Kindernevendienst Assenede
1ste zondag van de veertigdagentijd 13/03/2011
1 Welkom & Inleiding*
Enkele vraagjes om tot gesprek te komen.
Welke vakantie hebben we afgelopen week gehad ?
Wie heeft carnaval gevierd ?
Wie gaat vandaag naar de stoet kijken ?
2 Verhaal* (bron Rorate – CATKIDS !)
Er was eens… een land waar de mensen dol waren op carnaval. Er was één probleem: ze dronken altijd veel te veel bier. En daarom gebeurden er veel ongelukken in het verkeer als de mensen naar huis gingen.
Rode neuzen verboden De koning van het land dacht: “daar moet ik wat aan doen. Al die dronken mensen met hun rode neuzen. Ik weet het al: rode neuzen zijn voortaan verboden!” Maar de mensen verzonnen er iets op: ze maakten hun gezicht wit met schmink, zodat niemand kon zien dat ze een rode neus hadden. En dus verbood de koning ook witte gezichten. Toen verborgen mensen hun gezicht en hun rode neuzen met maskers en feestmutsen. En dus werden ook feestmaskers, hoeden en feestmutsen verboden. Mensen gingen zich verkleden, zodat de politie ze niet zouden herkennen. Daarom werden ook verkleedkleren verboden. En zo kwamen er steeds meer regels. Je mocht zelfs niet meer lachen en zingen!
Jaren later… Jaren later, op een winteravond, liep de koning over straat. Het was ijskoud. Hij liep langs een huis toen hij plotseling binnen muziek hoorde. Nieuwsgierig keek hij door het raam. Daar waren mensen stiekem de verjaardag aan het vieren van een ziek kind. Ze hadden rode neuzen opgezet om haar vrolijk te maken, er waren clowns met witte gezichten en verkleedkleren, ze lachten en zongen een lied. De koning herinnerde zich hoe zijn vader en moeder vroeger dat liedje zongen bij zijn verjaardag. Het hart van de koning smolt. En hij begon zachtjes mee te zingen met het liedje.
Plotseling… Ineens werd hij door twee soldaten ruw vastgepakt. De koning schrok zich een ongeluk! “U wordt gearresteerd! U heeft een rode neus, en dat is verboden!” “J-Ja maar… zei de koning, dat komt door de kou!” “U heeft een wit gezicht, en dat is verboden!” “D-dat komt door de schrik!” “U heeft een feestmuts op, en dat is verboden!” “D-dat is mijn kroon!” “U hebt zich verkleed als de koning, en dat is verboden!” “M..maar ik BEN de koning!” stamelde de koning. “Ja, ja!” zeiden de soldaten. “En wij zijn zeker Bassie en Adriaan? De echte koning zou hier nooit staan zingen, want zingen is verboden!” De koning werd door de soldaten naar de gevangenis gebracht.
De volgende dag… De volgende dag, toen het licht was geworden, schrokken de soldaten zich een hoedje, want ineens zagen ze dat het WEL de koning was!! “W..we hebben alles precies volgens de regels gedaan” zeiden ze. “Rode neuzen, witte gezichten, feestkleren, lachen en zingen zijn toch verboden?” En angstig keken ze naar de koning. Maar deze begon hartelijk te lachen. Hij schaterde het uit. “Jullie hebben mij gisteren een mooie les geleerd!” zei hij tegen de soldaten. “Nu begrijp ik wat een domme koning ik ben geweest! De regels zijn er voor de mens, niet de mens voor de regels! Vanaf vandaag mag iedereen weer feestvieren. Maar ik maak één nieuwe regel: iedereen die een rode neus heeft wordt gratis thuisgebracht door mijn soldaten!
3 De 40-dagentijd : achtergrond en duiding*
Waarom 40 ? de zondagen worden niet meegeteld
Hoe begonnen we afgelopen woensdag de vasten ? aswoensdag
Askruisje Op Aswoensdag gaan mensen naar de kerk en krijgen ze een kruisje met as op het voorhoofd. De as voor dat askruisje wordt meestal gemaakt van de palmtakjes van het afgelopen jaar. Die worden verbrand, en de as wordt gebruikt voor het askruisje. Dat askruisje herinnert ons eraan dat we alles wat we hebben niet tè belangrijk moeten maken. Je televisie, je computer, je auto, je computerspelletjes: het is fijn als je ze hebt, maar zó belangrijk zijn die spullen nou ook weer niet.
