Evangelie: Lc. 13
Beste Vrienden,
De laatsten zullen de eersten zijn,
dat zeggen we wel eens met iets van
triomf,
als we als laatste de zaal binnen komen en als eerste de koffie
krijgen.
Het staat in het evangelie minder beslist:
er zijn laatsten
die eersten zullen zijn, en andersom.
In het woordenboek van van Dale
staat de uitdrukking ook,
met een verwijzing naar het evangelie,
en
daar staat als betekenis van laatsten: geringen, eenvoudigen.
En dat is
wel een variant die iets oplevert, want dan krijg je:
er zijn er die
zich altijd op de eerste plaats zetten,
die zichzelf belangrijk achten,
en
misschien zijn zij het wel die nu aangesproken worden:
misschien zijn
jullie wel de laatsten.
En er zijn er die heel bescheiden zijn, een
plaatsje achteraf kiezen,
en misschien zijn zij wel degenen die te
horen krijgen:
jullie zijn de eersten.
De eersten om wat?
Om aan
te zitten in het koninkrijk van God.
Degenen die denken als eersten
daarvoor in aanmerking te komen,
dat zijn misschien wel degenen die het
laatste aan de beurt zijn,
en misschien kloppen ze wel hard op de deur
en roepen:
Heer, doe open voor ons,
ik ben er voor een plaats in uw
koninkrijk,
en misschien roept de Heer wel terug:\
- tegen degenen
die zichzelf de eerste plaats hadden toebedacht -
ik ken jullie niet, waar komen jullie vandaan?
En misschien roepen ze dan wel verontwaardigd terug:
Mijn God nog an toe; heb ik me daar zo voor uitgesloofd?
Ik heb toch altijd voor de kerk klaar gestaan,
geen zondag overgeslagen, of bijna nooit,
me altijd verdiept in uw woord, en allerlei dingen gedaan.
en nou zegt U: waar komen jullie vandaan?
Wat had ik dan moeten doen,
om wel gekend te worden door de Heer van het koninkrijk?
Hij zegt het zelf: zij het in het negatieve:
ga weg van mij, wetsverkrachters
allen die ongerechtigheid bedrijven;
het gaat om gerechtigheid, dan wordt je gekend,
dan hoor bij degenen voor wie wordt opengedaan..
Jezus is onderweg naar Jeruzalem;
geen toeristische informatie,
want Jeruzalem is de plaats waar het kruis staat.
Jeruzalem is de plaats waar de eersten van het land en de eersten van de kerk de laatsten zullen zijn om de prediking van de gerechtigheid van het rijk van God tot zich toe te laten. Die prediking is een bedreiging voor hun positie, komt niet overeen met hun zorgvuldig opgebouwde ideeen over God en dus zal die profeet van de gerechtigheid de dood vinden in Jeruzalem.
Tegen die achtergrond komt dan de vraag:
Heer, zijn er maar weinigen die gered worden?
Voorwaar een belangrijke vraag,
zeker als je in de situatie zit dat je de balans van je leven aan het opmaken bent.
Het antwoord van Jezus zegt mijns inziens:
maak je niet over de vraag of het er veel of weinig zijn,
zorg liever dat je er zelf bij hoort,
zorg liever dat jij een mens bent van gerechtigheid.
Even later komt er toch een antwoord op de vraag naar de velen of weinigen:
uit alle windstreken zullen ze komen, denk er niet te beperkt over,
zoals in het boek van de Openbaring ook staat:
een menigte die niemand tellen kan.
Maar… het gaat niet vanzelf…
het vraagt inspanning tot het uiterste.
Kan dat nog van ons verwacht worden?
In elk geval dat we ons er niet zomaar van af maken met:
ik doe toch niemand kwaad?
Nee, er zijn een heleboel kwade dingen die we niet doen,
maar …precies daar waar ons leven zich afspeelt,
in ons met elkaar omgaan,
tijdens de koffie, tijdens het eten, op de afdeling,
met de verzorging,
zijn we dan bezig met gerechtigheid,
dat een ander tot zijn of haar recht komt,
er mag zijn, zoals door God bedoeld?
Het evangelie zegt ook: kom asjeblieft niet aan met:\ - wij hebben met u gegeten en gedronken,\
wij hebben uw eucharistie of avondmaal gevierd,\
- wij hebben in uw
eigen huis geluisterd naar de schriften en de prediking
Jezus zal zeggen; mooi en goed, maar hoe zit het met je gerechtigheid, dat telt!
Het gaat om het koninkrijk,
dat hier en nu al iets te merken is van Gods gerechtigheid.
uit onze handen.
Span je daarvoor in,
en je zult deel uitmaken van Gods koninkrijk.
Amen.