God en de naaste

A-cyclus · Tijd door het jaar · 30e zondag · groen

‘Wat is het voornaamste gebod’. Eigenlijk is het fout te spreken over het gebod van de liefde, wij kunnen veel beter spreken over het wonder van de liefde. Liefde is minder een gebod dan een vanzelfsprekendheid. Je doet het ‘zo maar’ ‘met heel je hart’. Ieder die het wonder van de liefde mag beleven - en dit kan de liefde zijn tot God of tot zijn naaste - die ervaart het als de meest vanzelfsprekende zaak van de wereld.

De mens leeft niet uit zichzelf en leeft ook niet voor zichzelf. Hij leeft door anderen en voor anderen. De mens leeft helemaal vanuit God. Zonder God bestaat de mens niet, of hij dat wil aannemen of niet. Daarom is ook het eerste gebod: ‘Gij zult God liefhebben’. Wie God in zijn leven niet wil aanvaarden, verloochent de bestaansreden van zijn leven. Het is een van de diepste mysteries van ons mens-zijn, dat de mens zelf vrijwillig kan kiezen voor God of zonder God en zelfs tegen God. Hij kan de dood kiezen of het leven. En deze keuze is eigenlijk een levenslang proces: elke dag en in elke levenssituatie moet de mens die keuze herzien. Steeds opnieuw moet hij zich afvragen: wil ik vandaag zo handelen als God dat van me vraagt? Dat is toch God dienen.

Je kunt ook zeggen dat God dienen betekent: ‘je naaste liefhebben zoals jezelf’, want het geluk van de mens is de glorie van God. Wij dragen allen het beeld van God in ons of wij nu arm zijn of rijk, jong of oud, man of vrouw.
Elke mens is zoals jij, daarom moet je hem ook liefhebben als jezelf. God heeft ons geschapen naar elkaar toe, voor elkaar. Wij zijn zusters en broers van elkaar. Als wij echt geloven dat God de bron van alle liefde is, dan is het verlangen van elke mens om goed te zijn ook Gods werk en Gods droom.

God dienen betekent dan ook bereid zijn in je leven de schepping te dienen, die God aan de mensen heeft toevertrouwd. Bij onze naastenliefde hoort ook de zorg om Gods schepping, want in de schepping is de mens opgenomen als een onderdeel, hij hoort bij de schepping, maakt deel uit van de schepping.
Daarom is het een deel van de godsdienst dat wij de schepping verzorgen, bewaren en zeker niet beschadigen. De schepping openbaart immers Gods heerlijkheid, zij behoort de mens niet toe, maar is aan de mens toevertrouwd.

Mensen die zo God liefhebben treden binnen in het verbond dat God met de mensheid gesloten heeft. Zij vieren samen in gemeenschap het nieuwe verbond dat Jezus voor ons en met ons heeft aangegaan. Wij kiezen voor het leven en dragen samen zorg voor de toekomst van de mensheid en de heelheid van de schepping.

Als wij zo op zondag als een gemeenschap bijeenkomen voor de eucharistie, dan vervullen wij Gods wil tot in de diepste kern. In die viering immers wordt het duidelijk dat wij God liefhebben en dat wij al onze naasten, dichtbij en veraf, willen liefhebben als onszelf. Eucharistie vieren is geleefde en beleefde gemeenschap van God met de mensen en van de mensen onder elkaar.
Dan ervaren wij hoezeer God ons en alle mensen nabij is, hoe wij allen leven van het gebod van de liefde.

Zoeken in Preken Online