Jemoet moedig handelen

A-cyclus · Tijd door het jaar · 33e zondag · groen

Eerlijk gezegd, met die derde knecht, die van zijn heer maar één talent had ontvangen heb ik altijd een beetje medelijden gehad. Waarom werd hij zo streng behandeld? Wat had hij dan eigenlijk voor kwaad gedaan? Hij had het hem toevertrouwde geld toch niet verbrast, niet voor zich zelf gebruikt, hij had het toch volledig teruggegeven. Waarom werd hem dan het geld afgenomen, waar¬om werd hij in de uiterste duisternis geworpen?

Eerlijkheidshalve moet ik wel vooraf zeggen, dat elke knecht, ook de derde, zeer rijk bedeeld was. Een talent was in die tijd zestig kilo goud waard, een kapitaal waar je een leven lang van kunt leven. Alle drie de knechten waren dus op één slag rijke mensen, ja zelfs miljonairs geworden.

Dat verandert natuurlijk de situatie al een beetje. Als je zomaar dertig miljoen frank - anderhalf miljoen gulden - in handen zou krijgen, dan zou je daar toch wel iets mee kunnen doen, zodat het geld zijn vruchten zou kunnen afwerpen. Dus die traagheid, dat gebrek aan inzet is bedenkelijk. Bovendien zegt die knecht ook nog: ‘Ik was bang, omdat u streng bent’. Het is juist deze veront¬schuldiging die de milde gever boos maakt. ‘Jij wist dus dat ik zou maaien, waar ik niet gezaaid heb. Jij, luie knecht, je bent gevlucht voor je verantwoordelijkheid'.

Dit verhaal is een parabel, dat wil zeggen dat daarin een stuk levenswijsheid steekt, die ook voor ons nog geldt. De man die een verre reis maakt, is Jezus, die hoewel Hij ten hemel opgestegen is, eens zal terugkomen om levenden en doden te oordelen. Een van die dienaars zijn wij. Wij zijn ook allemaal rijk bedeeld met talenten, gaven en hoedanigheden. En ook al zijn wij verschillend getalenteerd, wij hebben allemaal voldoende talenten meegekregen om die in ons leven te laten renderen. Niemand van ons kan met de blik op een ander zeggen: ‘Ik ben te arm, te klein, te ziek, om dan rustig met zijn handen in zijn schoot te gaan zitten. God heeft ons in volle vertrouwen zijn talenten toevertrouwd. Niemand van ons behandelt Hij als een voorgeprogrammeerde computer. Hij heeft ons de vrijheid gegeven, Hij laat ons op eigen benen staan, zodat wij ons eigen leven voor een heel stuk in handen kunnen nemen.

Ik was bang… dat was de fout van de luie knecht en die angst ont¬nam hem alle zelfvertrouwen en deed hem ook nog kwaad denken over zijn meester. Wie uit angst nalaat het goede te doen, begraaft niet alleen zijn eigen talenten, maar ondermijnt ook nog het vertrou¬wen in zichzelf en in anderen. Misschien staat die derde knecht niet zo heel ver van ons af. Hoeveel mogelijkheden om het goede te doen laten wij niet ongebruikt liggen? Hoeveel talenten komen bij ons niet tot volle wasdom, omdat bij ons de nodige inzet ontbreekt?

Ik zou dit willen illustreren met een voorval dat ik onlangs in een tijdschrift las. James Brilly, een zwarte Amerikaan, werkte tot zijn 33e levensjaar bij een bouwfirma. Daar overkwam hem een zwaar ongeluk, de dokters zeiden hem dat hij zijn leven lang in een rolstoel zou moeten doorbrengen. James besloot zijn geestelijke krachten te mobiliseren, hij ging geneeskunde studeren. Zijn vrouw hielp hem met alle krachten. Hij slaagde in zijn studie. Maar toen stierf zijn vrouw aan leukemie. Een zware slag voor James. Hij zocht een plaats in een ziekenhuis, maar telkens werd hem beleefd gezegd dat een dokter in een rolstoel een te deprimerende indruk zou maken op de patiënten. Eindelijk kreeg hij een plaats in een ziekenhuis, door zusters geleid. Juist deze dokter met zijn buitengewoon levensoptimisme werkte bevrijdend op alle zieken. Die man had zijn talenten laten openbloeien.

Iedereen van ons krijgt slagen van het leven te incasseren, maar hij krijgt ook de kracht om boven het noodlot uit te groeien. Na een mislukking mogen wij nooit moedeloos bij de pakken gaan neerzitten. Je kunt nog altijd nieuwe mogelijkheden uittesten. Als Jezus over talenten spreekt bedoelt hij liefde, goedheid, dienstbaarheid. Hoe meer je daarvan uitdeelt, weggeeft, des te meer renderen ze. Wees dus niet bang om goed te zijn, want elk talent dat God je gegeven heeft, is geen talent voor jezelf, maar moet ten dienste staan van andere mensen.

Zoeken in Preken Online