Allerheiligen (2008)

Feest · 1 november · Allerheiligen · wit

We hebben zojuist de acht zaligheden beluisterd. U weet dat dit het begin is van de Bergrede in het Matteüsevangelie. Het evangelie is, zoals we allemaal weten een boodschap van Godswege aan de mensen. De Bergrede is daarin een bijzondere boodschap over hoe God ons ziet, wat God van mensen denkt, welk levensmodel Hij ons voorstelt. Dat zijn dus geen goede raadgevingen van Matteüs, het zijn woorden van God aan de mensen.

Ik zou eerste even iets willen vertellen uit een eigen levenservaring. Enkele jaren geleden had ik in mijn familie een overlijden, een kleinzoon van mijn oudste broer zaliger. Een knappe vent - den Died noemden zijn medestudenten hem in Leuven - . Hij was juist 26 geworden en specialiseerde zich verder te Leuven. Hij was al enkele jaren ziek. Na een serieuze behandeling in de Gasthuisberg kwam hij er weer bovenop. Maar na een tijdje herviel hij. Hij leefde enkele weken in een isolatiekamer en daarna in de intensieve. Heel die tijd hebben medestudenten bij hem ‘de wacht’ gehouden. Ze mochten natuurlijk niet de kamer binnen. Maar ze hielden de wacht aan het raam dat op zijn kamer uitgaf. Dat waren echte vrienden en Ons Heer zal van hen zeker zeggen dat ze zalig zijn die zoiets doen.

Wat doen wij met die acht zaligheden. We kennen asielzoekers die hier afgeschreven zijn en elke dag opgepakt kunnen worden om terug gevlogen te worden naar Iran of naar Rusland. Met absolute zekerheid is er voor die mensen niet de minste toekomst. Wat doen wij met ‘zalig de vervolgden, zalig die treuren, zalig de armen, zalig de vluchtelingen, zalig de daklozen…?

In de 19e eeuw zou Karl Marx gezegd hebben dat deze Bergrede opium is voor het volk. Hij noemde het een schande armen in slaap te wiegen door hen te beloven dat ze het later goed zullen hebben in het hiernamaals.

Er bestaan naar mijn gevoel ongelukkige vertalingen van de Bergrede zoals: ‘gelukkig zij de arm zijn, gelukkig zij die vervolgd worden, gelukkig zij die treuren’. Zo staat het ook in de Nieuwe Bijbelvertaling. Ik voel me daar niet goed bij. Ik stel me zelfs de vraag of dat woord ‘gelukkig’ vaak voorkomt in de Bijbel.

U hebt het al gemerkt: die acht zaligsprekingen hebben we hertaald, niet omdat we niet akkoord gaan met de Bergrede, maar omdat we de boodschap willen doen verstaan, omdat we iedereen willen doen begrijpen welke de boodschap is van Jezus Christus.

Als Jezus Christus zegt: ‘zalig de armen’ dan wil dat zeggen dat Hij aan de zijde van de armen staat. Als ik over mijn vader spreek, dan spreek ik over mijn vader zaliger. Zalig de armen wil zeggen dat Jezus aan de zijde der armen staat. En zijn boodschap tot ons is: doe ook zo. Wanneer er te kiezen valt, neem het op voor de zwaksten en laat je niet verleiden door de macht van het geld.

Als Jezus zegt: ‘zalig zij die verdriet hebben’. Hij zegt niet dat ze zich gelukkig moeten voelen in hun verdriet. Hij zegt dat Hij met hen meevoelt. Hun verdriet wordt zijn verdriet. Jezus zegt ons: doe ook zo. Gaat naar mensen die verdriet hebben en geef steun en troost en vriendschap, zodat ze zich niet alleen voelen. Stille nabijheid of een warme knuffel is vaak de beste troost.

Jezus zegt: ‘zalig de barmhartigen’, de mensen met een goed hart. We weten het: zulke mensen zijn vaak de dupe van hun goedheid. Mensen kunnen immers de goedheid van andere mensen misbruiken. ‘Maar ik, Jezus, die spreek van Godswege, Ik zeg jullie: neem het op voor zachtaardige mensen, neem het op voor wie opkomt tegen geweld en oorlog.’ En als wij ook zo doen, dan zijn wij mensen naar het hart van God, zalige mensen zoals er veel meer zouden moeten zijn.

