Palmzondag (2002)

A-cyclus · Vasten · Palmzondag · rood

Jezus op een ezel. Maar je kunt ook zeggen: Jezus, je bent een ezel! Wie doet nu zoiets doms: naar Jeruzalem gaan terwijl je weet dat ze daar je dood willen. Ieder mens met een beetje verstand zegt dan: daar moet ik dus niet zijn.
Jezus op een ezel. Jezus, je bent een ezel! Hoe kun je nu zeggen dat wie groot wil zijn, dienaar moet zijn van iedereen, en wie de eerste wil zijn, moet slaaf zijn van iedereen. Wat is dat nu voor domme taal. Het is toch voor de gekken als je die dingen zegt. Daar trapt toch niemand in. Kun je je boodschap niet een beetje verstandiger inpakken zodat hij niet zo absurd overkomt.
Jezus op een ezel. Jezus, je bent een ezel. Hoe haal je het in je hoofd om op een ezel de stad binnen te rijden alsof je een soort koning bent. Je maakt je toch onsterfelijk belachelijk op die manier. Je maakt een karikatuur van jezelf.
Jezus, je bent een ezel. Of zijn wij misschien de ezels? Zijn wij misschien zo dom dat we het gebeuren niet begrijpen, zijn wij zo blind dat we zijn boodschap niet zien en onze manier van denken als de enige verstandige manier zien, Zouden wij misschien, juist als die twee blinden uit het evangelie, moeten vragen: “Heer, dat onze ogen open gaan.”
Jezus op een ezel. Jezus, zelf een ezel. Maar wat is een ezel? Te vaak wordt de ezel gezien als een dom dier. Maar de ezel is veel meer een trouw dier dat geduldig grote lasten draagt voor de mensen. Wat Jezus naar Jeruzalem bracht was trouw, trouw aan zijn opdracht om mensen te laten zien, (die genezing van de blinden heeft vooral een symbolische betekenis), dat ware grootheid ligt in dienstbaarheid, in het dragen van lasten voor anderen.
Jezus wil ons in de goede week laten zien dat waarachtig leven vraagt dat je moeilijke dingen niet uit de weg gaat, dat je trouw blijft aan je levensopdracht: je dienstbaar maken aan medemensen.
Ik hoop dat u allemaal ezels wilt zijn, geen domme ezels, ook al bent u dat misschien in de ogen van anderen, die er niets van begrijpen. Maar wel trouwe ezels, bereid om lasten van anderen mee te dragen. Misschien ook een beetje koppige ezels, koppigheid schijnt ook een eigenschap van ezels te zijn. Koppigheid in de zin dat je je niet op sleeptouw laat nemen door de mode van deze tijd, die houding van ieder voor zich en God voor ons allen, maar dat je durft vasthouden aan je overtuigingen. Dan alleen doen we recht aan die profeet Jezus, die koning op een ezeltje.

Zoeken in Preken Online