Weet je wanneer een predikant de meeste reacties krijgt op zijn preek? Als hij het aandurft niet praktiserenden of ongelovigen als voorbeeld te stellen van een evangelische handelwijze. Een reactie komt zeker uit de groep van de trouwe kerkgangers, van mensen die de goede traditie respecteren. Is het niet waar dat men eigenlijk nooit een goed woord mag zeggen over mensen die er een andere levenswijze op na houden?
Jezus gebruikt de methode heel dikwijls: met lof spreken over andersdenkenden en vreemdelingen. In zijn confrontatie met hen ‘die overtuigd van eigen gerechtigheid de anderen minachten’, heeft Hij dan ook de grootste moeilijkheden gehad. Het is ook opvallend dat Lucas, de enige niet Jood onder de evangelisten, vooral deze taferelen vermeldt. Denken we aan de eerste predikatie van Jezus in de synagoge van Nazaret. Daar zegt Hij: ‘toen er een grote hongersnood uitbrak waren er veel weduwen in Israël en toch werd alleen de weduwe van Sarepta in Sidon van brood voorzien. En in de tijd van Elisa waren er in Israël veel melaatsen en toch werd niemand gereinigd dan Naäman, de Syriër.’ Zijn toehoorders werden woedend en dreven Jezus buiten. de stad om Hem in de afgrond te storten.
Zo spreekt Lucas ook over de barmhartige Samaritaan. Hij wordt als voorbeeld van naastenliefde aangeprezen en niet de priester of de leviet, twee trouwe verdedigers van de tempel en van de wet.
In dit evangelie hebben we weer hetzelfde voorbeeld. Tien melaatsen roepen tot Jezus om gereinigd te worden. Negen ervan gaan gereinigd naar de tempel terug, maar één komt terug om Jezus te danken, en… dat was nog wel een Samaritaan waarmee de Joden geen contact wilden hebben.
Zo wil Jezus er voortdurend op wijzen dat bij God geen onderscheid van personen bestaat, dat Hij nooit mensen zal uitsluiten op grond van ras, cultuur of godsdienst. Jezus geneest op de sabbat, raakt de melaatsen aan, eet met de zondaars om aan te tonen dat niet de wet of de cultus op de eerste plaats staan, maar wel de mens en vooral de gebroken mens.
Vraagt dit van ons allen niet een eerlijke bezinning? God heeft geen lievelingskinderen en evenmin stiefkinderen. Bij God zijn alle mensen gelijk, of ze nu een zwarte, gele of blanke huidskleur hebben. Hij discrimineert niemand. Voor Hem bestaan geen vreemdelingen en geen grenzen. Als wij willen leven als kinderen van God vraagt dat van ons een grote verdraagzaamheid en een solidariteit over alle mensen heen. Wij mogen God danken en prijzen in de kerk, maar dat is alleen God waardig als wij ook in het dagelijks leven op Jezus gelijken en zijn voorbeeld volgen. Dat is een zware opdracht vooral in deze tijd, waar mensen tussen elkaar zoveel muren optrekken en landen zoveel grenzen sluiten. Toch zou de wereld met de zienswijze van Jezus zeer gebaat zijn. Hoeveel bloed wordt er vergoten omdat mensen niet als broeders willen samenwonen? De enige weg naar de vrede is: geen discriminatie op welk vlak ook, maar integratie.
Het heil is voor alle mensen
C-cyclus · Tijd door het jaar · 28e zondag · groen