Ik zal u de sleutels geven

A-cyclus · Tijd door het jaar · 21e zondag · groen

Jezus zegt tot Petrus: ‘Ik zal u de sleutels geven van het Rijk van God’. Er is geen twijfel aan dat deze woorden heel uitdrukkelijk tot Petrus gesproken zijn, als antwoord op zijn geloofsbelijdenis: ‘Gij zijt de Zoon van God’. Maar Petrus heeft die laatste woorden uitgesproken uit naam van ons allemaal, en zo gelden de woorden van Jezus ook voor ons als wij gelovig belijden dat Jezus de Zoon van God is. Ook aan ons zal Jezus dan de sleutels geven van het Rijk van God. Hij geeft ons het sleutelwoord dat ons de diepste zin van het leven ontsluiten kan.

De sleutel is eigenlijk maar een heel klein ding en toch kan het de zwaarste deuren van een brandkast ontsluiten. Wie de sleutel heeft, heeft toegang, heeft macht ten opzichte van het bezit of het goed dat hem is toevertrouwd. Eigenlijk draait in deze wereld alles om macht en bezit, die wij voortdurend veilig willen stellen tegen¬over inbraak en roof. Daarom plaatsen we tegenwoordig overal sloten: op onze huizen, onze deuren, onze auto’s; zelfs de kinderen hebben een slot op hun dagboek. Die sleutels wijzen vaak op een levenshouding die kenmerkend is voor onze tijd. Wij willen ons hele leven in de greep krijgen; wij willen alles zelf vasthouden en zeker stellen. Een belangrijk mens moet een heel pak sleutels bij zich hebben. Maar kunnen wij ons niet afvragen of zo’n mens, met al zijn sleutels, juist niet de voornaamste sleutel mist, de sleutel van zijn levensgeluk? Want al de andere sleutels zijn maar voorlopig. Wij kunnen alles nog zo goed afsluiten, eens zal men alles openbreken en bij de dood zal niets geheim blijven. Dan laten wij al onze sleutels hier op aarde en de ene sleutel van het eeuwige leven moeten we krijgen.

Tegenwoordig worden ons zoveel sleutels voor een gelukkig leven aangeboden. Laten wij ons terdege hoeden voor de valse sleutels die in omloop zijn, die niet passen op het ware levensgeluk. Kijk vanavond maar eens naar de tv-reclame. Als je Orial hairspray gebruikt, ben je mooi en gelukkig; als je een BMW-wagen rijdt, ben je een man van standing; als je op de Costa Brava je vakantie gaat doorbrengen, zwem je in het geluk. Hoeveel sleutels worden je aangeboden om gezond, om jong te blijven!

Maar als je zo de wereld rondom je ziet, vraag je je wel af, of er voor iedereen een sleutel bestaat naar het geluk, ook voor de zieken, voor de bejaarden, voor de gehandicapten? Bestaat er wel echt een sleutel voor een gelukkig leven?

Heel veel mensen hebben al lang de hoop opgegeven. Ze beweren dat er zo’n sleutel niet bestaat; zij sluiten zich verbitterd op in zichzelf; zij sluiten zich af van de wereld. Het geluk is alleen weggelegd voor enkelen. Toch zegt Jezus vandaag tot ieder van ons:

‘Ik zal u de sleutel geven tot een zinvol leven.’ Het is de sleutel die Jezus zelf gebruikt heeft. Jezus heeft niets afgesloten, Hij heeft alles gegeven aan anderen. Hij zegt dat het geluk veel te maken heeft met zich open te stellen voor de nood van de anderen. Daarom heeft Hij, als laatste bewijs van zijn liefde, zijn eigen hart laten openen en is Hij voor ons geworden, zoals de Schrift zegt: ’een deur die open staat’ (Apk 4,1).

Geloven in Jezus wil zeggen: dezelfde weg als Jezus gaan, leven van dezelfde waarden als Hij. Het sleutelwoord van Jezus was steeds: Wie zijn leven verliest voor anderen, zal zijn eigen leven vinden. Schijnbaar is dat juist geen sleutel, want je sluit niets meer af voor anderen. En toch zegt Jezus, dat het de enige sleutel is voor het echte geluk. Het geloof in Jezus, als de Zoon van God, is de weg naar het Rijk van God. Die sleutel moet Jezus ons geven, die kunnen wij onszelf niet verschaffen. Deelname aan Gods heerlijkheid, deelname aan zijn volmacht om te openen en te sluiten, is een geschenk van Gods menslievendheid. Die sleutel naar het geluk, dat eeuwig duren zal, mogen wij op onze beurt aan anderen doorgeven. Wij mogen voor anderen de deur naar het geluk ontsluiten. De vraag is: doen we dat ook blij en moedig genoeg?

Zoeken in Preken Online