God, waar zijt Gij te vinden?
We weten wel dat Hij zich niet schuilhoudt achter de wolken. Dat Hij aan geen plaats gebonden is. Maar waar is Hij dan wel ?
Johannes heeft ons de richting aangewezen om Hem te vinden: God is liefde. Hij is niets anders dan relatie En ieder die liefheeft, die weldoende omgaat met zijn medemens maakt God zichtbaar, geeft een vermoeden van Zijn aanwezigheid in onze wereld. Zo wordt God zichtbaar.
Deze week onderging ik een tweede lensinplanting. Na de ingreep zei de chirurg. ‘Jij waart perfect rustig. Ik veronderstel dat je de kunst verstaat om alles in Gods handen te leggen.’ ‘Eigenlijk niet’, heb ik geantwoord ‘ik leg me in de handen van de wetenschap en in de handen van de mensen die er mee werken. Maar je mag dat van mij gerust Gods handen noemen.'
Mensen die mensen helpen zien, zetten Gods werk verder. Zo liet Hij zich kennen in de persoon van Jezus die blinden het gezicht teruggaf, die bezeten mensen een innerlijk evenwicht bezorgde, die haatdragende mensen liet proeven hoe goed vergeving kan smaken, die lijdende mensen toonde wat Zijn medeleven was.
De gekruisigde Jezus was allerminst een verre God die veilig boven de wolken troont, maar Diegene die midden in ons leven staat, ook en vooral als het donker wordt.
Dat God te vinden is, overal waar mensen weldoende met elkaar omgaan… Tot zover kunnen we mee. Maar als mensen dat niet doen, als ze geen heelmeester, maar moordenaar zijn. Als ze niet weldoende maar haatdragend met elkaar omgaan. Waar is God dan ?
‘Mijn zoon is een gedetineerde’ zei die moeder. En iedere week trok zij met de trein naar de gevangenis om hem te bezoeken. Zij wist wel dat hij een misdadiger was maar hij bleef haar kind en zij liet hem niet vallen. Zo zijn moeders en zo is God.
‘Trek dat onkruid niet uit. We zien wel.’ De doodstraf is zo onchristelijk als maar zijn kan.
Daar waar het er lelijk en hatelijk aan toe gaat, daar leren we van Hem dat goddelijk geduld: laat het onkruid mee opgroeien. Niets is hier definitief. We zien wel.