Eigenlijk is het doodjammer dat wij het evangelie alsmaar in stukjes knippen. We laten een evangelist nooit eens helemaal uitpraten. Want zo gauw die man even ademhaalt voor de volgende zin zitten wij er al tussen met de zin: ‘Tot zover deze lezing’. Het gevolg is dat niemand van ons enig idee heeft wat Jezus op een gewone werkdag zo allemaal deed. Toch was Marcus ons aan het vettellen hoe een normale werkdag er bij Jezus uitzag. Vorige week begon Marcus dat te vettellen. Maar hij kreeg weer niet de kans zijn verhaal af te maken.
‘s Morgens vroeg ging Jezus naar de synagoog. Duidelijk met de bedoeling daar mensen te ontmoeten. Hij ontmoette er iemand die bezeten, of verslaafd was, want dat is precies hetzelfde. Bezeten zijn wil zeggen dat je in het bezit bent van iets of iemand, dus dat je slaaf bent van iets of iemand. Jezus vindt dat afschuwelijk. Hij helpt die man van zijn verslaafdheid af. Dat is het eerste wat hij deed.
Hij heeft ook nog gesproken met mensen. Waarover vertelt Marcus ons niet. Maar wel dat hij sprak als iemand die gezag heeft, dus als iemand die iets te zeggen heeft. Want dat is het enige echte gezag. Daarna ging Jezus de synagoog uit. En daar begint ons evangelieknipseltje van vandaag!
Hij loopt met Petrus mee naar huis. Want de schoonmoeder van Petrus was ziek. Ze had koorts. Hij laat die vrouw verrijzen. Opstaan, staat er, maar dat betekent verrijzen. Hij roept haar tot nieuw leven. En dat nieuwe leven blijkt te bestaan in dienen. De mensenzoon is immers gekomen om te dienen. Dat is een ervaring van veel mensen die ziek zijn geweest. Wie zijn gezondheid terugkrijgt, wie op een of andere manier tot verrijzenis komt, blijkt ineens te beseffen wat gezondheid is. Gezondheid is zoiets geweldigs. Vandaar dat menige zieke zegt: als ik weer gezond ben zal ik het echt anders gaan doen. Dat had die schoonmoeder van Petrus ook door. Zij ging dienen; ze liet anderen profiteren van haar gezondheid. Daarna kwamen er veel mensen naar Jezus die ziek waren. Een echte polikliniek. Mensen met allerlei kwalen werden door Hem genezen. Dat wil zeggen: ze werden weer gezond; ze stelden hun gezondheid in dienst van anderen. Dat is gezondheid.
Met dat al was het avond geworden. Jezus gaat dan naar een eenzame plaats om te bidden. Dat is het slot van de dag. De dag van een kerngezonde mens. En die dag had bestaan uit: mensen opzoeken. Mensen bevrijden van verslaafdheid, welke dan ook. Mensen gezond maken: dat wil zeggen: mensen tot het besef laten komen dat ze in dienst willen staan van anderen. En tenslotte: bidden. Ook dat behoort bij gezondheid.
Zo was een doorsnee-dag van Jezus. Het loont beslist de moeite als wij hier eens naast leggen de manier waarop wij een dag doorbrengen.