Heb je ooit gehoord van Eliazard Bouffier? Deze man had een mooie boerderij in Frankrijk. Toen zijn enige zoon stierf en ook daarna nog zijn vrouw vroeg hij zich troosteloos en radeloos af: “Waarom hier nog verder werken? Waarom nog leven?” Hij vertrok naar de eenzame Cevennen. De dorpjes lagen er verlaten bij, want de inwoners waren noodgedwongen vertrokken. De berghellingen lagen er verweerd bij, bij gebrek aan bomen die de grond konden vasthouden. Eliazard dacht bij zichzelf: daar moet ik iets aan doen. Hij bestelde eikels, maakte openingen in de rotsachtige bodem en plantte ze. In drie jaar tijd had hij op de gronden waarvan niemand meer de eigenaar was, 100.000 eikels geplant. Daarvan schoten er 10.000 bomen op. In 1947 stierf Eliazard, 89 jaar. 50 jaar na zijn dood zijn deze eiken uitgegroeid tot een van de mooiste bossen van Frankrijk met een lengte van 11 km. en een breedte van 3 km. De bodem krijgt weer humus, er ontspringen weer beken, velden en weiden worden opnieuw aangelegd. De mensen keren terug naar die streek. Er is weer leven.
Ik weet niet of Eliazard een christen was, en of hij ooit de parabel van Jezus over het mostaardzaadje gehoord heeft. Maar hij heeft in praktijk gebracht wat Jezus ons in die parabel wil duidelijk maken. Hoe kleine stappen het begin kunnen zijn van een grote toekomst, als je maar durft geloven in de groeikracht van het zaad.
Woorden als: “dat is vechten tegen windmolens, daar kun je toch niets tegen doen,” hoor je nooit uit de mond van Jezus. Jezus is er van overtuigd dat voor wie echt ge-looft in de groeikracht van het goede, alles mogelijk is.
De parabel van het mostaardzaadje die we vandaag hebben gelezen, is een boodschap van hoop, van leven. Wij zien hoe de wereld dreigt in een woestijn te veranderen, hoe de rijken steeds rijker en machtiger worden en de armen armer. Het geld domineert de wereld, niet de liefde. Het is om de moed erbij te verliezen. Vanzelf zal de wereldsituatie niet veranderen en een mirakel moeten wij ook niet verwachten. Maar, wij hebben allemaal kleine zaadjes in onze handen met ongehoorde kiemkracht: een goed woord, een kleine daad van dienstbaarheid, een teken van solidariteit.
In nogal wat winkelstraten in de rij van de grootwarenhuizen, staat een klein onooglijk winkeltje: de wereldwinkel. Een handvol vrijwilligers zetten er zich in om de producten te verkopen van de boeren uit de derde wereld, als een teken van hoop dat ook zij eens een rechtvaardig loon zullen ontvangen voor hun werk.
En, om marginalen het leven dragelijk te maken, zet een groep mensen zich in voor ‘help ons helpen'.
Zijn zij het zaad van het koninkrijk Gods dat in deze we¬reld wordt uitgezaaid door God zelf? Tekenen van Hoop? Ik kan niet geloven dat er een betere wereld zal komen zolang mensen vechten voor eigen ras en land. Er zal niets nieuws komen waar mensen alleen eigen stand, eigen partij, eigen loonzakje verdedigen. Maar gelukkig, er kiemt in onze wereld toch ook ander zaad. Het lijkt allemaal kwetsbaar en klein, maar het geloof dat dit zaad, met de kracht van de Heer zal kiemen, geeft ons vertrouwen.
Van ons wordt verwacht te zorgen dat het zaad in de wereld vruchten dragen kan. Het is niet nodig dat wij de hele wereld, de hele maatschappij veranderen. Het is voldoende dat ieder op zijn plaats gelooft in de toekomst en probeert een klein stukje Godsrijk op te bouwen.