Het is twintig eeuwen geleden dat op de dag van Pinksteren de heilige Geest in storm en vuur de deuren van de zaal waar de bange leerlingen van de Gekruisigde verbleven, openbrak en ze omvormde tot onverschrokken getuigen en verkondigers van Jezus en zijn komend Rijk.
Maar dat pinkstergebeuren is nu nog niet ten einde: de verrezen Heer treedt nog altijd door gesloten deuren binnen om zijn Geest uit te storen over de leerlingen die biddend samenzijn. De stormwind van de Geest is nog niet uitgedoofd en het vuur van de liefde brandt nog altijd verder in de vorm van streven naar eenheid, vrede en verzoening, en zo zal het blijven tot aan het einde van de tijden.
Aan het pinkstergebeuren komt geen einde omdat de zon van de liefde geen ondergang kent. Hoezeer ook de boze geest van haat, hebzucht en heerszucht het aanschijn van de aarde probeert te verwoesten, toch zal de Geest van Jezus het hart van de gelovigen blijven vervullen om het aanschijn van de aarde te vernieuwen. De Geest kwam over de leerlingen toen zij eensgezind in gebed samen waren. Saamhorigheid en gebed zullen altijd de noodzakelijke voorwaarden blijven, opdat de Geest van God op aarde neerdaalt. De geest wordt niet aan enkelingen gegeven, maar binnen de gemeenschap van de Kerk.
Telkens als wij op zondag op dezelfde plaats samenkomen om te bidden, wordt het pinkstergebeuren weer werkelijkheid en wordt de Kerk weer zichtbaar. Door de Eucharistie komen wij weer in levendig contact met de verrezen Heer, wordt de Geest van God weer over ons vaardig en worden wij uitgezonden om zijn vrede en vergeving aan alle mensen te verkondigen.
De Geest van God bouwt op en maakt levend, Hij heelt wat gebroken was en verwarmt wat koud is, Hij drenkt het verdorde en maakt het dode weer levend.
De heilige Geest is als de wind: je kunt Hem niet zien, je weet niet waar Hij vandaan komt of waar Hij heengaat, maar je hoort wel zijn gesuis. Je kunt de Geest kennen aan zijn gaven.
Hoe kunnen wij dan zien of de Geest van God werkzaam is in onze parochie? Laten we proberen de werking van de Geest te zien, laten we kijken of er gezamenlijk iets opgebouwd wordt, laten we kijken of de oude structuren met nieuw leven vervuld worden, of gebroken levens weer geheeld worden.
Een Afrikaans spreekwoord zegt: Een lege zak kan nooit rechtop staan. Onze parochie moet vervuld zijn met de Geest van Jezus, de gaven van de Geest moeten zichtbaar zijn, anders zijn wij leeg, leven wij niet van de Geest van Jezus. Niet iedereen zal de werking van de Geest van God in de wereld zien. Als wij een duidelijk beeld op ons televisiescherm willen krijgen, moeten wij ervoor zorgen dat onze antenne goed gericht is op het zendstation. Als wij de werking van de Geest van God in deze wereld duidelijk in beeld willen krijgen, moet ook heel ons wezen gericht zijn op die Geest.
Wie onder de werking van de Geest van God staat, zal gemakkelijk de werkzaamheid van die Geest waarnemen in de eenvoudige dienst van onze moeders tegenover hun kinderen, in de belangeloze arbeid van onze vaders om het dagelijks brood te verdienen voor vrouw en kinderen, in de voortdurende bereidheid tot verzoening in onze gezinnen
De Geest van God is werkzaam overal waar mensen zich met zorg inzetten voor sociale gerechtigheid en vrede, waar mensen bereid zijn broederlijk te delen met de kansarmen in de maatschappij. Gewoonlijk komt de Geest van God alleen in een zachte bries. Wij ervaren de komst van die Geest maar zelden als storm en vuur zoals de apostelen. De reden daarvan lijkt mij de volgende te zijn.
Wij bidden wel dat de Geest van God het aanschijn van de wereld zal veranderen, maar toch blijft bij ons alles bij het oude, wij staan huiverig tegenover alles wat nieuw is in de Kerk. Hoe zou dan de Geest van God als een vuur over ons kunnen komen, als wij onszelf niet telkens en telkens willen vernieuwen? Wij strooien dikwijls as op het vuur van de Geest door onze gemakzucht en hebzucht; hoe zou dan de Geest in ons als een vuur kunnen oplaaien? Hoe zou de Geest bij ons de vorm van een storm kunnen aannemen, als wij die Geest in ons doven door zelfgenoegzaamheid en zelfverzekerdheid? Wij strijken de zeilen voor de Geest. Als wij geen storm zijn, vallen anderen stil, als wij geen vuur zijn, komen anderen in de kou te staan.
Wat kunnen en moeten wij dus doen? Juist wat de apostelen gedaan hebben: eensgezind blijven, volhardend in het gebed om de komst van de Geest. Misschien gebeurt er dan ook bij ons een nieuw pinksterwonder.