Toen onze oudste op de middelbare school zat - vertelde een vader -, kon ik hem nog wel eens helpen met zijn sommen, maar de wiskunde waarmee de jongste thuiskomt, daar snap ik helemaal niks meer van. Dat is zo heel anders geworden. Het is inderdaad waar dat we leven in een tijd van snelle veranderingen. We zijn nog maar net gewend aan een nieuwe regeling, een nieuwe vinding, of de volgende dient zich alweer aan. Dat hoge tempo van ontwikkelingen brengt spanningen mee, en maakt mensen nogal eens onzeker. En dan zie je vaak heimwee ontstaan naar vroeger, toen alles nog rustig was, toen je nog wist waar je aan toe was.
Terug willen naar de zogenaamde goede tijden van weleer bestaat al zolang als er mensen zijn. Het verhaal over de joden die terug willen naar de vleespotten van Egypte, is het verhaal van ons allemaal. We onthouden wel het goede uit het verleden, maar de ellendige dingen vergeten we het liefst. Ik heb wel eens iemand over de oorlog horen vertellen: over de geweldige saam¬horigheid in zijn buurt. Maar dat er in die saamhorige straat ook een VNV’er woonde, die andere mensen aanbracht, was hij allang vergeten. Ik hoor wel eens mensen met heimwee praten over de liturgie van vroeger, maar dat ze moesten staan omdat de welgestelden de banken hadden gepacht, leken ze vergeten te zijn.
Het is allemaal zo oud als de wereld: de overgang van oud naar nieuw is altijd een moeizaam proces geweest, en bijna altijd steekt een vals heimwee de kop op. Over dat eeuwenoude gevaar vertelt ons de eerste lezing. Maar ze hebben ons natuurlijk meer te zeggen, de lezingen van deze zondag.
Het volk Israël moppert tegen Mozes: ze zijn meer gesteld op het gemak van genoeg te eten te hebben, en ze hechten meer aan een volle maag in slavernij dan aan hun toekomstige vrijheid in een eigen land. Mozes houdt zijn mensen rustig, als God maar voor eten zorgt.
In het evangelie zien we hetzelfde: Jezus heeft de vijfduizend verzamelde mensen op de heuvels te eten gegeven, en daarna zijn ze niet meer bij Hem weg te slaan. Ze zoeken Hem, want bij Hem valt iets te halen! ‘Ge zoekt Me omdat ge van de broden hebt gegeten’, verwijt Jezus hun, en daarna legt Hij hun uit dat Hij daarvoor niet is gekomen. Wie gemak zoekt, welvaart, brood en spelen, is bij Hem aan het verkeerde adres. Zijn boodschap luidt: Werk niet alleen voor voedsel dat vergaat. Een mens leeft niet van brood alleen.
Het was de bekoring van de mensen rondom Mozes zich te verkijken op de vette vleespotten van Egypte, en daardoor verloren ze het zicht op hun vrijheid in een nieuw land. En de mensen rondom Jezus verkeken zich op Hem omdat ze dachten er beter van te worden als ze Hem achterna gingen. Ze wilden maar niet zien dat het Jezus om heel andere dingen te doen was.
Het is ook onze bekoring al onze interesse te investeren in het gemak, het comfort en het handhaven van de welvaart. Terwijl het Jezus te doen is om het oplossen van een heel ander soort honger.
Mensen verliezen hun partner, en ze hongeren, ze hunkeren naar de troost van echte vrienden. Of kinderen komen niet meer thuis, en hunkeren naar verzoening, herstel van geschonden verhoudingen. Of je bent jong, je wilt van alles, en het lukt je maar niet; je hunkert naar echt geluk. Het is die honger naar toekomst, die Jezus bij mensen stillen wil. Niet de heimwee naar wat voorbij is voeden, maar de honger stillen naar een nieuwe toekomst, is wat christenen van Hem kunnen leren.