We spreken van een koninklijk paleis, de koninklijke familie, die hebben koninklijke waardigheid, we spreken ze aan met koninklijke hoogheid. En zo zijn er nog wel meer koninklijke dingen aan te geven. En bij koninklijk denken we toch aan iets voornaams, verhevens, iets dat met aanzien en macht te maken heeft. Dat zijn termen en begrippen uit onze gewone belevingswereld. Maar in die wereld past beslist geen Christus Koning. Die titel is totaal misplaatst als we denken aan aardse koningen met hun koninklijke macht en waardigheid.
Als we spreken over Christus Koning dan zitten we in een hele andere denkwereld, totaal wereldvreemd, maar bij wat nadenken misschien toch wel te vatten. Kijken we even naar het evangelie van vandaag. Het beschrijft de laatste uren van Jezus, aan het kruis, een afschuwelijke lijdensweg, een pijnlijk verstikkingsproces, nog verergerd doordat hij bespot wordt door de omstanders.
Maar bij deze scene de titel Christus Koning gebruiken lijkt wel de grootste bespotting die denkbaar is. En toch typeert deze tekst heel zuiver die Christus Koning, niet volgens onze gewone ideeën, maar volgens het evangelie. Niet als zodanig die man die daar hangt te lijden, niet als de man die daar bespot wordt, zelfs door een lotgenoot maar zoals hij zich uitsprak tot die andere lotgenoot, die we meestal de goede moordenaar noemen, je zou kunnen zeggen: een slecht mens met toch iets goeds in zich, geldt dat trouwens niet voor alle mensen, alle misdadigers die we het etiket slecht opplakken. Als u koning bent, redt u zelf, wordt er treiterend geroepen. Nee, hij redt niet zichzelf, maar wel die goede moordenaar die man die het toch voor hem opneemt, die vraagt om genade. Nog heden zult je met mij zijn in het paradijs.
Iemand die zoiets kan zeggen in die omstandigheden, die is koninklijk, die heeft koninklijke waardigheid. Het is de wereld op zijn kop, maar wel heel evangelisch. We koren vaker geluiden als: de eersten zijn de laatsten en de laatsten zullen de eersten zijn. Of: wie de eerste wil zijn, moet dienaar van allen zijn.
Dat is precies wat Jezus ons heeft voorgeleefd. Maar het past natuurlijk absoluut niet in ons gewone denken, zeker niet als we het woord koninklijk in de mond nemen. Maar in de evangelische wereld worden eenvoud, kleinheid, zwakheid tot koninklijke waardigheden.
Ieder normaal denkend mens zal dat onzin noemen. In een wereld van stand ophouden, op je strepen staan, gerespecteerd en liever nog geëerd willen worden, past die nederige eenvoud niet. En toch worden we uitgedaagd om er bij stil te staan.
Een voorbeeld, echt gebeurd. In de tijd dat pastoors nog in toog liepen met brede sjerpen en een grote keu op de rug, en de meeste dekens nog paars mochten dragen en dat ook volop deden was er in Nijmegen een vergadering voor priester en dekens. En de meeste eerwaarde heren waren in vol ornaat, en toen kwam bisschop Bekkers binnen, in een gewoon zwart pak. Dat was van evangelisch, van koninklijke eenvoud.
Tegelijk moeten we beseffen dat Jezus’ koningschap toch een dimensie dieper gaat dan uiterlijk opsmuk en franje. Die zit van binnen, in het hart van de mens. Niet zichzelf willen redden, niet de kreet: help eerst jezelf, maar: redt de ander, help de ander, dat is koninklijk.
Op een hele letterlijke manier is dat gedaan door Maximiliaan Kolbe. In een Duits concentratiekamp nam hij vrijwillig de plaats in van een vader van een gezin die gefusilleerd ging worden. Dat was koninklijk, in de zin dat Jezus koninklijk was.
Als je dat ze hoort, kan ik me voorstellen dat u denkt: dat moet ik daarmee? Daar kan ik toch niets mee? En toch als wij de weg van Jezus willen gaan, dan zouden ook wij iets moeten hebben van: anderen voor laten gaan in bepaalde situaties.
Bijvoorbeeld: een avond die je voor jezelf gereserveerd had toch besteden om naar iemand te gaan die het moeilijk heeft. Of: een vacantie niet door laten gaan om voor een zieke moeder te zorgen. Of: ondanks alle drukte toch even tijd vrijmaken om een zieke in het ziekenhuis op te zoeken. Dat evangelisch koninklijke zit in eenvoudige kleine dingen, maar het heeft wezenlijk te maken met: anderen even voor laten gaan. Maar dat is moeilijk genoeg.
Christus Koning C (1998)
C-cyclus · Tijd door het jaar · Christus koning · wit