‘De heilige Geest en wij hebben namelijk besloten…‘ Een forse uitspraak die op het eerste gehoor nogal pretentieus klinkt. In feite is het een beschrijving van de grondslag van ons bestaan. De aanwezigheid van de heilige Geest is die basis op twee manieren. De heilige Geest is een gift aan ons als individuele personen èn aan ons als interpersoonlijke gemeenschap.
In het verhaal - waarvan dit praktisch de slotwoorden zijn -raken enkele individuen met elkaar slaags over een disciplinair punt. Wat moeten de nieuwe dopelingen van niet-joodse afkomst doen met het joodse erfgoed van de eerste volgelingen van Jezus? Paulus sympathiseert met de nieuwelingen, die er weinig voor voelen allerhande vreemde gebruiken als verplichtingen op zich te nemen. De mannen hebben er bijvoorbeeld helemaal geen zin in besneden te worden ter ere van hun doopsel. Jakobus voorziet echter moeilijkheden.
Zal de oudere groep joodse christenen zich niet verraden voelen, denkend dat die nieuwlichters meenden dat zij het vroeger allemaal verkeerd gedaan hadden? Herkenbare situaties die zich in onze dagen op allerhande - niet alleen op kerkelijk - gebied nog steeds herhalen. Zowel Paulus als Jakobus zijn allebei hartstochtelijk toegewijd aan Jezus Christus en alles waar hij voor staat. Daarover bestaat geen enkele twijfel. Maar ze vertegenwoordigen verschillende houdingen, tijden, achtergronden en culturen.
De woordenwisseling was fel, schrijft Lucas. Overeenstemming scheen uitgesloten, totdat ze de gehele gemeente in het beslissingsproces inschakelden en er een oplossing gevonden werd. Een oplossing die doorklonk in de inaugurele speech van de nieuwe president van de Verenigde Staten, George Bush, toen hij zei: ‘in wezenlijke dingen eenheid, in bijzaken vrijheid, in alles liefde.'
Ze konden in die dagen zo tot overeenstemming komen, omdat ze meenden dat de heilige Geest zowel aan de individuele persoon als aan de gemeenschap gegeven was. Er schijnt niemand geweest te zijn die zei meer Geest te hebben dan anderen. Wij zien vaak over het hoofd dat we het binnen onze christelijke wereld op dat punt al meer dan duizend jaar niet meer eens zijn. Het is een van onze oudste verschilpunten. Het verschil dat de westerse en oosterse christenheid van elkaar gescheiden houdt.
Hoe is de heilige Geest aan ons gegeven? Het antwoord op die vraag heeft te maken met de hardnekkigste onenigheid in christelijke gemeenschap. De oude filioque-kwestie. Terwijl wij in het westen geloven dat de heilige Geest eerst aan het individu is gegeven en door de individuen aan de gemeenschap, meent men in het oosten dat de heilige Geest eerst aan de gemeenschap gegeven is, en door haar aan de individuele persoon. Het is een verschil dat nogal wat verschil maakt. Een verschil dat zelfs op het niet direct godsdienstige, maar seculiere vlak het Westen en het Oosten van elkaar scheidt. Toen enkele jaren geleden de presidenten van twee machtigste staten in de wereld elkaars volkeren op nieuwjaarsdag over de televisie toespraken, zei Ronald Reagan tegen de Russen, dat hij er op de eerste plaats in geïnteresseerd was om hun individuele persoonlijke vrijheden te garanderen, terwijl Michail Gorbatsjov tegen de Amerikanen zei, dat onze eerste zorg was om als mensengemeenschap een conflict te vermijden.
De twee opvattingen horen samen. Ze dienen elkaar aan te vullen. Johannes geeft de heilige Geest in de tekst voor deze week een naam, hij noemt haar paraclètos. Een woord dat moeilijk te vertalen is in het Nederlands. Het betekent helper, advocaat, trooster, raadgever, maar misschien is ‘ombudspersoon’ wel de beste vertaling. In al de nuances van die verschillende vertalingen wordt steeds weer een zaak aangegeven: de heilige Geest is er om ons te helpen het rijk van God hier in deze wereld te realiseren. Ze wordt ook wel de in-between, de ons-verbindende God genoemd. De bedoeling is de vrede en eenheid, die door haar toedoen en inspiratie onder ons verwezenlijkt zullen worden. ‘Vrede laat ik u na, mijn vrede geef ik u.’ In wezenlijke dingen eenheid, in bijzaken vrijheid, in alles liefde. Het wezenlijkste: die vrede en dat rijk van God. Dat was de reden dat hij onder ons kwam, en ons allen zijn Geest zond.