Bijbelse geschiedenis (2006)

C-cyclus · Advent · 4e zondag van de Advent · paars

Broeders en zusters in Christus,

U kunt zich waarschijnlijk nog wel herinneren dat vroeger op de lagere school vaderlandse en bijbelse geschiedenis gegeven werd. Figuren als Floris V, Karel V en Willem van Oranje passeerden de revue. Verhalen over de tachtigjarige oorlog, stadhouders, koningen en veldslagen. En in Europa de geschiedenis van keizers, koningen en pausen, kortom de wereldlijke, politieke en kerkelijke macht door de eeuwen heen. Karl Marx zegt dat de tot dan toe geschreven geschiedenis er een is van de heersende klasse. De historie ging over de machtigen en werd in opdracht van hen geschreven, ter bevestiging en rechtvaardiging van hun positie. Daarbij werden gebeurtenissen vaak mooier gemaakt dan ze waren of helemaal verzwegen. Holland was trots op zijn Gouden Eeuw en zijn handelsimperium, maar verzweeg liever hoe de rijkdom door de V.O.C. vergaard was. In de negentiende eeuw leverde Multatuli in zijn boek " Max Havelaar " al kritiek op de misstanden in Nederlands-Indië, met name de uitbuiting van in de inlandse bevolking.
Pas in de twintigste eeuw ontstaat, mede door de opkomst van de arbeidersbeweging een meer kritische kijk op het verleden en interesse voor het leven van de “gewone man” . En dit is ondanks de rijkdom van een land meestal een geschiedenis van armoede en onrecht.

Er was op school ook bijbelse geschiedenis die niet zoveel verschilde van de lessen over de vaderlandse geschiedenis. De verhalen speelden alleen wat langer geleden en dan in Israël. En er twijfelde niemand aan dat al die bijbelse verhalen net zo werkelijk gebeurd waren als de geschiedenis van ons land. De bijbel werd dan ook beschouwd als een boek over de geschiedenis, van kaft tot kaft waar, werkelijk gebeurd.
Wij weten hopelijk nu beter. In de bijbel speelt de gewone politieke geschiedenis zeker een rol, maar tenslotte gaat het om een andere geschiedenis dan die van jaartallen. In de bijbel staan verhalen van mensen die vanuit de religie kijken naar hun eigen leven en de wereld om hen heen. Als we niet vanuit een gelovige achtergrond naar de wereld kijken, dan zien we alleen maar oorzaak en gevolg, het recht van de sterkste, het lot van de dingen : opkomen, blinken en verzinken.

De schrijvers van de bijbel hebben in hun leven ervaren dat er ook een andere geschiedenis is namelijk de geschiedenis die God met mensen maakt. God sluit een verbond met mensen. Binnen dat verbond moet de schepping begrepen worden als het ideaal dat God voor ogen staat. De eerste hoofdstukken van Genesis als een opdracht : zo zou het moeten zijn. God heeft in de overwinning van de chaos en de duisternis, aan ons de mogelijkheid gegeven te werken aan de heelheid van de schepping. Omdat daar niet zoveel van terecht gekomen is, maakt God een nieuw begin met de tweede Adam, Jezus.

Omdat God een nieuw begin wil maken, neemt Hij alleen het initiatief. God openbaart zich aan twee vrouwen, Elizabeth en Maria. De eerste, onvruchtbaar en te oud voor het krijgen van nageslacht en Maria nog te jong. En toch wordt hen een zoon beloofd.
In het O.T. is niets zo belangrijk als het hebben van mannelijk nageslacht, de traditie van vader op zoon. God doorbreekt die traditie. Niet uit de kracht van een man, maar uit de kracht van de adem van God, de Heilige Geest, wordt Adam gevormd. En daarom wordt Maria, ook vervuld van de Heilige Geest om de tweede Adam te ontvangen. Het nieuwe begin dat God maakt, zijn genadeaanbod, kan niet afhangen van mensen. Zacharias en Jozef worden op een bepaalde manier buitengesloten. Door het gelovig aanvaarden van deze wonderlijke situatie, mogen zij met hun vrouw deelgenoot zijn van een groot geheim.

