Evangelieprikje(2008)

A-cyclus · Vasten · Palmzondag · rood

Vandaag is Jeruzalem een verscheurde stad. In Jezus’ tijd was het nog een joodse stad, zij het dan wel met wat Romeinen er in. Het was de plaats van de tempel. Daar was het dat het kruim van de joodse godsdienst rondliep om te discussiëren over hoe de gewone gelovige jood zijn leven moet inrichten om te leven zoals God het wil. Op zich dus allemaal goed bedoeld. En dan komt er een nieuwe profeet aan, ze hebben er al zoveel over gehoord, ze zijn benieuwd. Verschillende groepen van mensen lopen te hoop, ze verwelkomen Hem hartelijk, misschien kunnen ze Hem nog wel gebruiken voor iets. Een week na het warm en koninklijk onthaal hangt Jezus aan het kruis.

Het evangelie dat de blijde intrede te Jeruzalem beschrijft en dat we bij de evanglist Matteüs vinden, wijkt een klein beetje af van de andere evangelies omwille van de ezelin en het veulen. Bij de andere evangelisten is er enkel sprake van een ezelin. Matteüs haalt er ook een veulen bij omdat hij de profeet Zacharia in vervulling wil zien gaan. Maar met of zonder veulen, vroeger werd steevast op Palmzondag een grootse processie gehouden om Jezus te verwelkomen. Het paste in een tijd dat de Kerk nog iets had van de leidende priesterklasse in Jeruzalem: veel macht en godsdienst omgevormd tot een moraal die moet nageleefd worden en veel uiterlijkheden. Die tijd is voorbij. Als er al een processie is op Palmzondag, dan is het in stilte in de Kerk. Is dat omdat we beschaamd zijn? Ik weet het niet, ik vind het in ieder geval beter zo. Jezus welkom heten in je leven, Hem binnen halen als je Koning, dat gebeurt niet met veel uiterlijkheden, dat gebeurt in de stilte van je hart en wordt zichtbaar in je liefde die steeds meer naastenliefde wordt.

De Jezus die men in Jeruzalem ontving, was een Jezus die de dogma’s en het dagelijkse reilen en zeilen van de geloofsgemeenschap in vraag durfde stellen, niet om af te breken, maar om uit te dagen en op zoek te gaan naar de kern, het wezenlijke van de godsdienst. Veel gebruiken waren, hoe goed bedoeld, al heel ver verwijderd van de geest van de Wet. Een ‘systeemgodsdienst’ wordt geconfronteerd met Iemand die godsdienst als relatie bekijkt en niet zozeer als moraal. De Koning die de Kerk vandaag binnen haalt, zou ook een Jezus moeten zijn die mag zijn wie Hij in wezen is, namelijk iemand die het instituut “Kerk” en haar vele geboden en vooral verboden in vraag durft stellen. Opnieuw, niet om af te breken, want gelovigen hebben een gemeenschap nodig, maar om na te gaan waar het nu eigenlijk om draait in het christendom. De Koning die Jeruzalem binnen rijdt is die Man die, namens God, mensen een tweede kans geeft en ze niet vastpint op wat ze ooit eens gedaan of gezegd hebben. Het is Iemand die aan de kant gaat staan van de armen en zwakken, die ondergedompeld wordt in lijden. Het is een Koning die namens God zijn vertrouwen in de mens, in elke mens, uitspreekt. Hij moet niet hebben van hol formalisme, maar alles van een diep doorleefde Godsrelatie. Zo’n relatie laat zich niet opsluiten, breekt het starre en moraliserende van elke wet open. Deze Koning zegt dat Gods liefde voor iedereen is en dat niemand het recht heeft die zomaar te ontzeggen aan iemand. Zo iemand past niet in een systeem godsdienst, waar de godsdienst zelf belangrijker dreigt te worden dan de relatie God-mens. En dan vraag ik mij af: zou die Koning welkom zijn in het Vaticaan? Wellicht zou hij warm onthaald worden, maar eens Hij dingen in vraag zou stellen, zou de toon wellicht veranderen. Wellicht … ik hoop nog altijd dat het niet zo zou zijn. Het doet mij wel de vraag stellen: wie verwelkom ik in mijn leven? Hunker ik ook niet wat naar Iemand die mij vaste regels biedt waar ik houvast aan heb, Iemand die triomfeert over alles? Of durf ik Iemand in mijn leven verwelkomen die gans mijn leven op zijn kop zet, wiens macht liefde is en daar dan ook zijn leven voor geeft? Is zo iemand wel na te volgen? Tuurlijk niet, dat is onmenselijk. Vandaar dat ik toch maar weer een palmtakje achter mijn kruisbeeld zal steken, als teken van mijn goed voornemen om Christus als Leider in mijn leven te verwelkomen, terzelfdertijd nederig en koninklijk zoals alleen liefde kan zijn. Hij s het die mij moet steunen, alleen kan ik het niet. Het is een uitdaging om mij niet vast te klampen, zonder nadenken, aan een moraal, gestoeld op angst en plaats te maken voor een relatie die vertrouwen schenkt, altijd weer. Straks op Goede Vrijdag knielen we bij het kruis, hoe vaak moet Christus niet knielen voor onze wil? Knielend voor het kruis besef iedereen met enige Godsrelatie dat dit het enige goede is, maar ja, we zijn ook maar mensen.

De Koning die wij vandaag in onze Kerk verwelkomen, is maar eventjes populair, zo lang Hij iedereen naar de mond praat, maar dat blijft Hij niet doen. Hij durft de misbruiken uit de tempel wegjagen, al is het maar voor heel even. Deze Koning zal niet voldoende smsjes krijgen om naar het Eurovisiesongfestival te gaan, Hij spreekt soms te radicale taal. Je stuurt beter iemand die zingt in een onbestaande taal, die kwetst niet, die daagt niet uit, die is gewoon gezellig, zonder daar neerbuigend te willen over doen. Jezus is niet populair genoeg om het Festival te halen, maar zijn ezel misschien wel, er is toch al een kalkoen en een kip?

Welkom Jezus in mijn leven, ik bid U dat ik er mij er steeds voor hoed U niet voor mijn kar te spannen, wees maar gewoon jezelf, laat je niet vermurwen door angst om macht te verliezen! Welkom!

Zoeken in Preken Online