25e zondag door het jaar C - 2004

C-cyclus · Tijd door het jaar · 25e zondag · groen

GELD, MACHT OF MIDDEL?

Hetgeen wij verdiend hebben met inspanningen en zwoegen,
beschouwen wij heel spontaan en natuurlijk
als volledig en totaal onze eigendom.
“Mijn loongeld, mijn auto, mijn huis, al wat ik verdiend heb,
daar doe ik toch mee wat ik wil.
Ik ben daarvoor niemand verantwoording schuldig.”

Is dat wel waar?
Wie heeft ons, om dat geld te verdienen,
de kans gegeven, de gezondheid,
de gunstige omstandigheden, het vertrouwen?
Als wij even dieper nadenken dan moeten wij toegeven
dat wij dikwijls en op vele domeinen
meer kansen hebben gekregen
dan wij prestaties hebben geleverd.

Het evangelie heeft hierover een originele visie
en zegt dat wij eigenlijk rentmeesters zijn,
geen eigenaars dus, maar beheerders van Gods schepping.
De goederen, de dingen die wij hebben,
zijn eigenlijk niet onze eigendom,
maar wij hebben die in bruikleen gekregen.

Natuurlijk is het evangelie
niet tegen het recht op persoonlijk eigendom,
want dit is een alom erkend middel
om de waardigheid van de mens te affirmeren.
In landen waar uitbuiting en willekeur door machtigen bestaat,
zal het evangelie de eerste moeten zijn
om dat recht op eigendom te verdedigen.
Maar waar dat recht veroverd is
en gerespecteerd wordt,
daar waarschuwt het evangelie ons
tegen de excessen van een overdreven individualisme.
De Blijde boodschap van Gods droom over de wereld
leert ons het geld en het goed
dat wij verwerven, bezitten en vermeerderen
nooit te zien als een eigendom
waarover wij willekeurig, hooghartig en zelfgenoegzaam
zouden mogen beschikken,
maar het steeds te blijven erkennen
als een geschenk dat een verantwoordelijkheid inhoudt.
Geld en goed zijn gaven
waarvoor wij dankbaar moeten blijven
en die wij moeten gebruiken, nooit voor onszelf alleen,
maar steeds volgens Gods bedoeling,
dit is in principe voor het hele mensdom,
daar Hij de Vader van allen wil zijn.

In de visie van het Rijk Gods
zijn wij dus rentmeesters.
Als wij onze huidige wereld willen helpen groeien
naar de wereld zoals God die droomt,
dan mogen wij ons niet gedragen
als pretentieuze eigenaars van onze rijkdommen,
maar als dankbare beheerder van Gods schepping.

Velen leven zonder God,
omdat zij baas willen zijn
over hun eigen leven, handel en wandel.
Maar gelovigen erkennen uit vrije wil
dat er Iemand is tegenover wie zij
verantwoording af te leggen hebben.
Een rentmeester moet rekenschap geven over zijn beheer.

Daarbij moeten wij niet onmiddellijk denken
aan het oordeel bij onze dood, ná ons leven.
God vraagt eigenlijk rekenschap
te midden van ons leven.
Wij moeten immers altijd klaar staan
voor de komst van het Rijk Gods nu!

Welnu wij zijn allemaal voor een deel
verkwistende rentmeesters,
dat wil zeggen beheerders die de gekregen goederen
niet volledig gebruiken zoals ze door God bedoeld zijn.
Wie besteedt er nu nooit eens iets
aan zichzelf of aan zijn eigen plezier?
Maat het is wel goed dat wij regelmatig
herinnerd worden aan wat onze keuze eigenlijk zou moeten zijn.
De parabel nodigt ons uit - vermits de tijd dringt -
tot een uiterst edelmoedige zet, zonder verder uitstel.

Op een cruciaal crisis-moment beslist de rentmeester
radicaal van handelwijze te veranderen;
Het geld dat hem was toevertrouwd
gaat hij op dat moment niet meer aanwenden
zoals een eigenaar spontaan doet\

  • geld bijwinnen, kleintjes laten krijgen,
    van de geldmacht gebruik maken
    om interest en commissieloon te eisen -
    maar hij gaat het gebruiken als een middel
    om zijn menselijke verhoudingen te verbeteren.
    Een echte bekering dus.
    Een relatie van macht, woeker en oneerlijke winst,
    gaat hij ombuigen tot een vriendschapsrelatie
    gebaseerd op strikte rechtvaardigheid.

    Een parabel probeert ons altijd
    op een bepaald punt tot bekering te bewegen,
    tot een ander handelwijze te brengen.
    Hier worden wij aangespoord
    ons geld niet te gebruiken als een macht om onszelf te verrijken,
    maar als middel om de relaties in Gods schepping te verbeteren.
    Dat is de meest edelmoedige zet die van ons gevraagd wordt,
    zonder verder uitstel.

    Meteen krijgen wij hierbij de houding van het evangelie
    tegenover het geld: “Gij kunt niet God dienen én de geldduivel!”
    Het evangelie zegt niet dat wij ons van alle geld moeten ontdoen.
    Dat zou onrealistisch zijn. Geld is immers onmisbaar.
    Het evangelie zegt wel dat wij het goed moeten gebruiken,
    maar voegt er waarschuwend aan toe dat dit heel moeilijk is.
    Jezus aarzelt niet het geld een bedrieglijke duivel te noemen
    om aan te duiden dat de men erdoor bezeten kan geraken.
    Geld is inderdaad een macht die ons\
  • als wij niet scherp opletten -
    spontaan doet overhellen naar één bepaalde kant:
    naar hebzucht, individualisme, bedriegerij,
    onrechtvaardigheid, afgunst en verdeeldheid.
    Hoeveel families vallen niet uiteen omwille van het geld?
    Hoeveel religieuze gemeenschappen
    geraken niet uitgeblust omwille van de rijkdom?
    Geld is een voortdurende bedreiging
    omdat het de mens spontaan ertoe brengt
    met die macht voor zichzelf meer rechten op te eisen
    die heel vlug onredelijk en onrechtvaardig worden.
    En wij zeggen nogal snel: “Bij mij is dat niet zo”
    Tot het leven ons eens in een crisis stort
    waarbij wij ons laten gaan,
    waarbij wij ons zwak voelen, kwetsbaar of eenzaam.
    Als wij dan geld hebben, dan gebeuren er ravages.

    En toch is geld inderdaad onmisbaar
    en kan het goed aangewend worden.
    Juist omdat wij vrije en verloste mensen zijn,
    kunnen wij van het geld
    in plaats van een machtsgod een rechtsmiddel maken,
    een middel om rechtvaardigheid te bevorderen.
    Maar dat zal een voortdurende aandacht
    en strijd tegen onze eigen zelfzucht vragen.

    Het evangelie van vandaag wil ons uitnodigen
    tot dit kordaat besluit:
    Ons niet te gedragen als hooghartige eigenaars
    die de geldduivel en hun zelfzucht dienen,
    maar als dankbare rentmeesters
    die geld en goed beheren volgens Gods bedoeling,
    d.w.z. in dienst van de rechtvaardigheid.

Zoeken in Preken Online