Als Maria bezoek krijgt van de engel, hoort zij ook dat haar nicht Elizabeth al zes maanden zwanger is. Maria gaat haar direct bezoeken. Als Maria Elizabeth begroet, springt de kleine Johannes al op in de schoot van Elizabethen wordt zij vervuld van de Heilige Geest. Bij het uitstorten van de Geest hoort het spreken in profetische taal. Elizabeth zegt de woorden die in het “Wees gegroet” gekomen zijn: gezegend zijt gij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van uw schoot. Elizabeth cijfert zichzelf weg en richt al haar aandacht op Maria en haar kind. Ook maakt Johannes als wegbereider van Jezus, zich in de moederschoot al merkbaar bij de groet van Maria.
Elizabeth noemt Maria zalig, omdat ze geloofd heeft in de belofte van de Heer. Maria wil open staan voor dat woord en het aan haar laten gebeuren. God doet immers geen loze beloftes. Geen woord dat van God komt, zal krachteloos wezen. Daarom zegt Maria : mij geschiede naar uw woord.

Deze dagen zullen we vaker het woord “geschieden” horen. En het geschiedde in die dagen dat er een bevel uitging vanwege keizer Augustus, dat het hele rijk moest worden ingeschreven. Binnen de wereldgeschiedenis van machthebbers, breekt de geschiedenis van God baan, met eenvoudige, arme mensen die op weg gaan en voor wie geen plaats is in de herberg. Omdat God solidair wil zijn met de armen en verdrukten, wordt zijn Zoon als teken van die solidariteit in een armoedig achterafje geboren.
Kerst is geen feest van uiterlijke schittering, maar van het licht van het geloof dat we zien bij Elizabeth en Maria. In het Magnificat getuigt zij hoe God zijn woord van gerechtigheid laat gebeuren. Hij heeft machtigen van de troon gestort en eenvoudigen verhoogd, hongerigen heeft Hij met goederen vervuld en rijken heeft Hij ledig weggezonden. Op deze wijze zal Jezus de gerechtigheid leven.

Stel u voor dat Jezus met de trein naar Amsterdam komt en het Centraal Station uitkomt. Waar zou Hij dan het eerste heengaan ? Niet naar de St.Nicolaaskerk. Het goede antwoord zou moeten zijn: naar de synagoge. Maar dat geloof ik ook niet. Ik denk dat Hij zich zal bekommeren om de zwervers en daklozen bij het station, om hen voor wie geen plaats is in Nederland en die wachten op hun uitwijzing. Gelukkig zijn er mensen die zich voor hen inzetten, maar het wordt hen vaak niet in dank afgenomen, zoals het Jezus ook niet in dank is afgenomen dat Hij omging met randfiguren van de maatschappij en een kritische stem liet horen tegen de machtigen.
Gerechtigheid kan alleen geschieden als we verder willen kijken dan de geschiedenis van de heersende klasse en het denken in onpersoonlijke systemen. Als we willen luisteren naar de levensverhalen van gewone, kleine mensen met hun problemen en zorgen.
Kerst zal een feest van bescheidenheid moeten zijn. Dat geldt ook voor de kerk die vaak aan de kant van de machtigen staat en grote rijkdommen verworven heeft. Ook voor haar geldt: rijken stuurt Hij heen met lege handen.
De kerk mag Kerst vieren als ze ook werkelijk een kerk van de armen wil zijn. Jezus is niet als een vorst, maar als een dakloze in deze wereld gekomen, waarin nauwelijks plaats voor Hem was. Hij is geen koninklijke weg gegaan van macht en aanzien, maar heeft wel een spoor van gerechtgheid achtergelaten. De Engelse theoloog Newman heeft het zo prachtig gezegd in zijn lied:

O hoogt’ en diepte, looft nu God,
Aanbidt zijn heiligheid!
Zijn woord werd nimmer nog gepeild,
Zijn weg is majesteit

Zoeken in Preken Online