Het komt niet zo vaak voor dat je alles moet laten staan waar het staat om een heel nieuw leven te beginnen. De evangelist Johannes vertelt hoe Jezus op een goede dag langs de oever van het Meer van Galilea wandelt en daar twee vissers, Petrus en Andreas, aantreft die in hun bootje bezig zijn hun netten in orde te brengen om te gaan vissen.
Jezus zal wel begonnen zijn met een visserspraatje, zo van: of er nogal veel vis zit, en of het goed weer is om te gaan vissen. En terwijl ze zo aan het praten zijn, zegt Jezus: ‘Jullie moesten dat vissen er eigenlijk maar aan geven. Kom met mij mee. Ik zal vissers van mensen van jullie maken."
Petrus en Andreas zullen natuurlijk wel een woordje uitleg gevraagd hebben: vissers van mensen? En Jezus vertelt hun dat Hij door God gezonden is om mensen op te vissen uit de poel van narigheid en ellende waarin ze door eigen schuld verzinken, en hun weer vrede en geluk te brengen. En dan vraagt Hij hen of ze Hem daarbij zouden willen helpen. En Petrus en Andreas laten alles staan waar het staat, zij laten het zware net, waar ze mee bezig waren, vallen en gaan met Jezus mee.
Het leven van Petrus en Andreas, dat tot dan toe een eenvoudig vissersleven geweest was, verandert radicaal. God heeft hen nodig voor een veel grotere opdracht. Zij beseffen dat Jezus niet alleen toeschouwers nodig heeft, maar medewerkers, niet alleen bewonderaars, maar navolgers. Zij volgden Hem die weldoende rondging, zal Petrus zeggen.
God roept nog altijd mensen die midden in de bedrijvigheid van de wereld staan. En wij moeten gevoelig blijven voor de roepstem van God, wij moeten bereid zijn om ook alles te laten staan wanneer God of een medemens ons nodig heeft.
Christen zijn is zorg dragen voor medemensen en dat mag niet beperkt blijven tot het aanhoren van Gods woord onder de mis op zondag, om dan weer rustig naar huis te gaan. Je moet Gods roepstem ook en vooral horen in de drukte van het leven en in de nood van medemensen. Wij, christenen, moeten openstaan en gevoelig blijven voor het lachen en treuren, voor het leed en het lijden, voor het praten en het zwijgen van medemensen…