Mijn vrede geefik u... maar niet cadeau!

C-cyclus · Paastijd · 6e zondag van Pasen · wit

In de evangelielezing zegt Jezus: ‘Mijn vrede geef Ik u’. De eerste lezing, die in feite een gebeurtenis van jaren later beschrijft, voegt daaraan toe: maar niet cadeau. Dat is tenminste de ervaring van de eerste christenen.

Want een jaar of tien na het heengaan van Jezus dreigt de eerste christengemeenschap uiteen te vallen. Er is een conflict. Jezus was een geboren en getogen jood. En joden hebben een geweldige eerbied voor de wet van Mozes. Dat is geen vrijheidsbeknotting voor hen, maar een levensgezel, die richting en lijn geeft aan hun leven. Zij koesteren die wet, bijna zoals een moeder haar kind koestert. Het was dan ook vanzelfsprekend, dat de eerste christenen, die allemaal joden waren, hun eerbied voor de wet van Mozes behielden. Maar nu komt Paulus in contact met niet-joden, voor wie de wet van Mozes niet die betekenis had. En als deze mensen ook christen willen worden, vormt die wet van Mozes een groot obstakel. Paulus vindt het niet noodzakelijk, dat die niet-joden de hele wet van Mozes moeten onderhouden als ze toetreden tot het christendom. Daar lag de conflictstof. Daar dreigde de eerste scheuring in de kerk. Mijn vrede geef Ik u, had Jezus gezegd. Maar nu is er een conflict.

Nu zijn er bij een conflict altijd drie mogelijkheden: een scheiding, een oorlogsverklaring, of een zeer moeilijk gesprek.

Een scheiding is de makkelijkste weg, hoewel niet de beste. Dat hadden de eerste christenen kunnen doen. Uit elkaar gaan. Zeggen: jullie niet-joden, ga je gang maar, wij laten ons bij jullie niet meer zien, en zorg ervoor dat je ook bij ons weg blijft. Geen plezierige oplossing. Zeker niet, als je elkaar vandaag of morgen toch tegenkomt.

De tweede mogelijkheid is een oorlogsverklaring. Dan ga je natuurlijk voor jouw standpunt bondgenoten zoeken. Je zet die vervolgens tegen je tegenstanders op. Heb je genoeg bondgenoten, dan kun je je tegenstanders afmaken. Een veel gebruikte methode, in het groot en in het klein. Maar ze hebben deze methode niet gebruikt bij het conflict in de jonge kerk.

De derde mogelijkheid is een gesprek, hoe moeilijk dan ook. Dat is inderdaad de moeilijkste oplossing, maar wel de beste. Dat heeft de jonge kerk gedaan. Ze hebben hun standpunten uiteengezet. Keihard, zonder iets weg te slikken. Maar wel met het doel voor ogen: wij moeten eruit komen; wij moeten in vrede kunnen leven. De jonge kerk is er toen uit gekomen. Mijn vrede geef Ik u, had Jezus gezegd; ze kregen die vrede ook, maar niet cadeau.

Deze geschiedenis is voor ons allen van groot belang. Als er een conflict is, waar dan ook, nooit tegen de ander zeggen: met jou valt niet te praten, nooit weglopen, nooit de haak erop gooien, niet weigeren te praten of te luisteren.

Ook geen oorlogsverklaring en dan bondgenoten zoeken om die ander klein te krijgen.

Het beste is wat het moeilijkste is: praten. Zeggen wat je op je hart hebt, en luisteren naar wat de ander op zijn hart heeft.

Jezus belooft dan zijn vrede te geven. Hij geeft die ook, zij het niet cadeau.

Zoeken in Preken Online