De kleurentelevisie zal wel zijn langste tijd gehad hebben. Er moet wat anders komen. We hebben een tijdlang zwart-wit gekeken. Dat was toch niet echt genoeg. Toen gingen we kleuren kijken. Dat was iets echter. Maar nu wordt het tijd dat we driedimensionaal gaan kijken. Dus dat we niet alleen de hoogte en de breedte zien, maar ook de diepte. Want zoals het nu is kun je bij voetbal niet zien of de bal nu van links naar rechts gaat, of dat hij schuin naar je toekomt. Nee, we moeten naar de derde dimensie toe. Zo is het bij de radio ook gegaan. Eerst zaten we naar één luidspreker te luisteren. Toen kregen we stereo, en nu kamerbrede weergave. Alles moet lengte, breedte en diepte hebben wil het tenminste echt zijn.
Dat is nu precies de boodschap van Jezus in het evangelie. Echte christelijke liefde moet driedimensionaal zijn. Wij moeten anderen liefhebben niet alleen in de lengte en de breedte, want dan zijn we pas alleen maar over landsgrenzen heen. Dat betekent pas het einde aan rassendiscriminatie. Iedereen liefhebben, zwart of wit, rijk of arm, christen of niet-christen: dat onderschrijft ieder weldenkend mens in de wereld. Rassendiscriminatie is belachelijk. Nee, de liefde die Christus bedoelt gaat ook in de diepte. Die omvat niet alleen alle mensen, die gaat niet alleen in de lengte en in de breedte, maar die gaat ook in de diepte. Dat is wezenlijk voor christelijke liefde. Christelijke liefde geeft zijn leven voor zijn vrienden. Dat is de diepte die Jezus bedoelt. Zo heeft Jezus ons liefgehad. En nu zegt hij tot ons: dit is mijn gebod, dat ge elkaar liefhebt, zó als ik u heb liefgehad. Dat is driedimensionale liefde. Dat is onze opdracht. Zo behoren christenen te zijn.
Nu zijn er heel wat mensen, die niet kerkelijk meer zijn, omdat ze zich ergeren aan liefdeloze praktijken van kerkmensen, van hoog tot laag. Wij kunnen daarvoor alleen maar excuus maken. Misschien moeten we zeggen: we kennen het ideaal, we willen het ook wel, maar we weten niet hoe.
Er is al vaak gezegd: hebt elkander lief, zoals ik u heb liefgehad. Maar hoe moet dat dan? Wij kunnen alleen maar liefhebben, wat beminnenswaardig is. Nu heeft iedere mens aan wie wij een hekel hebben een heel stel vervelende eigenschappen. Die kun je dus onmogelijk liefhebben. En hoe meer wij daar naar kijken, hoe moeilijker het wordt. Maar die mens heeft ongetwijfeld ook goede kwaliteiten. Als wij daar nu naar kijken, en als wij die ander daarin bevestigen gewoon door eens wat waardering te laten blijken, misschien kan ons dat helpen die andere mens te beminnen.
Er is nog iets. Wij moeten ons niet laten beïnvloeden door het negatieve oordeel van anderen. We weten allemaal hoe fnuikend dat werkt. En hoe frustrerend dat is. Er zijn mensen die een hekel aan ons hebben enkel en alleen omdat er over ons geroddeld is. Omdat er voetstoots wordt aangenomen dat het waar is wat boze tongen over ons vertellen. Zo zijn er wellicht ook mensen aan wie wij een hekel hebben terwijl wij die mensen nog nooit hebben ontmoet. Gewoon omdat we beïnvloed zijn door het negatieve oordeel van anderen. Laten wij ons niet in de luren laten leggen door geroddel. Maar laten we zelf kijken hoe en wie die ander is.
Dus samengevat: kijken naar het goede in een ander. Zelf kijken en dan een oordeel vormen.
En tenslotte: Wij bidden straks voorbeden. Als we ze goed bidden helpt dat ook.