De apostelen hebben een soort stage achter de rug. Ze komen bij Jezus verslag uitbrengen en blijken dringend aan wat rust toe te zijn, ‘want er kwamen en gingen zoveel mensen, dat ze niet eens de gelegenheid hadden om te eten’. In een dergelijke situatie heb je inderdaad recht op war vakantie in een rustige omgeving, ver van alle drukte. Maar het lukt niet, de mensen zijn hen te vlug af. Nu zou je kunnen verwachten dat Jezus ze wegstuurt, om zijn apostelen toch eindelijk wat rust te gunnen. Gesloten wegens vakantie. Dat doet Hij niet. De reden staat er meteen bij: ‘Hij had zeer met hen te doen.’ Dus moet alles daarvoor wijken, ook de welverdiende vakantie. Hij begint hen uitvoerig te onderrichten. De mensen krijgen blijkbaar niet genoeg van zijn woorden. Ze hebben natuurlijk ook al gehoord van zijn wonderen. Dat trekt de massa’s ook aan. Maar er is meer.
Veel kans dat dit inderdaad een haveloze menigte is. Dadelijk zullen zijn leerlingen vragen om al die mensen weg te sturen, want ze hebben geen eten bij. Jezus zal ze niet wegsturen, net zomin als Hij zieken of bezetenen wegstuurt. Hij is meer dan een goed spreker of een originele leraar. Wanneer al die mensen, laat op de dag, nog niet gegeten hebben en misschien wel van honger zullen bezwijken, geeft Hij hen te eten. Zijn medelijden drijft Hem over de grenzen van het mogelijke. Hij breekt vijf broden en voedt er heel die menigte mee. Er is dan zelfs nog overschot.
Dat zegt veel over het motief van Jezus’ optreden. Waarom is Hij eigenlijk gekomen? Wat drijft Hem? Medelijden. De miserie van al die mensen grijpt Hem sterk aan. Dat wordt in het evangelie op tal van manieren gezegd. De mensen zijn als schapen zonder herder. Hij is gekomen om te genezen wat ziek is en te redden wat verloren was. Daarvoor geeft Hij alles. Al zijn tijd, al zijn energie, zijn beste krachten en uiteindelijk zelfs zijn leven, als ‘losprijs’ voor velen.
Bekijken we dat nu even van de kant van de mensen die naar Hem toegaan. Wie geleerde discussies wil opzetten, is bij Hem aan het verkeerde adres. Wie met een onopgeloste erfeniskwestie komt aandragen, vangt bot. Maar wie ziek is en op Hem een beroep doet, vindt gehoor. Wie belast en beladen is, mag altijd naar Hem toe. Hij zal rust en verkwikking vinden.
Zo was het in de tijd dat Jezus op aarde rondliep. En sindsdien is het eigenlijk nooit veranderd. Het geloof brengt ons bij Iemand die onweerstaanbaar door het leed en de nood van mensen gegrepen wordt, Iemand die daarvoor al het andere laat vallen. Zeker, er is zoiets als een christelijke leer en een christelijk handelen. Maar dat zijn slechts afgeleiden en consequenties van de menslievendheid Gods, zoals ze naar ons toe is gekomen. En blijft komen. Geloof is een kwestie van honger en dorst. En van Iemand die zichzelf als voedsel geeft, opdat wij zouden leven.