Het bezorgt me even een binnenpretje. We zijn volop in het Lucasjaar en plots wordt ons een Johannestekst geserveerd. Een beetje vreemd. Lucas heeft toch verhalen genoeg? Waarom moet het nu plots Johannes zijn? Volgens betrouwbare exegeten - die ik natuurlijk van harte geloof - is het verhaal van de overspelige vrouw verkeerdelijk in het vierde evangelie terechtgekomen. Het past veel beter in de cyclus van Lucas. Wij vallen niet over deze wetenschappelijke gissingen. Wij lezen gewoon het verhaal.
Nu, het verhaal van de overspelige vrouw is op zich een schokkende story Er wordt gezegd dat een zekere autoriteit als Augustinus maar niet kon begrijpen dat dit stuk in het evangelie werd opgenomen. Het was voor hem van het goede teveel. Zover mocht Jezus niet gaan. Toch heeft Augustinus zich hier vergist, hoe geleerd en bewogen deze bekeerde bisschop ook moge zijn. Hier, in dit verhaal, is Jezus op zijn best. Hij bezit het grote talent om binnen te treden in het geheim van het falen van de mens. Want dit moetje vooropstellen en vasthouden: deze vrouw heeft gefaald. Ze heeft gezondigd tegen de oude wijsheid van wet-en-profeten. Echtbreuk en overspel, dat staat niet in het boek van nette joodse manieren. Zij wordt terecht in het midden geplaatst: beschuldigde, sta op. De mannen van de wet hebben volkomen gelijk. Zij kennen de wet en die wet is formeel: die vrouw moet worden gestenigd. Wet is wet.
Daarop gebeurt iets zeer curieus: Jezus schrijft met zijn vinger in het zand. Andere woorden schreef Hij niet. Alleen deze vervlogen woorden in het zand. Dat was zijn enig literaire product. Hij schreef dus iets. Het intrigeert ons allen te weten wat Jezus daar schreef. Niemand weet het. Nu is er een zekere Franse vrouw die beweert het te weten. Haar naam is France Quéré. Het is natuurlijk een tikkeltje feministische taal. Zij gaat ervan uit dat Jezus daar iets geschreven heeft wat in elk geval zeer raak was. Want ‘ze dropen één na één af’. Onschuldig zal het dus wel niet geweest zijn. Volgens die stoute Franse vrouw schreef Jezus in het zand deze woorden: waar is de minnaar? Als dit gewoon feministisch verweer is, dan ga ik niet mee. Er is evenwel iets anders. De aanklagers hadden zich beroepen op een woord dat Jezus goed kende: deze vrouw moest worden gestenigd. Maar op dezelfde plaats staat geschreven dat de mannen die een vrouw tot ontrouw brengen, moeten worden gedood. Zijn de mannen dan zo onschuldig? Staan zij dan buiten het proces? Hoe dan ook, het woord op de grond had zijn uitwerking niet gemist. Ze hadden begrepen. Feminisme kan ook waarheid zeggen.
Hoe waar wellicht ook, dit is nog niet de pointe van het verhaal. Plots staat Jezus alleen met de vrouw. Dan is Hij op zijn best. Hij moet nu wel op zijn woorden passen. Hij is grandioos. Hij redt én de wet én de vrouw. Om de vrouw te redden zegt Hij: ik veroordeel u niet. Om de wet te redden zegt Hij: zondig voortaan niet meer. Om dit wijze evenwicht te vinden en te bespelen moet je zeer, zeer wijs zijn. Voor zoiets moet je veel van God hebben geproefd. Dat was Jezus’ allereigenste talent. Waarom was Augustinus zo geërgerd?
Wat mag ik lezen in het zand?