Twintigste zondag door het jaar (2006)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 20e zondag · groen

Beste dorpsgenoten,

De eerste lezing heeft iets aantrekkelijks en iets uitzonderlijks want er klinkt de stem van een vrouw in. Dat komt maar heel zelden voor in de bijbel!

Het boek spreuken is een verzameling van wijsheid en quasi-wijsheid toegeschreven aan de wijze koning Salomon. In werkelijkheid is het een verzameling teksten van her en der die ontstaan is tussen de tiende en de vierde eeuw vóór Christus terwijl Salomon al leefde in het midden van de tiende eeuw. Je zou ze kunnen vergelijken met popmuziek uit die tijd.

Het stukje dat wij gehoord hebben is gekozen voor deze dag in samenhang met de evangelielezing. In allebei is sprake van eten en drinken, van brood en wijn, sterker van vlees en bloed, iets waar joden van gruwen.

En dat evangelie van Johannes is geschreven rond 100 na Christus, door iemand die van de echte Jezus veel minder wist dan bijbeldeskundigen van onze tijd maar die zich wel bediende van de woorden en de beelden uit het boek der Spreuken.

Volgens Johannes gebruikte Jezus de woorden: “Leven door de Vader.” Die doen me denken aan een preek van de H. Paulus die beschreven staat in de Handelingen der Apostelen. Paulus was rond 55 na Chr. in Athene aangekomen, hèt centrum van geleerdheid in de wereld van toen. We lezen dat Paulus zei: “God wordt niet door mensenhanden verzorgd, alsof Hij iemand nodig had, want zelf geeft hij aan ieder leven en adem, ja alles. Want door Hem leven wij, bewegen wij ons en bestaan wij. Want wij zijn van Zijn geslacht.”

Als wij onze onnozelheid willen laten varen, zoals de eerste lezing zegt, dan mogen we de woorden van Jezus: “Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt heeft het eeuwig leven” verstaan in de geest van wat Paulus zei tegen de geleerde Atheners en van wat we gehoord hebben in de eerste lezing: “Kom en eet van mijn brood, drink van de wijn die ik gemengd heb en gij zult leven.”

Volgens Johannes probeert Jezus aan zijn medemensen duidelijk te maken dat wij uiteindelijk niet in leven blijven door het dagelijkse eten en drinken op tafel maar alleen door het brood dat uit de hemel is neergedaald, dat brood waarin God zich zelf geeft en in iedereen leven en adem, ja alles is.

Vlees en bloed: dat staat voor echt sprankelend leven, dat we terugkennen in de woorden en de manier van leven van Jezus. Daar heeft hij zijn echte vlees en bloed voor over gehad. Als we zijn woorden waar maken, als we leven op zijn manier, dan komen we tot bezinning, dan laten we onze onnozelheid varen, dan leven we ten volle en dan bewandelen we de weg der wijsheid.

Dan hoeven we Jezus niet meer te zoeken in de geboden en verboden van de kerk, in plechtige verklaringen en geloofspunten, die geen smaak of kraak hebben en ons leven niet voeden. Dan ervaren we die levengevende God, wiens goedheid en barmhartigheid dan tot uiting komen in onze manier van leven. Onze manier van leven waarin we Jezus manieren terugkennen, niet langer lezend in oude boeken, maar hier en nu, waar God ons omgeeft zoals de twee handen de aardbol omgeven.

Dat het zo moge worden.

Zoeken in Preken Online