Is vergeving rechtvaardig?

C-cyclus · Vasten · 4e zondag van de Vasten · roze

Van God verwachten wij dat Hij alle mensen gelijk behandelt. Allen zijn immers zijn geliefde kinderen. God moet mensen geven wat hun toekomt. Zo hoort Hij het goede te belonen en het kwaad te bestraffen. Onnodig te zeggen dat wij vaak de indruk hebben dat God dat niet doet. Ziekte, tegenslag en noodlot slaan soms blind toe en treffen mensen die dat zeker niet verdienen, terwijl anderen, die zich om God noch gebod bekommeren, blijkbaar nog altijd ‘chance’ hebben ook. Die ergernis is zo oud als de Schrift zelf. Denk maar aan Job. De man leefde voorbeeldig, had niets misdaan, en alle rampen kwamen op hem terecht. Hij spande dan ook een rechtsgeding aan tegen een God die zo onrechtvaardig te werk gaat. God blijft soms onder de maat van wat we geredelijk van Hem mogen verwachten.

In het verhaal van de verloren zoon gebeurt net het omge-keerde. De jongste zoon is ferm buiten de schreef gegaan en komt er berooid en haveloos uit. Dat is, zo redeneren wij, per slot van rekening zijn verdiende loon. Hij had maar zijn verstand moeten gebruiken. Hij keert beschaamd en berouwvol naar zijn vader terug en wordt daar onverwacht hartelijk en met alle eer ontvangen. Tot grote ergernis van de oudste zoon, die zijn vader altijd trouw gediend heeft, zich nooit misdroeg, en nog nooit eens een fuif heeft mogen houden.

Het hele verhaal vloeit over van medelijden en goedheid vanwege de vader voor zijn jongste zoon. Onze sympathie gaat spontaan uit naar die berouwvolle jongen. Maar wat met de oudste zoon? We kijken liefst niet al te veel naar hem. Misschien omdat we onszelf maar al te goed in hem zouden herkennen! De meesten onder ons gedragen zich niet als die jongste. Wij lijken meer op de oudste. Die komt trouwens met zeer rake argumenten aandragen. Hij heeft de indruk dat hij niet rechtvaardig behandeld wordt. Zijn vader laat zien dat dit niet waar is. Toch blijft de oudste nukkig weigeren om deel te nemen aan het feest. Waarom? Het is gênant om het te zeggen: niet omdat zijn vader onrechtvaardig is, maar omdat hij te goed is.

Zolang het over rechtvaardigheid gaat, hebben we vaste grond onder de voeten. We kunnen dan maatstaven hanteren, zoals bijvoorbeeld: loon naar werk, voor iedereen gelijk. Maar vergeving laat zich niet daaraan meten. Vergeving is… niet rechtvaardig. Door het kwaad niet te vergelden, door de schuldige niet zijn ‘verdiende’ loon te geven, verstoort ze het evenwicht tussen daad en beloning.

We ergeren ons aan God als Hij beneden de maat van de rechtvaardigheid lijkt te blijven. We ergeren ons evenzeer - of misschien nog veel meer - aan Hem als Hij de rechtvaardigheid overtreft, als Hij letterlijk geen maat kent in zijn vergeving. Het is beschamend dat te moeten vaststellen en toegeven. Nochtans zijn we pas dan aan de echte liefde toe, waarvan Paulus zegt dat ze het kwade nooit aanrekent en alles vergeeft.

Zoeken in Preken Online