André Couraqui, een joodse bijbelkenner, - hij is voor enkele maanden overleden - heeft een inspirerende vertaling gemaakt van deze zaligheden: ‘en marche, les pauvres’, ‘ sta op, kom recht op, Ik kies partij voor hen'.

Die zaligsprekingen zijn geen mooie en ontroerende ontboezemingen van Christus. Ze zijn een oproep tot ons is gericht, tot ons die beweren de leerlingen, de volgelingen te zijn van Jezus. Tot ons zegt Hij: neem het op voor deze mensen die in deze wereld geen kansen maken.

Dat was ook de boodschap van het pastoraal plan dat we een beetje vergeten zijn: ‘help mensen rechtop leven’. Dat is het wat de Kerk, wat een parochie, wat een gelovige moet doen: verlossing brengen van het concrete kwaad waarin mensen leven. Het opnemen voor de zwaksten. Als we dat doen, dan zijn wij in Gods ogen zalig.

Over anderhalve week gaat de 11.11.11-actie door en tijdens de advent lanceren we de actie Welzijnszorg voor mensen van bij ons. Kiezen wij partij voor de zwakken of stellen wij ons tevreden met mooie woorden. Is het nieuws uit Kivu, uit Goma alleen maar slecht nieuws of gaan wij, westerse christenen creatief genoeg zijn om er iets aan te doen. Wij kunnen er niet van tussen: deze keuze is één van de maatstaven van ons gelovig zijn. Geloven is niet in de eerste plaats waarheden kennen die ons worden voorgehouden. Geloven is in de allereerste plaats concreet leven naar de geest van de acht zaligheden. Daarin staat de mens centraal. Wij moeten getuigen zijn van die boodschap door ernaar te leven.

Zalige hoogdag wens ik julllie allemaal.

Acht zaligheden voor mensen van deze tijd

Toen Jezus de menigte om zich heen zag, besteeg Hij de berg.
Hij zette zich neer en zijn leerlingen kwamen bij Hem.
Toen begon Hij te spreken. Hij onderrichtte hen en zei:
“Ik sta aan de zijde van de armen, aan hen behoort het Rijk der hemelen.
Ik sta aan de zijde van de mensen die verdriet hebben. Ik zal hen troost geven.
Ik sta aan de zijde van de eenvoudigen. Zij zijn de erfgenamen van mijn Geest.
Ik neem het op voor diegenen die hongeren en dorsten naar gerechtigheid. Ik zal ze verzadigen.
Ik juich diegenen toe die leven geven. Ik zal hen leven geven en wel in overvloed.
Mensen met een puur en zuiver gemoed zijn mensen naar mijn hart. Zij zullen God zien.
Ik sta aan de zijde van allen die zich inzetten voor vrede. Zij zijn kinderen van God.
Ik deel in het lot van de mensen die vervolgd worden omwille van de gerechtigheid. Ik verzeker jullie: zij krijgen de beste plaatsen in mijn rijk.
En als iemand vervolgd, belachelijk gemaakt en beschimpt wordt, of omwille van Mij van allerlei kwaad wordt beschuldigd, hij mag zich, spijts alles, gelukkig prijzen: zijn loon zal immers groot zijn bij God, mijn Vader.”


Een avond in mei 1972, kwamen we op een faculteitsraad samen aan de universiteit van Bujumbura. Meer dan honderd studenten waren vermoord door ordestrijdkrachten. Een collega uit Luik zei tegen mij, ietwat spottend: Tu peux l’avoir ton Bon Dieu qui dit: bienheureux les persécutés. We hadden met eigen ogen gezien hoe studenten aan handen en voeten gebonden op vrachtwagens werden geladen om wat verder beestachtig afgemaakt te worden…

Ik heb het toen heel moeilijk gehad met de zaligprijzingen tot ik ooit eens André Chouraki zijn acht zaligheden hoorde voorlezen uit zijn bijbelvertaling: En marche les persécutés, en marche les pauvres…..

Vandaar bovenstaande ‘versie’ van de zaligsprekingen. Ik heb die ooit gepubliceerd in Mensen Onderweg.

Zoeken in Preken Online