10e zondag door het jaar A 2008

A-cyclus · Tijd door het jaar · 10e zondag · groen

Ik ben gekomen om zondaars te roepen… Je hoort mensen nogal eens zeggen: “Die kerk, waar de mensen die zus en zo zijn met een vroom gezicht in de eerste bank zitten…” Het is waar. Thomas a Kempis zegt al in zijn beroemde ‘Navolging van Christus’: “het zijn niet de grootste heiligen die op bedevaart gaan.” Misschien is het zelfs waar dat er buiten de muren van deze kerk meer heiligen rondlopen dan daarbinnen - en als ik voor mezelf spreek: er lopen zeker bravere priesters rond dan ik ben.
Tegen al die mensen zegt Jezus vandaag: “Ik ben gekomen om zondaars te roepen…” Waarom zouden mensen naar de dokter gaan als ze niet ziek zijn? Waarom je auto voor reparatie naar de garage brengen als hij perfect rijdt? Juist die mensen die door-de-week niet zo heilig leven en die zondags vooraan in de kerk zitten, hebben Jezus misschien het hardste nodig. Wie echt zonder zonde is, hoeft niet naar de kerk om Jezus’ vergeving te halen - hij zal dan natuurlijk tóch gaan, maar dan ook God te eren. Nee, als het goed is zit de kerk vol met mensen die heel goed weten dat zij maar kleine en zwakke mensen zijn, maar die daarom liever komen voor de barmhartigheid dan het offer…
Daarom, zelfs wij priesters vieren de eucharistie om als kleine mens ter communie te gaan. Dóór onze handen komt Christus aanwezig in ons midden. Prachtig! Maar mét onze handen ontvangen wij dezelfde Christus als u, met dezelfde reden als u: “Ik ben gekomen om zondaars te roepen, u en mij.” Daarom gaan wij als priesters ook als eerste ter communie. Niet om ongastvrij te doen, maar om echt ‘voorganger’ te zijn in het ontvangen van Jezus als geneesheer…
Als Jezus zegt: “Ik ben gekomen om zondaars te roepen”, dan bedoelt Hij daarmee overigens niet in de laatste plaats degenen die Hem uitdaagden tot deze uitspraak. De mensen die het zelf zo goed wisten, die zelf meenden volmaakt te zijn en zich ergerden aan Jezus: “waarom gaat Hij aan tafel met zondaars”. Jazeker, dezelfde mensen misschien die zich ergeren aan hun medekerkgangers, zogenaamd omdat wij door hun vroomheid heenprikken. Ik maak mij sterk dat Jezus ook juist deze mensen roept, als zondaar, tot een echte ommekeer in hun hart. De grootste zonden zijn niet wat mensen per se doen en laten, maar wat ze over andere mensen denken. De grootste ergernissen, de woede, de haat, de hardheid, de liefdeloosheid, de onvrede… het blijkt wel in de praktijk van het leven, maar waar komt het vandaan? Komt het niet uit het hart van mensen dat in hardheid gesloten is voor de medemens, zijn broeder of zuster? Ja, al die oordelen over anderen, alsof wij zelf God zijn en het zo goed weten - is dat niet de bron van haat vanaf de tijd van Kaïn en Abel tot nu toe? Jezus treft de criticasters van zijn beleid om zondaars te roepen in het hart: “kijk maar eens naar jezelf… kijk maar eens naar je eigen vroomheid, je brave voorkomen, je zelfverzekerde uitstraling, je arrogante houding alsof je de geboren onschuld bent… ben jij zo barmhartig? Je oordeelt er niet naar. Open toch je hart… ik wil liever dat je niet oordeelt over je medemens en barmhartig bent, het goede in hem ziet, hem vergeeft - op voorhand - dan dat je hier komt om mooie liedjes te zingen. Ik hoor liever vrede in je hart dan schoonheid uit je mond…” Aan ons de vraag: gaat dit ook over ons, over u en mij…?
Als wij leven vanuit een houding dat Jezus gekomen is om ons, kleine mensen en zondaars, te roepen tot een houding van vrede en barmhartigheid, dan zal de wereld om ons heen er anders gaan uitzien. Het grootste kwaad van deze tijd is misschien wel dat zoveel mensen de beschuldigende vinger nooit meer op zichzelf richten. Het spreekwoord ‘verbeter de wereld begin bij jezelf’ hoor je niet zo vaak meer. Kwaad is maatschappelijk bepaald, onveiligheid is het probleem van blauw op straat, criminaliteit is iets van de allochtonen, en ga de hele litanie van hedendaagse onvrede maar na. De politiek kan die problemen niet oplossen zonder een nieuwe mentaliteit van de burgers. Wie eerst kijkt naar zijn eigen hart, oordeelt niet zo fel over anderen, maar zoekt de verbetering in zijn eigen houding. Eigen verantwoordelijkheid voor de genezing van de samenleving - daar begint het. Barmhartigheid in plaats van oordelen.
“Ik ben gekomen om zondaars te roepen,” Jezus zegt het tegen u en mij. Maar onder deze woorden ligt de oproep verborgen om zelf ook barmhartig te zijn. Een hart van erbarmen, liefde en vergeving, een hart van vrede. Jezelf klein weten en je niks verbeelden. En zo kijken naar andere mensen. De ander maar liever hoger achten dan jezelf en ze niet veroordelen. De maat die wij gebruiken zal men misschien ook voor ons gebruiken. Ons komt niet het oordeel toe, maar de barmhartigheid. Dat willen we voor onszelf, dat willen we ook voor anderen. Laten we zo deze week beleven dat Jezus ons roept en ons uitdaagt om met een klein en open hart te leven voor Gods erbarmen en dat van elkaar. Amen.

Zoeken in Preken Online