Wees niet bang. Zo begint het evangelie van vandaag.. Niet bang zijn.
We zijn allemaal wel al eens bang geweest.
Bij hevig onweer kunnen we bang zijn voor de bliksem. Nog erger is het wanneer men zich bedreigd voelt door iemand: er zijn nu eenmaal mensen die ons niet mogen, die ons niet accepteren, die ons geen succes, geen geluk gunnen. Mensen kunnen ons bang maken. We hebben al beelden uit Israël en Palestina gezien. Ik zag onlangs nog in de Westhoek een immens soldatenkerkhof. We kunnen ons voorstellen hoe ellendig die duizenden soldaten zich hebben gevoeld.
Angst krijgen we als we ons bedreigd voelen, door iets of door iemand, door onrecht of geweld.
Jezus is ook bang geweest, heel erg bang zelfs. Daarin was Hij onze lotgenoot. Voor veel mensen is dat echter geen troost.
Er is wel een andere troost die meer hout snijdt. Het evangelie zegt ons namelijk: ‘Van God mag je er wel zijn, helemaal zoals je bent, helemaal met huid en haar.’ God zal niet toelaten dat een haar van ons hoofd gekrenkt wordt. Dat is natuurlijk beeldspraak. Door deze manier van spreken zegt Jezus Christus: ‘Van Mij mag je er zijn. Door Hem word je niet, word je nooit bedreigd.’ Bang zijn voor God is onzin.’
Tweeduizend jaar geleden waren de mensen echt bang van de goden. De oude Griekse, Romeinse, Perzische en andere goden waren niet erg mensvriendelijk. Met de wraak van de goden viel niet te lachen. Dat is of was ook zo in Afrika. De angst voor de kwade geesten is in het heidendom ingebakken. De mens is een speelbal van de grillen der goeden.
Jezus heeft ons een geheel andere God geopenbaard. Hij drukt ons op het hart dat wij ons bij God goed moeten voelen. Als we de indruk hebben dat we bang zijn van God, dan vergissen we ons van God. Want de God van Jezus Christus is de goedheid zelve.
Hij keurt natuurlijk onze fouten niet goed. Hij vraagt zelfs: ‘Wees zo volmaakt als je hemelse Vader volmaakt is."
We hebben in deze tijd wel eens de neiging te zeggen dat God een hele brede rug heeft en voor alles door de vingers ziet. Zo is de God van Jezus Christus ook niet. Ook wij moeten de ‘regels spelen’ die Hij ons voorhoudt. We mogen echter ook weten dat Hij ons in staat acht tot het beste en dat Hij dat zelfs van ons verwacht. Maar Hij is daarbij heel realistisch. Jezus zegt dat zelfs de rechtvaardige zevenmaal zeventig keer zondigt. Ik zou bijna zeggen: dat mag. Niemand van ons kan tien op tien halen. Tot die mens zegt Jezus: Niet bang zijn. Hou je hoofd rechtop. Je kunt op Mij rekenen.
Ik zou er nog het volgende willen aan toevoegen. Wij kunnen ons bedreigd voelen door anderen, maar… misschien voelt iemand anders zich bedreigd door ons. Dan zijn wij zelf de oorzaak dat anderen zich bedreigd voelen. We zouden er versteld van staan hoe vaak wij, dikwijls ongewild, anderen bang maken. Wij willen dat niet, maar toch gebeurt het. We moeten er even op letten. Het overkomt ons vaker dan we denken. Wat moeten we dan doen?
We moeten dan tegen die ander, allicht met stuntelige woorden, durven zeggen, of het door onze manier van doen laten blijken, dat we dat echt niet willen. We zouden moeten spreken zoals Jezus in het evangelie van vandaag: ‘Wees niet bang. Ik wil je geluk. Ik draag zorg voor jou.’
Het is echter niet zeker dat je dat gevoel van veiligheid aan de ander kunt geven. Want de andere moet het ook willen accepteren. Helaas hebben we dat niet altijd in de hand. Zo zijn mensen nu eenmaal.
Laten we dus heel realistisch zijn: als we voor niemand bang zijn en als niemand bang hoeft te zijn voor ons, dan zijn we al een heel eind op weg. Dat is ook de betekenis van wat we zo vaak zingen: Samen luisteren naar wat God de Heer ons zegt: gerechtigheid en vrede in omhelzing.