zusters en broeders,
Angst is een slechte raadgever.
Altijd al geweest…
En toch is het de grondhouding van nog steeds zeer veel mensen, en dat is bijzonder jammer.
Gek genoeg ook van religieus bewogen mensen… Van die mensen van wie je redelijkerwijs zou mogen aannemen dat zij hun wegen gaan met God.
Als wij onze wegen gaan met God, van wie zijn we dan bang?
Van God zelf?
Of van onszelf?
Van onszelf, omdat we bij momenten moeilijk weg kunnen met de radicaliteit van het evangelie misschien…
Of omdat we zo moeilijk tegenwicht kunnen bieden aan de spotters, die al wat Kerk en geloof aangaat maar al te graag snerend van tafel vegen…
Misschien zijn we wel bang dat de nieuwe inzichten in kerkbeeld, theologie en liturgie, toch niet de juiste zijn, en wij, met al die nieuwlichterij, stillekes bezig zijn voorgoed ten onder te gaan…
Soms zou je er bijna moedeloos van worden, hoe sterk die angst bij mensen blijft leven. Moedeloos hoe door zovele doorbrave mensen elke avond weer gebeden wordt tot een verschrikkelijke, angstaanjagende God.
Zo is onze God niet…
Onze God stuurt geen rampen op ons af om ons te straffen.
Onze God maakt niet elke avond opnieuw onze rekening, van dit en dat was goed maar hier en daar is er zware zonde…
Tenandere, dat is ons werk… om zo te kunnen groeien in liefde tot God en de mensen…
Want dat is het waar het telkens weer over gaat.
Groeien in liefde voor God en de mensen, al de rest is bijzaak omdat al de rest daaruit volgt.
Een van de voorbije dagen vond ik in mijn brievenbus een boekje dat door de getuigen van Jehova wordt verspreid.
Een vluchtige lezing van het druksel leerde mij dat het einde van de wereld nabij is en dat ik mij ten stelligste moest bekeren, wilde ik niet voor eeuwig verloren gaan.
Het geval was geïllustreerd met prentjes waar ‘Brocanteurs’ tegenwoordig nog geld voor geven en, ook al ter illustratie, stonden er verzen bij uit het evangelie dat wij met zijn allen zopas aandachtig hebben beluisterd…
Ik dacht spontaan aan die valse profeten waar het evangelie over spreekt: mensen die de dagelijkse nieuwsberichten aanhalen om in te spelen op de primaire angst van zeer veel mensen.
Daar waar Jezus zelf op het hart drukt: hoed u voor zulke mensen en wees niet bang.
Wees niet bang,
Het komt in het evangelie telkens en telkens weer terug,
En we horen het heel dikwijls maar half, maar het is van cruciaal belang.
Telkens en telkens opnieuw klinkt het als een refrein: wees niet verontrust, wees niet bang, vrees niet, laat uw hart niet verontrust worden.
Onze Boodschap is een goede boodschap, is een blijde boodschap, die spreekt van leven, voorbij de pijn van alle dagen, voorbij het verdriet waar wij allen mee leven…
Wij moeten niet bang zijn, want God bemint ons, hij ziet ons gaarne.
En de tegenspoed waar wij allen in delen is nooit een straf van God, Nooit!
Het enige verband tussen God en tegenslagen, is dat God ons in de tegenheden van het leven nabijkomt, dat hij ons niet in de steek wil laten, ons niet wil loslaten…
Het spijtige is,
Dat wij dat niet altijd voelen,
Dat wij dat niet altijd zien…
Misschien willen wij het niet zien…
Omdat wij ons zo graag in het klagen koesteren…
Maar God is er wel.
En hij gaat met ons me door het leven.
En zo nu en dan herkennen wij hem…
In een woord dat een mens tot ons spreekt, in iemand die ons wakker schudt en bemoedigt om een stap voorwaarts te zetten in het leven…
Weet ik veel…
Van God weten we niet veel…
Wel dat hij liefde is, en mensen nabij is, en ons aanspoort om het goede te doen, en als vrije mensen, zonder angst, te kiezen voor het leven…
Zonder angst,
Kiezen voor het leven
Vrij zijn…
AMEN
33e zondag door het jaar C - 2004
C-cyclus · Tijd door het jaar · 33e zondag · groen