De aanwezigheid van de Heer… Dat lijkt in tegenspraak met wat we vieren: hemelvaart. Afwezigheid op deze aarde… Maar hemel en aarde liggen niet zo ver uit elkaar als wij wel denken. De boodschap van deze hoogdag is heel eenvoudig: Jezus is in deze wereld niet afwezig, maar Hij is in ons dagelijks leven heel nabij. Er is reeds een stuk hemel hier op aarde, maar je moet dat leren zien.
Ik zou u dat duidelijk willen maken met een verhaaltje. Een vrome man vroeg aan God: “Laat mij toch de hemel zien”. “Dat wil ik voor je doen,” zei God, “zeg tot elk stukje aarde, waar mensen zijn die je graag ziet ‘hemel’, en je zult de hemel zien”. De man ging op weg en ontmoette zijn buurman. Neen, met die wilde hij niet in de hemel zijn, die kon hij niet lijden. Hij ging verder en kwam langs een speelplaats met vrolijke kinderen. Die waren hem veel te luidruchtig en hij dacht bij zich zelf: zoveel lawaai hoeft er voor mij in de hemel ook niet te zijn. Hij ging weer verder. Als hij een jongeman zag die in een rolstoel een oude, zieke vrouw voortduwde, vroeg hij zich af: “Moet dat soms de hemel zijn? In de hemel wil ik niet aan ziekte of ouderdom denken.” Toen hij, terug bij zijn vrouw, zich voorstelde dat hij met haar en met zijn vrienden in de hemel moest zijn, werd hij onzeker. Hij stelde vast dat hij de hemel niet had gevonden, hij had zich vergist met alleen aan zichzelf te denken.
Dan ging hij naar zijn vrouw en sprak tot haar een liefdevol woord. Als zijn buurman voorbijkwam groette hij hem vriendelijk met een handgebaar, en als dan de kinderen nog een bal in zijn tuin wierpen haalde hij die uit het struikgewas en gooide hem terug met een hartelijk woord. In de namiddag bezocht hij een man in het ziekenhuis. Hij vond nog veel meer mogelijkheden om zich om de wereld en de mensen te verheugen. Toen begreep hij dat hij een stukje van de hemel gezien had. Hij had God zelf ervaren en de hemel met zijn hart gezien.
En dat wil het feest van Ons Heer Hemelvaart ons duidelijk maken. Jezus is ervaarbaar in deze wereld, midden onder de mensen. Als wij een beetje leven met een geopende hemel dan kunnen wij Stefanus nazeggen: “Ik zie de hemel open en Jezus staande aan de rechterhand van God.” Wij zullen de levende tegenwoordigheid van Jezus ervaren daar waar mensen samen bidden, waar mensen samen het brood van lief en leed met elkander delen, waar mensen goed zijn voor elkaar. Dan zullen wij door de Geest van Jezus gedreven worden om wat Jezus zelf op aarde begonnen is verder te zetten, om het goede nieuws te brengen aan alle mensen en hun leven, hoop en liefde schenken. Op het eerste zicht lijkt die taak moeilijk, maar als wij het doen vanuit een liefdevol hart, dan zullen wij vrede en vreugde ervaren die niemand ons kan ontnemen. Dan zijn wij hier op aarde al letterlijk in de hemel.
Wij hoeven echt niet, zoals de leerlingen, naar de hemel te staren. Het is voldoende dat wij proberen op onze plaats, met onze mogelijkheden de wereld een beetje menswaardiger te maken, de aarde uit te bouwen tot een stukje hemel. Vaak zullen wij op een pijnlijke manier ervaren dat elk mensenwerk onvolmaakt is en dat de hemel nog niet voor deze wereld is. De nieuwe aarde en de nieuwe hemel waarvan Jezus spreekt zal een geschenk van God zijn en niet het werk van mensen. Maar God zal het niet doen zonder ons.