Voor mensen die houden van precieze informatie is Lucas vandaag een welkome informant. Hij informeert ons op betrouwbare wijze over wat met Jezus is geschied. Hij bericht ons over de plaats en de tijd van het begin van het christendom. Dáár, op die plaats, toen, op dat tijdstip, is het allemaal begonnen. Voor mensen die het vak geschiedenis hoog waarderen, is dit zeer belangrijk. Ze zullen Lucas eeuwig en altijd dankbaar mogen zijn voor deze ietwat plechtige maar correcte en concrete mededeling.
Dat leert ons veel over wie Jezus is. Jezus is geen uitgevonden wazig-religieus fenomeen. Hij heeft echt bestaan. Hij is ergens in de tijd en ergens op een plaats op onze planeet verschenen. Ernstige geleerden plaatsen daar vandaag ook geen vraagteken meer bij. Hij is verifieerbaar in onze geschiedenis binnengetreden. Wij praten dus niet over een hersenschim of over een sprookjesfiguur. Jezus is geen tijdloze creatuur.
Dat leert ons wellicht nog meer over wat bijbel is. Bijbel is zoveel. Bijbel is boodschap. Bijbel is getuigenisliteratuur. Bijbel is een lang verhaal van trouw en ontrouw. Bijbel is met woorden zeggen wat onzegbaar is. Waar dat schamele pogen gebeurt, is God ons, paradoxaal, het meest nabij. God is het grote heilige geheim dat zijn woning heeft in de zone waar onze woorden onfeilbaar falen. Dat hebben religieus bewogen mensen altijd als uitgangspunt genomen. Dat getuigt van hun ernst. Toch geloven zij allen dat God geen fantasie kan zijn, noch het maaksel van onze grillige verbeelding. Als Hij echt bestaat, moet dat ‘ergens’ zichtbaar en voelbaar worden. Mensen met dieptezicht, mensen die kijken met een dubbele focus, mensen met feeling voor de derde dimensie, zullen hier en daar, af en toe, iets van Zijn verschijnen in onze geschiedenis proeven. Dat doet onder meer Lucas vandaag in zijn boek dat wij het derde evangelie noemen.
In Jezus is iets van God verschenen. Mensen die God zochten, hebben het met zeer grote overtuiging zo bevonden. Gods geheim is voor hen niet geheimzinnig. Hij die woont in een ontoegankelijk licht, werpt af en toe licht op ons duistere bestaan. Mensen die niet in madame soleil maar in Gods ernst geloven, mogen zo een spoor van Zijn nabijheid noteren. Zoiets doet Lucas vandaag. Hij voert Jezus op. Op het toneel van de mensen. God is dus niet enkel onzichtbaar. Hij is ook ontmoetbaar, als dat onmogelijke Nederlandse woord voor één keer mag bestaan. In Jezus is God tot menselijkheid gekomen. Op een bepaalde plek.
Vandaar de vele technische namen in dit stuk: Tiberius, Pilatus, Lysanias, Annas en Kajafas. Toen is God op ons toneel verschenen. Voor de zoveelste keer. Want laten we wel wezen, dat is al herhaalde malen geschied. Vele mensen waren herhaalde malen blind voor Gods verschijnen op aarde. Lucas hoopt dat dit grote zichtbare teken van Jezus eindelijk begrepen wordt. Vandaar zijn technische verantwoording. Hij heeft de stille (of luide?) hoop dat mensen eindelijk zullen geloven dat Gods spreken geen loos fabeltje is. Altijd opnieuw wil het ons onze vermoeide ogen openen. Jezus is een concreet mens. En Lucas is een betrouwbare auteur.
Geloven heeft grond onder de voeten.