In het evangelie van Lucas volgt dit verhaal van Marta en Maria onmiddellijk op de parabel van de barmhartige Samaritaan. In die parabel zegt Jezus dat de kern van het christendom neerkomt op iets te ‘doen’: ‘doe’ dat en je zult leven! En hier, in dit evangelie, schijnt Jezus aan Marta een verwijt te maken dat zij Hem met zoveel zorg bedient en geeft een pluimpje aan Maria, die niets doet dan zittend te luisteren naar zijn woord. Je kunt je dan ook met recht afvragen waarom Lucas deze twee verhalen, die eigenlijk tegenstrijdig zijn, zo vlak achter elkaar plaatst.
Lucas heeft heel bewust willen zeggen dat het christendom van een kant gericht is op de nood van de medemens, maar evenzeer op het luisteren naar Gods woord, het vraagt naar daden van dienstbaarheid maar ook naar momenten van bezinning. Heel het christendom is naastenliefde, maar ook godsliefde.
In Marta en Maria zien wij twee levenshoudingen, die niet tegenover elkaar staan, maar wel elkaar aanvullen: naar gelang de omstandigheden moeten wij de handen vouwen tot gebed en openen voor de nood van de anderen. In het luisteren naar Gods woord moet de gelovige de kracht vinden om de naaste te dienen. Dat bewijst de christelijke ervaring: de grootste helden van de naastenliefde waren mensen van gebed.
Toen pater Damiaan in 1889 op Molokaï gestorven was, werden in de straten van Parijs overal plakkaten opgehangen met de tekst: ‘Ongelovigen gevraagd om de plaats van pater Damiaan te gaan innemen’. Het is natuurlijk overbodig te zeggen dat niemand zich meldde. Waar vinden in onze tijd Moeder Teresa en haar zusters de nodige kracht voor hun werk in de krottenwijken tenzij in het gebed?
En als Jezus ons vandaag zegt: ‘Marta, Marta, je maakt je zorgen om heel veel dingen, maar het noodzakelijke vergeet je’, dan is dat een pleidooi voor de binnenkant van het leven, dan verwijst de Heer naar het vitale gedeelte van het bestaan. Wij moeten weer leren luisteren naar de binnenkant van het leven. Je kunt je zozeer in beslag laten nemen door de alledaagse zorgen, dat je geen oog meer hebt voor de diepere waarden van het leven. Vriendschap, liefde, geborgenheid, vrede, dat zijn waarden die wij door werken niet kunnen verwerven, ze worden ons door anderen geschonken, als wij daarvoor ons hart willen openstellen. En toch, deze zachte waarden, maken de kern van ons geluk, van ons menszijn uit. Deze houding van lege handen en een open hart, behoort tot een volwassen geloofshouding.
Op sommige dagen of momenten zal de actieve rol van Marta een sterker accent krijgen, dan weer zullen wij zoals Maria de behoefte hebben om ons helemaal open te stellen voor het woord van God. Als de Heer ons aanspreekt, dan is dat het enig noodzakelijke en wie Gods wil volbrengt, hoe die zich ook openbaart, heeft het beste deel verkoren.
Moeder Teresa zegt hetzelfde, maar in andere woorden: ‘De vrucht van het gebed is het geloof, de vrucht van het geloof is de liefde en de vrucht van de liefde is het dienen’…