Langs elkaar heenpraten (2008)

A-cyclus · Vasten · 3e zondag van de Vasten · paars

Wonderlijk, hoe mensen soms totaal langs elkaar heen kunnen praten. Ze hebben het over hetzelfde, – dat denken ze tenminste –, maar ze praten volledig langs elkaar heen. Ze zijn niet op dezelfde golflengte. De een blijft aan de oppervlakte, de ander gaat de diepte in.

Wat kunnen wij toch goed, in onze gesprekken, langs elkaar heenpraten, misverstanden inbouwen, misverstanden onderhouden, plotseling van onderwerp veranderen als het ons niet bevalt.

De Samaritaanse vrouw spreekt over gewoon water, uit de put, om te drinken, Jezus spreekt over levend water, geestelijk water, voor een geestelijke dorst. En wanneer Jezus dan toch concreet gaat worden – dan gaat het over haar zoveelste vriend, en over de manier waarop ze leeft – dan schakelt de vrouw handig over op een ander thema, dat van de Samaritanen en de Tempel.

De apostelen hebben net boodschappen gedaan, en denken dan dat het etenstijd is. Jezus spreekt daar ook over, maar alweer, wonderlijk is het hoe ze langs elkaar heen praten. De een spreekt over brood en boterhammen, de ander spreekt over het echte voedsel, geestelijk voedsel, dat het innerlijk leven van de mens voedt.

En toch.

Is de kunst van het langs elkaar heenpraten alleen maar een misverstand, of kan het uiteindelijk toch niet een middel zijn om tot begrip te komen ? Wanneer je kunt zeggen : nu begin ik te begrijpen waar je het over hebt. Nu snap ik waar jij naar toe wilde. En ik maar denken dat je iets anders bedoelde.

Langzaam begint het bij de Samaritaanse ook door te dringen. Zij ziet Jezus allereerst als een Jood (v. 9) : “hoe kunt gij als orthodoxe Jood te drinken vragen aan een Samaritaanse ?”;

  • dan spreekt de Hem aan als de Heer (v. 11, 15) : “Heer, geef mij van dat water”;

  • vervolgens als Heer en Profeet (v. 19) : “Heer, ik zie dat gij een profeet zijt” ;

  • en tenslotte als de Messias (v. 25, 29) : “Zou Hij soms de Messias zijn ?”

Zo zijn wij ook. Hoe vaak gaan onze gesprekken ook niet zo? Gezellig aan de oppervlakte blijven, over koetjes en kalfjes praten, om dan toch uiteindelijk, via een hele omweg, via misverstanden, toch nog het diepe in te duiken. En dan ontdekken dat die diepte zich schuil houdt in ons gewone dagelijkse leven.

Het is zeer de vraag of de Samaritaanse vrouw Jezus’ woorden over het levend water, en of de apostelen Jezus’ woorden over Zijn spijs, de wil te doen van Zijn Vader, überhaupt iets begrepen hebben. Niet omdat Jezus een grote toespraak heeft gehouden geloofden de Samaritanen in Hem, maar omdat Hij de waarheid van een concreet mensenleven naar boven haalde, het gewone concrete leven van een Samaritaanse vrouw heeft blootgelegd, dat van die vrouw, in die levenssituatie, met haar nieuwe vriend, een vrouw die overigens niet door Jezus veroordeeld wordt, omdat zij zelf de oppervlakkigheid van haar levenswijze ontdekt.

Een alledaags gebeuren, een toevallige ontmoeting aan een waterput, is vandaag aanleiding tot een bekering, een ommekeer, zelfs een Godsontmoeting. Daar ontmoeten ook wij de Christus, in ons alledaagse leven, in de kantine van ons bedrijf, in de middagpauze, in ons alledaagse doen en laten.

Zoeken in Preken Online