Bij u moet het zo niet zijn

A-cyclus · Tijd door het jaar · 31e zondag · groen

Het zijn harde woorden die Jezus hier uitspreekt. We moeten niet denken dat Jezus hier op de eerste plaats een donderpreek wil houden voor de Farizeeën. Jezus had ook vrienden onder hen en Hij wist dat niet alle Farizeeën huichelaars waren. Het gaat Jezus niet om een veroordeling, maar om een oproep tot een andere levenshouding.

Jezus zegt ons op de eerste plaats dat wij ons moeten hoeden om andere mensen lasten op de schouders te leggen die wijzelf niet kunnen of willen dragen. Je mag de godsdienst voor anderen niet te lastig maken en je mag van anderen niet vragen wat jezelf niet doet.

Ten tweede zegt Jezus: Pas op voor de schijnheiligheid, er bestaat vaak een diepe kloof tussen de leer en de werken. Wij doen zoveel voor de schijn, wij doen zo vaak alsof. ‘Luister naar wat hij zegt, maar handel niet naar zijn werken.’ Een hard verwijt dat pijnlijk kan aankomen bij een pastoor, maar het kan even pijnlijk aankomen bij een goede christen die trouw naar de kerk komt. Er bestaat daarvoor maar één geneesmiddel: de waarachtigheid en de nederigheid, het besef dat wij allemaal mensen zijn die een maat te klein zijn en met schoenen rondlopen die een maat te groot zijn. Eigenlijk gelden voor ieder van ons de woorden van Jezus: doe wat zij zeggen, maar handel niet naar hun werken, want zij handelen niet naar hun woorden.

Daarom zegt Jezus: je mag je niet boven de anderen verheffen. Deze bekoring om onszelf te verheffen zit ons schijnbaar wel in het bloed. En al menen wij het goed met de mensen, zonder erg verheffen wij ons al boven de anderen door hen te beoordelen en vaak te veroordelen.

De rijken verwijten de armen dat ze er niets voor doen. De werknemers verwijten de werklozen dat zij profiteren. De gelukkig getrouwden veroordelen die in het huwelijk schipbreuk lijden. De zogenaamde braven veroordelen de zogenaamde zondaars en de gelovigen veroordelen hen die schijnbaar hun geloof verloren hebben. Als het er op aan komt zijn wij altijd de beste, tenminste in onze eigen ogen. Tenslotte zegt Jezus: pas op voor zelfgerechtigheid. Ook al beelden wij ons misschien in dat wij grote dingen doen, voor God kunnen wij ons niets inbeelden. Gij hebt maar één Vader en ge hebt maar één Leraar: God zelf en God alleen kan een mens oordelen, wij staan voor God altijd met lege handen. Hij die zich daarvan niet bewust is, staat al heel sterk onder de verdenking van zelfgerechtigheid.

Jezus heeft ons een nieuwe manier van denken gebracht die zich niet laat leiden door denkcategorieën van macht en aanzien, van prestige en verdiensten. Integendeel, de grootste onder u moet dienaar van allen zijn. Met zo’n gesteltenis van het hart is de wereld meer gebaat dan met macht en bezit. Als wij echt zouden beseffen dat God ons aller Heer is en dat wij mensen samen broeders van elkander zijn, dan zou de maatschappij een ander uitzicht hebben.

Zoeken in Preken Online