28e zondag door het jaar A (2005)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 28e zondag · groen

Ook vandaag weer spreekt Jezus in gelijkenissen.
Hij doet dat nooit zonder bedoeling.
Zó horen wij vandaag die prachtige zin:
“Het Rijk Gods is gelijk aan een Koning,
die een bruiloftsfeest gaf voor zijn zoon.”

Gods bedoeling is om met zijn mensen
een bruiloftsfeest te houden voor zijn Zoon.
Eigenlijk is onze godsdienst een voortdurend feest
om de liefde te vieren tussen God en de mensen.

Gods éérste uitnodiging is gericht tot het Joodse volk.
Maar zij komen niet opdagen.
Zij kunnen maar niet geloven
dat met de komst van Jezus
het Rijk Gods voorgoed doorgebroken was.

En voortaan richt God zijn uitnodiging aan iedereen.
Ook aan ons, ook aan jou en aan mij.
Hij wil dat ook wij bij Hem vreugde vinden
en aanzitten aan zijn tafel van vriend­schap.
Hij laat ons daarin volledig vrij.
Hij nodigt ons alleen maar uit.
Zon­der ons te verplichten.

De vraag in nu natuurlijk:
wat is ons antwoord op Gods uitnodiging?
Als wij ervoor kiezen, als wij dat willen,
dan mogen wij zelf de eregasten zijn op Gods feest!
God stelt ook geen speciale voorwaarden
om met Hem feest te vieren.

Het énige dat Hij van ons vraagt is oprechte vriendschap
en welgemeende concrete liefde.
Gods huis is een huis van zorgzame betrokkenheid
en van tedere vriendschap.

En in zo’n huis volstaat het niet om uitgenodigd te zijn.
Men moet ook in overeenstemming met het feest
gekleed zijn.
Het bruilofts­kleed dat van iedereen geëist wordt,
is het kleed van de vriendschap
en van de daadwerkelijke liefde.
Alléén als wij in ons leven hebben liefgehad,
zullen wij ons bij God thuis kunnen voelen.

“Doet dan aan tedere ontferming, aan goedheid,
aan deemoed, zachtheid en geduld…
En vergeeft elkander… zoals de Heer u vergeven heeft"

Het bruidskleed van Jezus zelf is zachte liefde
en eindeloze barmhartigheid
voor al zijn broeders en zusters,
voor elk van ons.

Dit is ook de énige bruidskledij
die onze God zal herkennen
op het uur van het bruidsmaal.

Goede mensen,
God verwacht van zijn gasten
een zacht en vloeibaar geworden hart.

Hij verwacht een hart dat opspringt van vreugde,
telkens als er échte liefde in de omgeving is.
Dát is het bruidskleed
dat Gods hart van vreugde doet popelen.

En later, wanneer wij zullen sterven
en hopen dat we voorgoed bij Hem mogen thuiskomen,
zal dat ook de énige vraag zijn die Hij ons zal stellen:
of wij van mensen gehouden hebben…,
of wij mensen vergeven hebben…

Als wij op dat ogenblik het feestkleed van de lief­de dragen,
dan zal God ons met open armen welkom heten
op het vreugdefeest van zijn Zoon.

Zoeken in Preken Online