Het zaad en de grote boom (2006)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 11e zondag · groen

Niet zolang geleden was ik hier aanwezig bij de doop van twee kindjes: Astrid en Edward. Er werd een verhaaltje voorgelezen van de kikker en de pad.

De kikker had een mooie tuin en de pad wilde ook zo een prachtige tuin. Helemaal niet moeilijk, zei de kikker aan de pad. Je moet de aarde bewerken en zaadjes zaaien. Zo gezegd, zo gedaan.

De volgende dag hoopte de pad reeds zo een bloemrijke tuin te hebben als de kikker. Maar hij zag helemaal niets. Al mijn werk is voor niets geweest, zei de pad, en hij begon te roepen en te tieren en maakte de kikker uit voor leugenaar.
Roep niet zo hard, zei de kikker, de zaadjes hebben angst om uit te komen met al dat lawaai. Met de natuur moet je zacht en geduldig omgaan.
En waarlijk na een lange week angstvallig geduldig wachten zag de pad dat ook zijn tuin vol begon te komen met plantjes.

Geloof, liefde en hoop moeten we zaaien in de harten van de mensen en verder geduldig vertrouwen hebben dat alles op tijd en stond zijn volle groeikracht bekomt.
We moeten ons de wijsheid eigen maken van een landbouwer. Hij zaait en hij gaat rusten.
Adriaan Roland Holst dichtte als volgt:

Ik vraag geen oogst, ik heb geen schuren
Ik sta in uwe dienst, zonder bezit.
Maar ik ben rijk in dit:
dat ik de ploeg van uw woord mag sturen.

Ik zal de halmen niet meer zien
noch binden ooit de volle schoven,
maar doe mij in de oogst geloven
waarvoor ik dien.

Meestal moeten wij geloven dat er eens een grote oogst zal zijn en soms mogen we toch ook reeds genieten van de eerstelingen.

Op een zondagmorgen, op weg naar Antwerpen (21 mei 2006) hoor ik op het radioprogramma “titaantjes” een interview met Jeanne Devos.
Zij is van Kortrijk Dutsel en groeide op in een groot boeren gezin. Negen kinderen waarvan er zeven volwassen werden. Tijdens de oorlog was het gezin steeds groter, want kinderen uit de stad en Hongaarse kinderen werden er met een groot hart ontvangen om aan te sterken. Van in haar jeugd heeft Jeanne Devos kennis gemaakt met de ellende in de wereld en leren geven om niet zonder zichzelf pijn te doen. Alles was zo vanzelfsprekend. Stadkinderen, Hongaarse kinderen; zij werden als broers en zussen gezien.

Later is Jeanne Devos in naam van Jezus als zuster naar India vertrokken. Daar is ze in contact gekomen met andere godsdiensten. Zonder afbreuk te doen aan haar eigen christelijke waarden is zij tot het besef gekomen dat God te groot is om zich op te sluiten in één godsdienst.

Daar in India is ze ook in contact gekomen met vrouwen en meisjes, uitgeput door onderdanigheid en slavernij. Zij is begonnen met enkele vrouwen en meisjes bewust te maken van hun waardigheid. Tot op de dag van vandaag levert dit haar veel problemen en moeilijkheden op. Gerechtsonkosten, vernederingen en echte doodsbedreigingen. Maar ze gaat door want zeggen de vrouwen en meisjes: “Als jij aanwezig bent, durven en kunnen we meer. Door jou hebben we meer daadkracht”.

Die enkele vrouwen en meisjes zijn vandaag een niet te stuiten vrouwenbeweging geworden. Door zuster Jeanne Devos hebben 800.000 vrouwen hoop en moed gekregen om op te komen voor hun rechten. Door haar zien 80.000 meisjes hun stoutste dromen beetje bij beetje werkelijkheid worden.

Eén zaadje wordt een boom waar vogels zich kunnen nestelen. Eén vrouw uit ons midden heeft een zaadje gezaaid in India. Het is een boom geworden waaronder vele vrouwen schaduw en geborgenheid hebben gevonden. Eén vrouw schenkt waarachtig leven aan één miljoen vrouwen.

Zonder zelf armer te worden deelt zuster Jeanne Devos mede wat ze als gave heeft ontvangen. Wat ze thuis aan warmte ontvangen heeft, wat ze thuis aan vrijgevigheid beleefd heeft blijft ze zonder berekening van eigen leven doorgeven. Het is blijde boodschap zondermeer.

Zoeken in Preken Online