Iets kwijt raken is heel vervelend, vooral als het iets is waar je erg
aan gehecht bent of wat je hard nodig hebt. Het verlies van een balpen
of een paraplu kunnen we positief zien omdat we daarmee de kunst van
het zoeken op peil houden, maar veel beroerder is het om de deur- en
autosleutels te verliezen of het bankpasje. Paniek tijdens het zoeken
levert meestal niets op; een gebedje tot de heilige Antonius kan in elk
geval helpen die paniek te bestrijden. Een bruikbare tip is het om
rustig na te gaan waar we het verlorene het laatst nog gezien of
gebruikt hebben en waar we daarna zoal zijn geweest. We hebben lang
niet altijd meteen in de gaten of we iets kwijt zijn. Tot we het opeens
nodig hebben. Daar kan een middagje stappen of nog veel langer overheen
gegaan zijn. Dat maakt het terug vinden een heel stuk moeilijker en de
verleiding is groot om moedeloos of trots ons zelf wijs te maken dat we
het misschien best kunnen missen.
Het grootste goed dat we
tijdens ons leven kunnen kwijt raken is ons levensdoel, het zicht op
onze oorsprong en meer nog op onze bestemming. Die twee verhalen uit
het evangelie van vandaag gaan daar over. We hebben misschien niet zo
veel begrip meer voor die vrouw en de drukte die zij maakt over een
muntje dat ze kwijt is. Zoals het met die zoon gaat, ja dat komt meer
voor. We zouden het zelf kunnen zijn, want heel veel mensen in onze
tijd zijn hun levensdoel kwijt geraakt en leven er maar zo
Terugvinden (2007)
C-cyclus · Tijd door het jaar · 24e zondag · groen