloofskracht aan om Israël voor God te behouden. Hij maakt een hemelbestormend gebaar! Maar Mozes raakt uitgeput. Hij schreeuwt zijn vrienden toe hem te helpen, het verlangen en de hoop van het volk mee te dragen. Het geloof van de hele gemeenschap is nodig om het kwaad te bestrijden. Als Israël dan uiteindelijk overwint en zich blijft keren naar God, is het niet de strategie of de gevechtstechniek van de manschappen, die voor de overwinning zorgen, maar Mozes’ geloof en de uiterste krachtsinspanning van zijn vrienden om dat geloof levend te houden. Geloof én inspanning in de richting van God zonder ophouden, dat weerstaat uiteindelijk alle kwaad en dreiging.
Daarom zegt Jezus: blijf volhouden, zoals de weduwe die haar recht zocht; zoals de moeder die een jaar lang liep voor haar kind. Blijf bidden alsof je leven, nee, ómdat je leven ervan afhangt. En als je het alleen niet redt, zoals de man in het ziekenhuis, zoals Mozes in het aangezicht van het kwaad, durf dan te rekenen op de steun van de gemeenschap, op de inzet en het geloof van allen. Wij als geloofsgemeenschap kunnen die zorg voor elkaar dragen…
Bidden... omdat je leven ervan afhangt
C-cyclus · Tijd door het jaar · 29e zondag · groen