Koningschap

C-cyclus · Advent · 2e zondag van de Advent · paars

Het evangelie van vandaag begint met slecht nieuws. Het lijkt op het begin van een linksgeoriënteerde televisiedocumentaire over een Derde Wereldland. Het land is bezet door vreemde troepen. Een corrupte dictator, keizer Tiberius, regeert met harde hand. Het Romeinse bezettingsleger staat onder commando van een gefrustreerde legercommandant Pontius Pilatus. De plaatselijke collaborerende marionet is Herodes. De verraderlijke en onbetrouwbare godsdienstige leiders heten Annas en Kajafas. De onderdrukte bevolking betaalt hoge belastingen aan tempel en bezettende regering om ze in stand te houden.

Het is de wereld die Johannes uitgetrokken was toen hij de woestijn binnentrok. Het is de wereld die Johannes intrekt als hij de woestijn uitkomt. Er was hem in die woestijn iets overkomen. Hij was die eenzaamheid ingetrokken om God te vinden en om aan de wereld te ontsnappen. Ook Johannes werd bekoord om in de barheid van de tijd waarin hij leefde zich terug te trekken op zichzelf. Hij en God. Het was hem gelukt. Hij had God gevonden, of beter misschien: God had hem gevonden. Het woord van God was over hem gekomen. Niet alleen dat woord, maar ook iets anders. Dat andere waar de profeet Baruch het over heeft in de eerste lezing: de barmhartigheid en liefde van een God die ons tot onszelf wil brengen en die ons de naam Vrede door gerechtigheid wil geven. Johannes had het daar moeilijk mee.

Bijbeluitleggers zoals bijvoorbeeld Edward Schillebeeckx, die de woorden en intenties van Johannes tot en met hebben geanalyseerd, zijn het er over eens dat Johannes een onheilsprofeet was. Misschien zelfs wel van nature. Hij zou het liefst het einde hebben aangekondigd. Het einde van deze wereld en de hele menselijke ellende. Johannes is daarin niet alleen. Je vindt meer van die mensen. Zo ontmoette ik eens een heel vriendelijke, oudere kloosterzuster. Ze zat naast me in een autobus en we begonnen te praten. Toen we elkaar een beetje beter kenden, zei ze dat ze niet begreep dat God geen einde aan de wereld maakte. Het was in dat gesprek heel duidelijk, dat als zij God was, ze het wel zou weten. Ze zou nooit dat eindeloze goddelijke geduld op kunnen brengen. Zij zou ingrijpen en er zonder meer een einde aan maken. Ik vroeg haar waarom ze dat zo aanvoelde, en ze gaf een beschrijving van de wereld, zoals we die aantroffen in het begin van het Lucasevangelie vandaag: een wereld vol geweld en religieus en politiek wanbeheer.

In de dertiger jaren, toen de depressie op haar dieptepunt was, liep er op Broadway een show getiteld Green Pastures. Het werd in die hopeloze jaren 1.635 keer gespeeld, tot de man die de rol van God speelde - de zeventigjarige Richard Berry Henderson - tijdens een voorstelling in elkaar zakte en stierf. Het werd zo vaak gespeeld, omdat het een bron van hoop en inspiratie was. In dat stuk is het de aartsengel Gabriël die keer op keer, geconfronteerd met de ellende en de zondigheid op de wereld, zijn bazuin pakt en God vraagt: ‘Mag ik nu op mijn bazuin het eindsignaal geven?’ Telkens weigert God.

Johannes zou die melodie graag exclusief geblazen hebben. Dat is wat hij wilde aankondigen. Hij kondigde het ook aan. Hij sprak van een bijl die al aan de wortel van de levensboom lag, over een vuur dat alles zou verbranden, over een wan die de hele zaak uit zou ziften, maar hij moest ook spreken van Gods redding die de hele mensheid zal zien.

God zat hem steeds weer dwars. Hij kon er niet aan ontkomen. Johannes stond op de drempel tussen het oude en het nieuwe. Hij stond daarbij op de tocht. Hij roept anderen op om over die drempel heen te stappen. Zelf komt hij die drempel niet over. Hij helpt zelfs Jezus die drempel over. Niet alleen de drempel tussen het oude en het nieuwe, maar ook de drempel tussen diens rustige leven in Nazaret, en de politieke en religieuze spanningen in zijn wereld. Jezus werd door Johannes op pad gezet. Hij zou de privacy van Nazaret net zo min terugvinden als Johannes de woestijn. Juist als zovelen onder ons, eenmaal gegrepen door het nieuwe, het vertrouwde oude verloren hebben.

Zoeken in Preken Online