Wanneer een kind geboren wordt, gaat het bij ouders en andere gezinsleden deel uitmaken van hun leven. Ouders ervaren, zeker wanneer het hun eerste kind is, dat hun leven totaal verandert. Voorheen hadden zij een grote mate van vrijheid, maar nu is daar gebondenheid voor in de plaats gekomen. Voortaan moeten ze rekening moeten houden met de nieuwe wereldburger. Voor veel ouders is het een wonderlijk gebeuren wanneer het kind naar hun lacht, hun papa en mama noemt, de eerste stapjes zet. Met deze geboorte zijn ze blij. Geboorte is geen eenmalig gebeuren, maar een proces dat zich telkens opnieuw voltrekt. Er komen momenten dat een kind aan je ontglipt. Plotseling word je er mee geconfronteerd. Een nieuwe geboorte die ouders verrast en onzeker maakt. Met vallen en opstaan moeten zij een nieuwe houding aannemen tegenover hun kind dat volwassen aan het worden is. Verwijdering maakt je boos en machteloos. Een gesprek met goede voornemens geeft weer ruimte om in elkaar te geloven. Ook dat hoort bij het leven. Door zich naar elkaar toe te keren kan er weer ruimte groeien om blij te zijn met elkaar.
In deze adventstijd speelt Johannes de Doper een specifieke rol bij het binnen treden van Jezus in het leven van mensen. Hij verkondigt niet de geboorte van Jezus, want die is geschiedt. Maar hij geeft nieuwe wegen aan opdat Jezus in het hart van vele mensen een plaats kan krijgen. Het komen van de Messias krijgt betekenis wanneer degenen voor wie Hij komt Jezus ook aanvaarden. De Sadduceeën en Farizeeën hadden daar moeite mee. Hij was een inbreuk op hun leven. Zij konden geen ruimte maken voor Hem die komen gaat omdat zij te zeer met zichzelf bezig waren. Echt geloof konden zij niet opbrengen omdat zij hun toekomst in eigen hand wilden houden. Daardoor blokkeren zij niet alleen hun eigen geloofsgroei, maar zij houden ook velen uit het Joodse volk er van af om Jezus als de Messias te ontvangen. Johannes functioneert als een soort kraamhulp om Jezus toch van betekenis te laten worden bij de gewone mensen: ik doop u met water opdat gij u zoudt bekeren. Maar Hij die na mij komt… Hij zal u dopen met de Heilige Geest. Het geloof is niet alleen maar traditie, maar ook vertrouwen op de toekomst met God. Paus Benedictus schreef een dezer dagen een prachtige brief, die ging over de hoop. Hij gaat er van uit dat wie liefheeft, ook altijd hoop heeft.
Ook wij lopen als Kerk het gevaar om te verstenen door tradities. Een aantal mensen heeft zich daarom van haar afgekeerd omdat zij te weinig ruimte ervoeren. Zij willen niet meer de Kerk, maar wel het geloof in Jezus. Toch blijkt dit in het gewonen leven niet gemakkelijk te verwerkelijken. Jezus voedt de Kerk en de Kerk draagt dit uit in de benadering van mensen. Toch staat zij ook in het spanningsveld tussen het doorgeven van de traditie en het verstaan van de tekenen van deze tijd. In deze adventstijd mogen ook wij ons afvragen in hoeverre het voor ons ook nodig is om ons opnieuw te keren tot Jezus opdat Hij meer deel mag gaan uitmaken van ons leven. Dit betekent dat wij soms nieuwe wegen moeten gaan en ons moeten laten meenemen door Zijn Leven bij het verstaan van de tekenen van deze tijd. Het regelmatig deelnemen aan de eucharistie kan ons hierbij helpen. Wij ontvangen hierin inzicht dat het loslaten van vertrouwde dingen ons soms angstig en onzeker maakt. Maar wij ontdekken ook hoe Jezus en de Kerk zich in ons leven vernieuwen wanneer wij met geloof ons durven toe te vertrouwen aan de toekomst. Kerstmis is een feest wat ons ieder jaar opnieuw uitnodigt om ons open stellen voor Jezus komen in onze wereld en in ons leven. In die zin wens ik u een fijne voorbereiding toe op het geboortefeest van de Heer.
Johannes, kraamhulp bij Jezus' geboorte (2007)
A-cyclus · Advent · 2e zondag van de Advent · paars