Wat is ècht belangrijk? Andere dingen zijn veel belangrijker: delen met anderen, goed voor elkaar zijn, bidden, luisteren naar wat God ons vraagt. Daarom proberen we in de Veertigdagentijd minder luxe te leven, we proberen te delen met mensen die arm zijn of honger hebben. Ook proberen we wat vaker aan God te denken.
Kun je zelf nog andere dingen bedenken?
Doe-moment :
We maken een kaartje met daarop : Mijn vastenpuntje : …..
4 Evangelieverhaal*
Jezus in de woestijn die op de proef gesteld wordt door de duivel.
Jezus had honger omdat hij 40 dagen heel sober had geleefd in de woestijn.
Nu kwam de duivel naar Hem toe en zei :
“ Als je de zoon van God bent, verander deze stenen in brood ! “
Jezus : “ De mens leeft niet van boord alleen, maar van elk woord van God. “
Nu nam de duivel hem mee naar een kerktoren en daagde Jezus uit :
“Als je de zoon van God bent, spring naar beneden want in de Schrift staat dat engelen je op handen zullen dragen. “
Jezus antwoordde dat er ook in de Schrift staat dat je God niet mag op de proef stellen.
Tenslotte nam de duivel Hem mee naar een heel hoge berg vanwaar hij bijna de hele wereld kon zien.
Hij zei : “ Dat alles zal ik je geven als je nu in aanbidding voor mij neervalt.”
Maar Jezus werd boos en riep : “Ga weg Satan, want er staat in de Schrift : Alleen God zal je aanbidden en dienen. “
Met zijn staart tussen zijn benen droop de duivel toen af.
5 Een woordje uitleg …*
Net als Jezus staan wij bloot aan drie verleidingen :
brood (het materiële)
op een goed blaadje staan bij anderen, indruk maken, imponeren, …
macht hebben
Aanbidden ?
Sommige mensen hebben idolen, ze zijn dan fan van een zanger of een voetbalploeg bijv.
Andere mensen zijn zot van chocolade, hun troeteldier of hun verzameling …
Iets of iemand aanbidden wil zeggen : ervoor neerknielen, er eerbied voor tonen.
Satan wilde dus dat Jezus hem als god aanzag en vereerde.
Er staat in de Schrift.
Dit is natuurlijk geen schoolschriftje of een dagboek of zoiets.
Het verwijst naar de Bijbel, de heilige Schrift.
Die Bijbel bestaat uit twee delen : het Oude en het Nieuwe Testament.
Als Jezus spreekt over de Schrift heeft Hij het over het Oude Testament. Het Nieuwe Testament bestond toen nog niet want dat wordt het levensverhaal van Jezus.
6 De Paasboom*
We werken 40 dagen lang met de PAASBOOM als symbool.
Daaraan hangen we het hele verhaal van Pasen en onze tocht daar naartoe op.
De komende weken zullen we de boom stap voor stap aankleden en versieren zodat het op Pasen echt feest wordt. Pasen is niet voor niets het grootste feest voor ons als Christenen, het is in alle opzichten de kern van ons geloof.
Vandaag starten we met een kale, naakte, triestige boom.
Eventuele kunnen we er enkel kaartjes inhangen met onze goede voornemens voor deze vastentijd. (zie supra punt 3)
7 Gebedje om af te ronden*
Ik heb beslist, Heer !
Ik sta op en kom naar je toe !
Zoals felle winsterstormen
steken in mijn hart soms
buien van woede op.
Jaag me niet weg Heer !
Jouw hoopvol woord is als stevig voedsel
en schenkt me de kracht
om lief te hebben,
zoals jij mij bemint !
Ik heb beslist, Heer !
Ik sta op en kom naar je toe !