Het verhaal van Martha en Maria is een gevaarlijk verhaal gebleken. Wij hebben er een tegenstelling in gelezen tussen actie en contemplatie. Met een duidelijke afwijzing van de actie ten voordele van de contemplatie. Zo heeft het gedurende eeuwen gefunctioneerd als een goedkoop maar foutief cliché. In de opvoeding in scholen en kloosters werd de tegenstelling gretig gehanteerd. Wij herinneren ons nog de strenge novicemeesters en de geestelijke directeurs. Ze waren vaardig om ‘het beste deel’ aan te prijzen en ons het schaamrood te bezorgen als we maar tot actie in staat waren. Zo was ik in het noviciaat plots stukken beter dan mijn vader en moeder die me daar hadden gebracht!?! Dat kan toch niet de waarheid zijn.
We lazen het dus verkeerd. Maar dat is wel een klein beetje zo omdat Lucas de tegenstelling hard heeft gemaakt en… omdat wij ons aan zijn stijl hebben laten vangen. Hij bedoelde namelijk iets anders.
Hij bedoelde een antwoord te geven op een zeer cruciale vraag: wat moet ik doen om het leven te verwerven? Als je gelovig bent, leef je met die wezenlijke vraag. Nu geeft Lucas daar twee verhalen over: de barmhartige Samaritaan en Martha - Maria. Samen te lezen alsjeblieft! Dat doen we dus vandaag niet. Zodat de liturgisten ons, na Lucas, ook al op een dwaalspoor zetten. De twee verhalen horen bij elkaar. Zo pas is er een antwoord op de vraag: wat moet ik doen om het eeuwig leven te verwerven? De barmhartige Samaritaan wordt geloofd en geprezen, Maria ook. Maar wat doen we dan met Martha? Ze doet toch wat bij die Samaritaan goed was? Ze doet toch wat in de eerste kerk werd gevraagd? Ze was een vrouw van de diaconie, van het bedienen? Een soort vrouwelijke diaken? Zij deed dus wat de leerling doet: zij ging langs om te bedienen. Ze werd er alleen maar te zeer door in beslag genomen. Ze vergat iets wat de leerling ook behoort te doen: ze las niet in de heilige boeken, ze nam geen deel aan het onderricht van het Woord. Dat doet Maria wel. Maar dat is uniek dat is zelfs revolutionair. Een vrouw ging niet als leerling aan de voeten zitten. Ze was daarvan uitgesloten. Maria ging staan - of liever zitten - op een mannenplaats. Zoals Martha een vrouwelijke diaken was, zo werd Maria een vrouwelijke verkondiger. Dat behoort in de kerk samengehouden te worden. Zo staat de kerk juist afgestemd op de bedoelingen van het Rijk Gods. En dat nu uitgerekend twee vrouwen daarvoor model staan, maakt het verhaal zo sterk. Feministen zouden dit stuk best niet overslaan… Ze worden hier allebei de hoogte in geprezen. Alleen, ook vrouwen mogen niet eenzijdig zijn. Ook een diaken moet zitten aan de voeten van de Meester en zich voortdurend laten onderrichten. Anders wordt hij door het goede in beslag genomen. En dan is het goede niet meer goed. Ook het goede doen kan een obsessie worden, een verslindende en verblindende bezigheid. Een mens kan zijn ziel voorbijlopen op de weg van het goede. Dat deed Martha blijkbaar.
Ik ben niet boos als ik het zeg, maar het intrigeert me toch: heeft Maria nadien ook leren bedienen? Want een leerling kan ook in het woord zijn ziel voorbijlopen!
Het beste deel kiezen is niet kiezen voor één van de twee, maar kiezen voor allebei…