In verwanchting zijn

A-cyclus · Tijd door het jaar · 32e zondag · groen

Wij staan nu dicht bij het einde. Bij het einde van het burgerlijke en het kerkelijke jaar. Het is ook stilaan het einde van het evangelie van Matteüs. Het is de tijd van de afrekening, van het bilan en de inventaris. Matteüs heeft heel zijn script gebouwd op vijf toespraken: echo van de vijf boeken van Mozes. Nu, in de laatste toespraak, houdt hij levensrevisie: wat heb je met mijn woorden gedaan? Ben je wakker en alert gebleven? Heb je beseft wat er op het spel stond? Of ben je ingeslapen en heb je stilletjes gedacht ‘nooit gebeurt een wonder’? Om deze vragen te stellen gebruikt de auteur het beeld van vijf verstandige en vijf domme bruidsmeisjes.

Voor Matteüs loopt het leven op iets uit. Het is niet zomaar amen en uit. Het leven heeft een open slot, een deur die opengaat. Het eindigt op een bruiloft. Dat is een poging als vele andere om iets te zeggen over wat volgt als mensen leven volgens de bergrede van Jezus. Dat is eventjes iets meer dan spreken over het hiernumaals en het hiernamaals. Het is veeleer een poging om te zeggen hoezeer het leven op aarde verandert, hoezeer het feestelijk wordt, indien de armen worden verzadigd en de treurenden getroost, als de zachtmoedigen en de barmhartigen de overwinnaars mogen worden.

Waar dat gebeurt, is er ‘eeuwig’ leven. Daar houdt het bestaan van mensen op zoutloos en smakeloos te zijn. Dan wordt er licht geworpen op alles wat in duisternis ten onder gaat. Om dat pro¬ces mee te maken, worden alerte mensen gevraagd, mensen met olie in hun lamp. Slapende mensen dromen wel, maar dromen realiseren - dat is aan hen niet besteed. Eigenlijk staan zij het Rijk der Hemelen in de weg. Alles wat des duivels is, kan dan rustig verder de aarde beschadigen. Wie ingedommeld is, hanteert alleen maar slogans: het is altijd zo geweest, de kleine mens is toch altijd het slachtoffer, er is niets nieuws onder de zon. Matteüs zegt dat dit de taal is van defaitisten. Het zijn dooddoeners. Voor hen gaat eenmaal de deur op slot. Eens wordt dit droeve hoofdstuk afgesloten.

Voor wakkere mensen gaan er deuren open. Zij zullen het ooit meemaken dat er een wonder gebeurt. Nu hier, dan daar. In kleine en taaie trouw. Maar dat zal de redding zijn van de wereld. Ze zullen dat niet zien in hun wensdromen. Ze zullen het zien in hun kinderen, in hun klas, in hun Straat en hun stad. Zij dragen leven en bieden leven aan. Zij doen zoals in een estafetteloop: zij geven de stok door en zo gaat de wedstrijd verder.

De eeuwen door hebben mensen zo de lamp doorgegeven aan de volgende generatie. Een lamp met olie. Zij hebben de anderen licht gegeven. Zo wordt Gods rode draad gesponnen en geweven. Hij staat er borg voor dat deze draad nooit wordt gebroken. Alles wat goed is, is goed voor eeuwig en altijd. Daar mogen mensen voor zorgen. Als zij in die blijde verwachting hebben geleefd.

Als je in verwachting leeft, is de tijd van het wachten een bezige tijd.

Zoeken in Preken Online