Het moet voor hen een moeilijke dag zijn geweest. En ook een droevige dag. Eindelijk was het hun nu duidelijk geworden dat hij voorgoed van hen weg was. Hij had hun gezegd dat ze daar blij om zouden moeten zijn. Dat het goed voor hen was dat hij weg ging, omdat ze anders nooit zouden ontdekken dat ze zelf met zijn Geest voorzien waren. ‘Als ik niet ga, zal de Geest niet over jullie komen. ‘ ‘Nu stuur ik jullie er op uit!’ ‘Zoals ik in deze wereld gezonden werd, zo zend ik jullie nu die wereld in.’ ‘En jullie zullen grotere dingen doen dan die ik gedaan heb.'
Het was G.K. Chesterton die ooit schreef: ‘Een echt groot iemand is degene, die anderen zich groot doet voelen.’ En een andere Britse auteur, H.G. Wells, schreef eens: ‘De ware test van grootheid is: wat liet de ander over aan jezelf.’ En hij voegde er aan toe: ‘Daarom is Jezus de grootste onder ons!’ We hebben die twee Engelse schrijvers niet nodig om ons dat te vertellen. We weten het allemaal uit ons eigen leven. We weten het van die ogenblikken dat anderen, die ooit voor ons verantwoordelijk waren, die verantwoordelijkheid aan ons overdroegen. Een ogenblik als toen we voor de eerste keer alleen naar school mochten gaan, en niet meer weggebracht werden. Een moment dat door zoveel andere dergelijke overdrachten gevolgd werd: een boodschap doen, een taak vervullen, zonder hulp een moeilijke puzzel oplossen, zelfde auto rijden, een baby verzorgen, of wat dan ook!
Vanaf het allereerste begin was dat de geschiedenis van God met de mensen geweest. God maakte Adam en Eva koning en koningin, verantwoordelijken en organisatoren. In Jezus doet God dat weer. Het is niet alleen Jezus die het licht van de wereld zal zijn, het is niet alleen maar hij die er het zout en de gist van is. Wij worden uitgenodigd dat licht, zout en gist te zijn. Hij zei hun terug te gaan naar de stad om daar te wachten op de macht, de kracht en de energie die hen zou omkleden. Ze gingen naar de stad om te wachten op zijn Geest die zich in hen zou gaan manifesteren.
Zijn hemelvaart is het laatste, goddelijke antwoord op de vraag, die we steeds weer rondom ons horen, en die we ook zelf zo vaak in de mond hebben: ‘Hoe kan God deze wereld verdragen? Waarom grijpt God niet in?’ God dééd dat, hij droeg ons de verantwoordelijkheid over, toen God ons voorzag met alles wat nodig is om die verantwoordelijkheid te kunnen dragen. Chesterton en Wells blijven gelijk hebben. De hemelvaart is de overdracht van verantwoordelijkheid. Het moment dat zijn volgelingen die verantwoordelijkheid op zich begonnen te nemen. Zijn hemelvaart is vanaf het begin, vanaf het allereerste ogenblik tegelijkertijd ook onze hemelvaart.