Licht in de duisternis

A-cyclus · Tijd door het jaar · 3e zondag · groen

‘Het volk dat in duisternis zat, heeft een groot licht aanschouwd’. Wat betekent deze zin uit het evangelie?

Er is ons een verhaal bekend uit de Griekse oudheid. Een moeder had een zoon gekregen. Zij wilde weten wat zijn toekomst zou zijn. Daarom raadpleegde zij het orakel. Het antwoord was ronduit verschrikkelijk: hij zou zijn vader doden en met zijn moeder trouwen. Dat nooit, dacht zijn moeder: dan moet die jongen maar ver weg. Zij legde hem te vondeling. Hij werd door een karavaan gevonden en meegenomen. Toen die jongen groot was geworden en op de leeftijd was gekomen dat een kind vragen gaat stellen, vroeg hij: wie is mijn vader, wie is mijn moeder? Niemand kon hem een antwoord geven. Toen raadpleegde hij ook het orakel. Hij schrok van het antwoord: hij zou zijn vader doden en met zijn moeder trouwen. Dat nooit, dacht hij, en hij vluchtte weg uit het land waar hij leefde, om dat te voorkomen. Hij wilde koste wat het kost dat noodlot ontlopen. Onderweg werd zijn karavaan aangevallen. In het gevecht dat toen ontstond, doodde hij zonder het te weten zijn vader. Toen hij in een stad aankwam, merkte hij dat de bewoners een panische angst hadden voor een dier dat de hele stad terroriseerde. Hij ging het gedrocht te lijf en versloeg de sfinx. De stad was bevrijd van zijn angst. Als beloning schonken de bewoners hem de koningin als vrouw. Hij wist het niet, maar het was zijn moeder. Hij had het noodlot willen ontlopen. Maar op zijn vlucht was hij er juist naar toe gelopen. Want het noodlot hing boven het hoofd van elke mens. Het was niet te ontvluchten. Het was onontkoombaar en meedogenloos. Zo leefde men toen in die duisternis.

En voor deze mensen kwam Jezus met zijn blijde boodschap: er bestaat geen noodlot. Zet dat maar van je af. Wat er wel is? Een liefhebbende God, die meer dan een vader voor ons is. Tegenover het meedogenloze noodlot plaatst Jezus voor ons die Vader, van wie hij zegt dat onze naam staat geschreven in zijn hand.

Als de tien geboden worden gegeven dan staat er als eerste regel: Ik ben Jahwe, uw God. Dat is het uitgangspunt. Het is alsof God wil zeggen: of het je nu lukt deze geboden te onderhouden of niet: één ding staat vast: Ik ben Jahwe, uw God. En Ik laat je nooit los. Ieder haar op je hoofd is geteld. En zelfs al zou een moeder haar kind vergeten: Ik vergeet je nooit.

Dat is de boodschap van Jezus van Nazaret. Er bestaat geen noodlot. Niets is onafwendbaar. Er is een Vader die je liefheeft.

Is deze boodschap van Jezus van belang voor onze tijd? Kennen wij een noodlot zoals die jongeman heeft ondervonden? Op het eerste gezicht zeggen wij: nee, daar zijn wij nu wel overheen. Dat is een mythe uit de oude tijd.

Maar is dat wel zo? Of hebben wij de mythe van het noodlot ingeruild voor onze genen en chromosomen, kortom voor een D.N.A.-onderzoek?

Het kan zijn dat er in ons D.N.A. al besloten ligt dat wij over vijf jaar een hartinfarct krijgen of dat we over een jaar zullen sterven aan kanker. Verzekeringsmaatschappij en zouden maar wat graag voor iedere mens een D.N.A.-onderzoek willen hebben. Maar voor ons is het door Jezus zonneklaar dat, wat ons ook overkomen zal, er een God is, die onze Vader is. En deze zekerheid willen we voor geen goud geld kwijt. Die ligt ook in ons D.N.A. verzekerd…

Zoeken in Preken Online