Er is wat aan de hand met de lezingen van vandaag.
Zowel de eerste al de tweede lezing spelen zich af in de woestijn.
En als je de eerste lezing leest lijkt het wel leuk om tijd en leven in de woestijn door te brengen. Want… het zijn toch heel positieve klanken en beelden die ons worden doorgegeven.
Haast tegensprekelijk mooi.
De woestijn zal zich verheugen
de dorre vlakte zal vrolijk zijn
de wildernis zal jubelen en bloeien
als een lelie welig bloeien,
jubelen en juichen van vreugde.
De Israëlieten hadden nochtans heel wat andere herinneringen van de woestijn dan deze die Jesaja nu voor ons heeft opgeschreven.
Men zegt dat Mozes 40 jaar lang heeft rondgezworven in de droogte en de onbergzaamheid van de Sinaï.
De mensen met wie hij op weg was werden moe en opstandig en meer dan een keer moest er met hun protest heel diplomatisch worden omgegaan om erger te voorkomen.
En toch bezingt, bejubelt de profeet Jesaja de woestijn.
Zou het kunnen dat je misschien eerst de donkerte en de kilte moet hebben meegemaakt om te weten wat een geschenk licht en warmte wel is.
En moet je niet eerst dorst hebben geleden om een dronk water naar waarde te schatten.
En moet je niet soms door de eenzaamheid van de woestijn zijn gegaan om nabijheid en verbondenheid als iets duurbaar te ervaren.
Niemand krijgt het beloofde land zo maar gratis en voor niets.
We zullen er iets moeten voor achter laten.
Ook de Israëlieten hebben dat ervaren. Zij hebben hun huis en thuis moeten verlaten. Zijn op weg moeten gaan en hebben geleerd dat er, ondanks tegenslag en tegenkantingen, een God was die met hen bleef meegaan.
En dat is ook wat Jezus zegt tegen de vrienden van Johannes.
Johannes kende de dorheid van de woestijn en de dorheid van de harten.
Hij wist, beter dan wie ook, dat een woestijn hard, maar OOK helend – genezend kon zijn.
En vanuit die ervaring laat hij aan Jezus vragen:
Is de tijd van droogte en ellende voorbij?
Kom jij ons lente en leven aankondigen?
Is er weer toekomst waarin nieuw leven mag geboren worden?
En Jezus zegt tegen deze vrienden: ga terug en vertel aan Johannes wat je gezien hebt.
Voor mensen die geloven is een nieuwe tijd aangebroken
Dorheid en kilte is voorbij
Er is weer licht en leven.
De blinden krijgen weer hoop en toekomst
de lammen kunnen nieuwe wegen inslaan
en ook de doven hebben het goede nieuwe gehoord.
Dat beeld van de woestijn die van een dorre vlakte plots een vruchtbare en uitgestrekte oase wordt,
het beeld van Jezus die leven en toekomst in de harten van mensen legt,
het beeld van een God die steeds nabij is,
zijn de wezenlijke elementen van ons kerstmisgeloof.
Het kerstverhaal is op zich geen romantisch sprookje;
Het is een fundamentele werkelijkheid van een God die mensen heel nabij wil zijn en die van “onze” woestijn een plaats wil maken waar het goed is om te wonen.
Alleen moet je het aandurven om net als de herders en de koningen alles wat bijkomstig en hinderlijk is achter te laten en op weg te gaan.
En vaak is dat geen makkelijke weg.
Vaak moet je die weg gaan vanuit teleurstellingen en ontgoochelingen.
Vanuit pijn en verdriet.
Vanuit eenzaamheid en soms wel eens tegenkanting en onbegrip.
Maar dit moet je wel weten en onthouden,
en dat zeggen ons de lezingen van vandaag,
wie het aandurft die weg te gaan zal hem nooit alleen moeten gaan en wat donker is zal open bloeien tot warme vreugde en licht.
De vreugde en het licht van Kersmis.
Amen
3e zondag in de advent (2004)
A-cyclus · Advent · 3e zondag van de Advent · roze